Een dubbele coming-out: verliefd op orthodox geloven. Een portret: Bert De Leenheer

Ook God woont in Leuven - Orthodoxie

25 March 2019
Profiel
Auteur(s): Mirjam Eren
Op een vrijdag in KUp ontmoet ik de 69-jarige Bert, alias Ignati, een kleurrijk man met een al even kleurrijk religieus leven. Enkele jaren geleden verloor hij zijn hart aan het orthodoxe geloof.

Bert De Leenheer groeide op onder de kerktoren van het Oost-Vlaamse Temse in een katholiek gezin. Ondanks de nabijheid van de kerk haakten zijn oudere broer en zus op een gegeven moment af van het geloof. ‘Ik begreep niet waarom en verzette me ertegen. Tien jaar later was het bij mij ook zover.’ Waarom? Bert was de voeling met het geloof verloren. ‘Bovendien was ik veel met kunst bezig en dan heb je eigenlijk al een religie in huis.’ Berts interesse voor kunst werd gewekt door de uitspraak van de Zwitserse kunstenaar Paul Klee: ‘Kunst is niet het zichtbare weergeven, maar zichtbaar maken.’ Daarin vond Bert tevens de basis voor zijn religieuze beleving.

Ik was veel met kunst bezig en dan heb je eigenlijk al een religie in huis

De kerktoren, kunst en keuzes

Op zijn 18e speelde Bert met het idee priester te worden. Hij verbleef twee maanden in het priesterseminarie in Drongen bij Gent, maar merkte al snel dat de toen op stapel zijnde vernieuwingen binnen de katholieke Kerk – zoals de afschaffing van het celibaat – hun ingang nog niet gevonden hadden in de praktijk en dat wellicht ook niet meteen zouden doen. Bert besloot te vertrekken en koos voor zijn man. ‘We kennen elkaar nu 48 jaar en sinds tien jaar zijn we een getrouwd stel’, vertelt Bert glunderend. ‘Zodra ik wist dat ik homo was, ben ik daarvoor uitgekomen. Het is een deel van wie ik ben, ik vind het belangrijk dat mensen dat weten.’

Samen met zijn echtgenoot koos Bert in 1988 voor zijn andere grote liefde: kunst. Het koppel opende een kunstgalerie in Leuven, Transit. Een lange tijd was Bert niet meer echt met geloof bezig. ‘Tot het moment waarop één van onze kunstenaars een tentoonstelling hield in Kiev en we besloten daarheen te gaan.’ In Kiev ontmoette Bert het orthodoxe geloof en zo leidde kunst hem alsnog naar religie.

Een nieuwe wereld

In Kiev bezocht Bert het Lavra-klooster, een van de mooiste orthodoxe kloosters in Europa, met een volledig ondergronds gangenstelsel. ‘De intensiteit van dat bezoek is niet te verwoorden.’ Bert spreekt er nog steeds vol bezieling over. Na het bezoek vroeg een orthodox seminarist, Oleg, hem op de man af: ‘Do you believe?’ Het vuur in de mans ogen bleef nazinderen bij Bert en terug in België startten ze een e-mailcorrespondentie. Vele mails en een half jaar later ging Bert terug naar Oekraïne. Wanneer hij Oleg terugzag in het station van Kharkiv, de Oekraïense stad waar zijn vriend toen verbleef, zei die hem zijn rugzak achter te laten, ‘die heb je niet nodig.’ ‘Het voelde voor mij als binnenstappen in een nieuwe wereld.’ 

Bert werd helemaal ondergedompeld in het orthodoxe geloof en betoverd door de Byzantijnse gezangen tijdens de liturgie en door hun filosofie niet te oordelen en niemand te veroordelen. Na vier dagen vroeg Oleg hem – in een hobbelend busje nota bene – of hij misschien niet orthodox wilde worden. ‘Ik dacht, als ik nu niet ja zeg, zal ik nooit weten wat het orthodoxisme eigenlijk allemaal te bieden heeft.’ Dus Bert zei j-j-ja (dat hobbelend busje) en ontving een zalving en een nieuwe naam: Ignati, de naam van de orthodoxe heilige het dichtst bij zijn verjaardag. ‘Ik ben heel blij met die naam. Hij wakkert iets in me aan, zet me in beweging.’

