Lezersbrief: Do Black Lives Matter?

Johan Lievens, doctoraatsonderzoeker Grondwettelijk Recht

26 February 2018
Lezersbrief
Auteur(s): Schrijver
VRG organiseerde afgelopen week een panelgesprek over Black Lives Matter. "Racisme en discriminatie. Ook bij ons?" vroeg de affiche ons.

Dat het antwoord op die vraag niet volmondig “neen” zou zijn, zullen de meeste aanwezigen wel hebben zien aankomen. Dat ook de avond zelf - alle goede bedoelingen ten spijt - een aantal scherpe kantjes had, kwam enigszins als een verrassing.

Laat me beginnen met lof. Dat VRG het engagement aangaat om dialoog en leerkansen te genereren rond diversiteitsthema’s is bewonderenswaardig. De stevige opkomst bevestigde alleen maar dat er nood is aan dit soort evenementen. Praktisch valt er weinig aan te merken op de professionele aanpak van VRG. En ook ik had op voorhand geen grootse bedenkingen bij het panel dat voor dit concrete evenement was uitgenodigd: young influencers Nozizwe Dube en Sandrine Ekofo, professor wereldgeschiedenis Patrick Pasture, coördinator van het Afrika Platform van de UGent Annelies Verdoolaege en muzikant en activist Kriticos. En dit alles gemodereerd door Peter Verlinden. Kan niet misgaan, zou je denken.

En toch.

Minstens vier momenten deden me ongemakkelijk op m’n stoel schuifelen.

1. “Jij spreekt al zo goed Nederlands!”

Nozizwe Dube is voormalig voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad, Young European of the Year 2017 en een van de meest actieve en bekende studenten van de Leuvense rechtsfaculteit. Iemand die bij het publiek van een panelgesprek over racisme en discriminatie welbekend is, zou je denken. Toch slaagde de moderator er in zijn eerste vraag aan haar – “hoe lang ben je nu al in België?” – te laten volgen door: “Jij bent er nog maar negen jaar en toch spreek je al zo goed Nederlands.”

Dat hij die opmerking zonder de minste gêne aanvulde met de bekentenis dat zijn vrouw, die uit Rwanda komt, altijd zegt het verschrikkelijk te vinden als mensen opmerken hoe goed ze Nederlands kan, maakte het alleen maar hallucinanter.

Nadien las ik trouwens hoe Nozizwe Dube in Zwart de herinnering oproept aan een gelijkaardige opmerking – de eerste van zovele? – toen ze anderhalf jaar in België was. Later op de avond zouden zowel panellid Sandrine Ekofo als een student uit het publiek nog getuigen over hoe vervelend het soms is dat blanke Vlamingen er altijd maar van uit lijken te gaan dat ze wel geen Nederlands zullen kunnen.

2. Waarom zijn we de avond niet gestart met de vraag ‘Waar draait Black Lives Matter om?’

Patrick Pasture is hoogleraar Europese en wereldgeschiedenis. Al tijdens de introductie verklapte de moderator ons dat de professor eigenlijk geen expert is inzake Afrika, (de)kolonisering of racisme. Toch bestonden de eerste 10-15 minuten van het panelgesprek – dat dus net over die onderwerpen zou gaan – louter uit een een-op-een gesprek tussen (blanke) moderator en (blanke) professor. Hoewel ik Patrick Pasture’s aanwezigheid op andere punten waardeerde – bv. zijn duiding bij eurocentrisme in de studie van filosofie, geschiedenis – was dat eerste kwartier best gênant.

“Is dit nu zo’n voorbeeld waar door feministen wel eens op gewezen wordt, van hoe een blanke man makkelijker uitnodigingen aanvaardt voor panels, ook als hij de expertise ontbeert?” vroeg ik me af. En: “Waarom zijn we de avond niet gestart met de vraag ‘Waar draait Black Lives Matter om?’ Of nog concreter, een vraag aan Kriticos – die pas toen er vragen uit het publiek kwamen bij het panelgesprek betrokken zou worden – over zijn rol in Black Lives Matter Brussels?” “Is het niet gek”, schoot het uiteindelijk zelfs door m’n hoofd, “dat de twee professoren in het panel blank zijn? En de drie zwarte gasten young influencers waaraan de moderator vooral vraagt ‘hoe zij die dingen ervaren’ en of ze ‘geen grote verantwoordelijkheid voelen’?”

3. “Het is toch niet racistisch dat er geen niet-westerse filosofen aan bod komen in een vak fundamentele wijsbegeerte?”

Tijdens het panelgesprek vermeldde Nozizwe Dube haar cursus Fundamentele Wijsbegeerte: een inleiding in de filosofie waarin 20 filosofen aan bod kwamen, allemaal westers, allemaal blank. Dat leverde haar een vraag uit het publiek op. Waarom ze dat racistisch noemde? (wat ze niet had gedaan) En dat het toch normaal is dat een vak ‘westerse filosofie’ enkel westerlingen bespreekt? (terwijl het vak dus ‘fundamentele wijsbegeerte’ heet).

4. “Ik ken heel wat blanke zestigers die niet racistisch zijn”

Op een bepaald moment kwam de vraag uit het publiek of we niet te exclusief op de jonge generatie focussen om racisme aan te pakken. Terwijl racisme ook in oudere generaties zit. Waarop de moderator even uit zijn rol wilde stappen (zo zei hij zelf) om te benadrukken dat hij toch ook heel wat blanke zestigers kent die niet racistisch zijn – en een generatieconflict dus niet aan de orde was. Mogelijk – en misschien zit daar ook een generatiekloof in – hebben we een andere opvatting van het begrip racisme, waarbij de moderator slechts van racisme spreekt in het geval van intentioneel kwaadaardig gedrag, terwijl ik ook bij niet-kwaadaardig bedoel gedrag racismerisico’s zie. Omdat bepaalde reflexen, bepaalde ideeën en stereotiepen structureler zijn. De stelling dat iemand – of een hele groep – niet racistisch ís, lijkt die structurele zaken te ontkennen. Komend van een blanke man – die die structurele elementen natuurlijk niet aan den lijve ondervindt – is dat extra pijnlijk. Ik ben geneigd me bij Neske Beks in Zwart aan te sluiten: “Niemand wordt graag racist genoemd. Wel, lieve mensen, wake up to reality: we zijn het allemaal.”

Nochtans werden er ook inhoudelijke enkele mooie voorzetten gegeven. Zo stelde één van de panelleden dat de Zwart-Afrikaanse gemeenschap zich veel sterker dan Noord-Afrikaanse en Arabische migranten geconfronteerd weet met een vorm van inferioriteit – aanwezig in stereotiepe beelden van domheid en luiheid – die teruggaat op tijden van kolonisering en slavernij. In het Zwart-essay van Heleen Debeuckelaere las ik nadien dat collective trauma – aan de voorgeschiedenis van kolonialisering en slavernij gelinkte angst- of stressgevoelens – ook bij afstammelingen,echt ‘een ding’ is. Dáárover had het wat mij betreft dus de hele avond mogen gaan. Of over waarom sommige pannelleden bewust ‘wit’ gebruiken in plaats van ‘blank’. Of over de impact van human zoos, die tot Expo ’58 erg gebruikelijk waren en waarover Kriticos me leerde dat het net Hitler was die als eerste Europese leider een einde maakte aan dat dehumaniserend gebruik.

Of hoe ik die avond toch minstens leerde dat de geschiedenis niet altijd zo (vergeef me) zwart-wit is.