Slechts helft van studenten behaalt bachelordiploma, meestal niet na drie jaar

Stijgend aandeel tweede zit gevolg van invoering diplomaruimte

05 November 2018
Artikel
Auteur(s): Vinsent Nollet
Slechts de helft van de studenten behaalt binnen de vijf jaar een bachelordiploma, zegt vicerector Onderwijsbeleid Tine Baelmans. ‘We willen de focus verleggen naar eerste zit.’

Het voorbije academiejaar moest 17,8% van de KU Leuven studenten zich heroriënteren als gevolg van de 30% CSE regel. Het aantal studenten dat door de regel getroffen wordt, is sinds haar invoering in academiejaar 2015-2016 niet gedaald, maar stabiel gebleven. ‘De regel helpt niet om de resultaten van de startende studenten grondig bij te sturen’, zegt Tine Baelmans, vicerector Onderwijsbeleid. ‘In dat opzicht mist ze op het eerste zicht wellicht een van haar oorspronkelijke doelen. De druk om in het eerste jaar te slagen, ligt ook al erg hoog.’

De vicerector ziet het nut van de regel vooral in het kader van een snellere heroriëntering. ‘De regel staat zeker niet ter discussie’, klinkt het. Uit statistieken van vóór de invoering van de 30% regel blijkt dat van de studenten met minder dan 30% CSE slechts 1 à 2% het diploma behaalt. ‘We zien het daarom als onze plicht om daar kort op de bal te spelen en meteen duidelijk te zijn.’

'We zien het als onze plicht om kort op de bal te spelen en meteen duidelijk te zijn'

Tine Baelmans, vicerector Onderwijsbeleid

Baelmans: ‘Studenten die een cumulatieve studie-efficiëntie behalen tussen 30% en 50% geraken in het tweede jaar nu wel vaker boven de 50%. Op deze groep heeft de regel wel effect, omdat ze zich misschien beter bewust zijn van de studievoortgangsmaatregelen of meer begeleid worden naar een verbeterde studieaanpak.’

Diplomaruimte

Uit cijfers van studenten die gestart zijn in academiejaar 2013-2014 blijkt dat slechts 51% het bachelordiploma behaalde na een periode van maximum vijf jaar. 49% viel gedurende die periode uit of koos er zelf voor zich te heroriënteren. Hiermee vormt KU Leuven geen uitzondering ten aanzien van de andere universiteiten. Studies in het verleden toonden aan dat de  KU Leuven student nog vaker dan studenten aan andere universiteiten het bachelordiploma behaalde.

Minder dan 10% van alle eerstejaars haalt na de eerste zit voor alle vakken een voldoende. Aan sommige faculteiten neemt dat cijfer nog een veel diepere duik. Het aantal bachelorstudenten dat volledig slaagt in het eerste jaar na alle zittijden fluctueert. ‘Voor 2002-2003 was dat rond de 40%, daarna steeg het zelfs even boven de 50% en nu zakken we opnieuw onder de 40%.’ Hoe dat komt, is niet duidelijk, stelt Baelmans. ‘De studentenaantallen zijn gestegen en er is een grotere en meer diverse instroom van studenten. Ook veranderingen in het secundair onderwijs kunnen meespelen. Over de precieze oorzaak is er weinig of niets bekend.’

'Studenten springen bedachtzaam om met hun toleranties, want ze kunnen die niet zomaar op een later moment gebruiken'

Tine Baelmans

Duidelijk zichtbaar is wel het effect van de invoering van de diplomaruimte op de verhouding tussen eerste en tweede zit. Van de studenten die slagen na het eerste jaar, slaagde voor de invoering ongeveer 60% in eerste zit, nu 40%. ‘Dat is ook logisch. Vroeger werden studenten na het eerste jaar gedelibereerd, nu moeten ze dat zelf doen. Studenten springen bedachtzaam om met hun toleranties, want wat ze in het eerste jaar inzetten, kunnen ze niet zomaar op een later moment voor een ander opleidingsonderdeel gebruiken. Om het volgende jaar niet te hypothekeren, kiezen veel studenten voor een tweede zit.’

Focus op eerste zit

‘Ook na de tweede zit blijven studenten spaarzaam met tolerantiepunten. Door de inzet van tolerantiepunten sta je leerkrediet af dat je wellicht toch nog zelf wil inhalen.’ Baelmans wil studenten op termijn meer aansporen om tolerantiepunten in te zetten. ‘Nu gebeurt het nauwelijks, omdat studenten niet weten wat hen nadien te wachten staat.’ Vooral in het tweede en derde jaar maken studenten er gebruik van. ‘Dat kan op een andere manier verdeeld worden, maar hoe dat er concreet kan uitzien, wordt nog onderzocht.’

'Studenten varen vaak blind naar hun examen'

Tine Baelmans, vicerector Onderwijsbeleid

Baelmans wil met het onderwijsbeleidsplan dat vorige week goedgekeurd werd ook inzetten op een vermindering van het aantal studenten dat een tweede zit heeft. Activerende werkvormen, gekoppeld aan educatieve technologie, moeten studenten responsabiliseren en de focus verleggen naar eerste zit. ‘Studenten gaan vaak blind naar hun examen. We willen dat ze al eerder kunnen bekijken hoe ze ervoor staan.’

Studenten zullen via Toledo meer tussentijdse testen en oefeningen terugvinden waar ze hun beheersing van de leerstof gericht kunnen toetsen. Die tools moeten zorgen voor meer motivering en activering. ‘Niet noodzakelijk in de zin van meer werken, wel actiever bezig zijn met de leerstof. Het gaat niet om permanente evaluatie. We leggen ook niets op, het is vooral een aanbod.’

De studentenvertegenwoordigers staan kritischer tegenover het inzetten van educatieve technologie. ‘We staan op zich er wel open voor, maar passen op voor eventuele valkuilen’, stelt Sander Vanmaercke, ondervoorzitter van Stura KU Leuven. ‘Het mag vooral niet leiden tot permanente belasting van studenten.’

Lees hier ook een uitgebreide analyse van het nieuwe onderwijsplan dat inzet op activering en oriëntering van studenten.