Ik wil niet shoppen tussen verschillende religies, maar meer oecumene is een noodzaak, we hebben van elkaar veel te leren

De volgende dag reisde Bert, intussen Ignati, naar Kiev waar hij in datzelfde Lavra-klooster de ochtendmis mee volgde. ‘Even later stond ik op een klein binnenplein en wat ik daar ondervond, voelde als een zuiverende douche, een lichtzuil rondom mij, het leek of ik zweefde.’ De vreugde die hij daar ervoer werd een roes die weken duurde. Bert voelde nog steeds die kracht toen hij terug in België aankwam. ‘Mijn man moet gedacht hebben, waar komt ‘m nu weer mee af’, lacht Bert. ‘Van mensen die niet weten wat het orthodoxe geloof is, kreeg ik soms wel te horen: ‘waar laat je je nu weer aan vangen.’ Een groot misverstand rond orthodoxen is dat ze allemaal conservatief zijn. Het is wel zo dat de orthodoxie wil teruggaan naar de bron, naar de traditie van de kerkvaders, maar het is zeker niet zo dat alle orthodoxen daarom conservatief zijn.’

Orthodoxie in België

In België ging Bert op zoek naar plekken om het orthodoxe geloof te beoefenen en deed dat in eerste instantie via het ROCOR-netwerk (Russian Orthodox Church Outside Russia). In Mechelen hielp Bert een orthodoxe priester met het opstarten van zijn parochie, tot hij enkele maanden later bij hem moest komen. ‘Ik ben vrij open over de relatie met mijn man. Hij had dat opgevangen en heeft me geëxcommuniceerd voor twee jaar. In de orthodoxie mag je wel homo zijn, maar je mag er blijkbaar niet voor uitkomen door te trouwen met een man. Toen ik dat vertelde aan de orthodoxe priesters van het Oecumenish patriarchaat, die ik intussen had leren kennen in België, waren die gechoqueerd.’ Bert verkende de orthodoxe gemeenschappen in België, van Gent tot Antwerpen tot Kortrijk, en belandde uiteindelijk in de Brusselse parochie H. Martin en H. Silouan, waar hij zich het meest thuis voelde.

Het is wel zo dat de orthodoxie wil teruggaan naar de bron, naar de traditie van de kerkvaders, maar het is zeker niet zo dat alle orthodoxen daarom conservatief zijn

Bert kwam ook terecht in de oecumenische gespreksgroep in Mechelen. Deze ervaring veroorzaakte een grondige wending in Berts relatie met andere kerken. Hij kwam binnen in de gespreksgroep als orthodox, maar leerde gaandeweg ook de Jezuïeten kennen via hun dienst in Mechelen en woonde daar ook de liturgie bij – ‘die mag je echt niet missen’. ‘Uiteindelijk zijn we allen christenen en ga ik gewoon op zoek naar waar en op welke manieren ik mijn geloof het beste kan beleven. Ik wil niet shoppen tussen verschillende religies, maar meer oecumene is een noodzaak, we hebben van elkaar veel te leren.’

Levenslang leren

Bijna een halve eeuw nadat de negentienjarige Bert zijn studie TEW aanvatte aan de KU Leuven, besloot Ignati enkele jaren geleden terug te komen naar de universiteit. ‘Om me te verdiepen in het orthodoxe geloof, was ik veel beginnen lezen. Ik dacht: waarom niet terug gaan studeren? En aangezien ik in mijn studententijd eigenlijk altijd al jaloers was op theologiestudenten, was de keuze nu ook vrij voor de hand liggend.’ 

Bert schreef zich in aan de KU Leuven als Ignati en vatte de bachelor Theologie aan. Schrik om terug te komen studeren had Bert niet. ‘Ik merk dat studenten het leuk vinden om een oudere student in hun les te hebben. We schelen twee generaties, maar de studenten zijn heel open en nieuwsgierig, ze leren graag bij van iemand met levenservaring. We zijn intussen echt vrienden geworden.’ Ook op de Indiareis vorig jaar leerde Bert – naast Oosterse religies als het boeddhisme, hindoeïsme en sikhisme – zijn klasgenoten veel beter en dieper kennen.

‘Ik ben de KU Leuven heel dankbaar, maar ook mijn medestudenten, omdat ze mij aanvaard hebben. Terug in Leuven komen studeren heeft me zeker ook geholpen in het vinden van mijn geloof, in wat ik juist zo mooi vind aan de orthodoxie, namelijk het heilige; dat ze in haar puurheid het hogere nastreeft. Dat vind ik prachtig.’