Het Interbellum, decennia van verandering

De Ommekeer: Het interbellum

02 December 2015
Longread
Het Interbellum: de periode dat de Grote Depressie de wereld onderuit haalde, de democratie door velen als voorbijgestreefd werd gezien en men ondertussen op de rand van de vulkaan feestte.

Vanaf begin jaren '20 worden voor het eerst vrouwelijke studenten toegelaten aan de universiteit. Leuven is daarbij een laatkomer in België. De meeste Rijksuniversiteiten van het land hadden hun deuren al veel eerder opengezet voor vrouwen. "De bisschoppen bleven het been echter stijf houden," vertelt universiteitsarchivaris Mark Derez. Omdat de KU Leuven een privé-instituut is, kan de overheid de universiteit ook niet dwingen vrouwelijke studenten aan te nemen.

Na de Eerste Wereldoorlog is de situatie niet meer vol te houden. Dat heeft evenzeer met emancipatie als met praktische overwegingen te maken. "Men had immers vrouwelijke leerkrachten nodig om in de hogere jaren van het middelbare meisjesonderwijs les te geven," zegt Greet De Neef van het Katholiek Documentatie- en Onderzoekscentrum voor Religie, Cultuur en Samenleving (KADOC).

"Je mag dat niet overschatten," vult Jo Tollebeek, historicus en decaan van de faculteit Letteren, aan. "De werelden bleven heel erg gescheiden."


Meisjes verbleven in aparte, afgesloten PEDA's als het Atrechtcollege met een strikte avondklok. "De Boom Van Het Groot Verdriet," die nog steeds aan de ingang van het college staat, is de plaats waar verliefde studentenkoppels 's avonds afscheid van elkaar moesten nemen. Sommige studentes werden zelfs onder begeleiding van nonnen naar de aula's geëscorteerd en ook in de aula's zelf heerste een strikte scheiding van geslachten. Meisjes zaten vooraan, daarna een rij met geestelijken en pas daarachter namen de mannelijke studenten plaats.

"De oerknaltheorie vond men toen zelfs niet echt wetenschappelijk"

Geert Vanpaemel, wetenschapshistoricus

SCHOORVOETENDE VERNEDERLANDSING

In dezelfde periode eisen de Vlaamse studenten dat er voortaan colleges parallel in het Nederlands ingericht worden. Voor de oorlog en in de jaren '20 worden langzaam een aantal Nederlandstalige colleges ingericht, maar tegelijk zijn er opstootjes tussen Vlamingen en Franstaligen. Er wordt zelfs een Vlaamse student ernstig verwond door een revolverschot. De Vlaamse studentenverenigingen leven op gespannen voet met de academische overheid.

"Wanneer in 1930 Gent wordt vernederlandst, is dat een spoorslag voor Leuven om dat proces te versnellen," legt Derez uit. "In Gent had dat een enorme politieke strijd gegeven, waarbij een aantal proffen vertrokken waren, en dat wilde Leuven niet meemaken," vult Tollebeek aan. De universiteit begint ook Vlaamse studenten aan Gent te verliezen. In sneltempo worden tweetalige colleges ingericht en tegen midden jaren '30 is de evolutie voltooid.


"De oplossing lag voor veel studenten in een ‘Revolution von Rechts'"

Louis Vos, historicus

OERKNAL VAN DE KOSMOLOGIE

Tegelijkertijd voltrekt zich te Leuven één van de grootste revoluties binnen de fysica. De priester George Lemaître lanceert in die periode immers zowel de theorie van de oerknal als die van het uitdijende heelal. Vooral onder invloed van hoogleraar Mercier, later kardinaal, wordt de universiteit aan het einde van de 19e eeuw de moderniteit ingejaagd, onder andere door de oprichting van het HIW. "De studenten filosofie waren vooral seminaristen die de laboratoria ingejaagd werden," legt Derez uit, "Men had de achterstand ingehaald en Lemaître was daar een product van."

Toch worden zijn ontdekkingen niet meteen op applaus onthaald. "De oerknaltheorie vond men toen zelfs niet echt wetenschappelijk,” verduidelijkt wetenschapshistoricus Geert Vanpaemel, "maar zijn theorie over het uitdijend heelal werd wel heel snel au sérieux genomen." Dat juist een priester de big bang ontdekte, is volgens hem niet eens zo vreemd: "Hij zei dat hij wel het wanneer en hoe van het begin van de wereld kon aangeven, maar niet het moment van de schepping. Daar kon hij vanuit de wetenschap geen uitspraak over doen. Lemaître kon geloof en wetenschap dus wel sterk gescheiden houden," benadrukt Vanpaemel.

DEMOCRATIE EN AUTORITARISME

Terwijl de KU Leuven er tijdens het Interbellum op verschillende vlakken op vooruit gaat, raakt de parlementaire democratie echter in ademnood. Meer en meer regeringen bezwijken onder druk van totalitaire ideeën. Ook de universiteit ondergaat de invloed van een veranderende maatschappij. Vooral het fascisme is voor sommige professoren en studenten een aantrekkelijk alternatief voor de falende democratie. "In de intellectuele wereld van de universiteit werd nagedacht over wat te doen met de parlementaire crisis en daarbij werd de rechtse retoriek overgenomen," bevestigt Tollebeek.

Zo is rector Van Waeyenbergh bijvoorbeeld betrokken bij het studiecentrum Lippens. Daarin denken leden uit het Belgische establishment, onder andere met steun van Leopold III, na over een alternatieve, meer autoritaire regeringsvorm voor België. De rector schrijft wel niet zelf mee aan het rapport over onderwijs, maar via discussies is zijn stem wel aanwezig. Concreet worden de plannen echter nooit, laat staan dat de leden van het centrum steun verlenen aan de Duitsers. "Het was eerder een intellectuele wereld waar met een zekere dedain over de massa en verkiezingen werd gesproken," verduidelijkt Tollebeek.

In de aula's zelf heerste een strikte scheiding van geslachten

Ook studenten blijven niet ongevoelig voor de politieke verleidingen van het fascisme. "Veel studenten vonden dat de crisis het failliet bewees van het individualistisch liberalisme,” schrijft Louis Vos, professor emeritus geschiedenis, in het Belgisch Tijdschrift voor Nieuwste Geschiedenis. "De oplossing lag voor veel studenten in eenRevolution von Rechts, en de opbouw van een nieuw volks-christelijke orde."

De Leuvense studentenbewegingen vormen daarbij vooral een vormingscentrum waar die nieuwe ideeën tot ontwikkeling komen. Een aantal studenten belanden, vaak via Nieuwe Orde-partijen als het VNV en Verdinaso, in de collaboratie.

Zelfs de latere rector Pieter De Somer wordt aangetrokken tot het idee van een maatschappij bestuurd door een sterke Kerk en Staat. Derez nuanceert echter: "De Somer speelde tegelijk een grote rol in Universitas, het hoogstudentenverbond voor katholieke actie. Die hebben net een hele groep studenten van het fascisme en collaboratie weggehouden." Universitas bood immers een aantrekkelijk rechts maar wel katholiek programma aan dat zich vanuit dat geloof ook verzette tegen het racisme van extreem-rechts. "Dat was een rechts, katholiek publiek maar dat betekent niet dat het fascisten waren," benadrukt Derez.