Cro Magnon in 't Wagehuys

Kamermuziek voor de grootstad

Aanstaande donderdag speelt Cro Magnon -- een sextet dat zich vooral onderscheidt in eigenzinnigheid -- in 't Wagehuys. Vanuit het entropisch beginsel dat de deeltjes in het muzikale universum voortdurend met elkaar botsen en splitsen, brengen ze een gewaagde crossover van minimal music, dolgedraaide fanfare, etnische muziek, hedendaags klassiek, jazz, funk en rock.

Hoewel hun eerste CD 'Zapp!' pas in 1992 verscheen, timmert Cro Magnon reeds sinds 1983 aan een avontuurlijke weg vol muzikale waaghalzerij. Ook het feit dat de opvolger 'Bull?' vijf jaar op zich liet wachten, toont dat hun zwerftocht langs tal van muziekgenres de allures krijgt van een Zuidpool-ekspeditie. Naast ballonvaarders, fietsers en vlottenvaarders kent België met Cro Magnon ook op het vlak van muziek zijn gelijke in het tarten van alle grenzen.

Sinds enkele jaren blijkt dat wat Cro Magnon al jaren doet, plots erg in is: in een los-vast bezetting, 'wars van alle trends' en met eigen ideeën een nouvelle vague scheppen. Hoewel de groep uit zes vaste leden bestaat, wordt hun spel vaak verrijkt met het gezelschap van muzikanten uit hetzelfde alternatieve sirkwie waarin groepen als Fukkeduk, X-Legged Sally of De Legende zich bewegen (Sally beweegt niet meer want Sally's gone). Bekend in de oren klinkende namen van leden zijn Stef Coltura en Geert Waegeman -- bekend voor Stucgangers altans. Zelf omschrijven ze hun ding als 'urban chamber music', een genre dat volledig op eigen naam staat en slaat op muziek voor een multikulturele grootstad. Ongekuiste violen, allerhande blaasinstrumenten, zowat alles wat besnaard is, perkussie en samples zorgen voor klankkollages die dan ook eerder Brussel dan New York in kaart brengen. Cro Magnon's kracht schuilt net in dit niet ontkennen van het muzikale dialekt waarmee elke muzikant zich vroeg of laat in zijn loopbaan moet verzoenen. Het heftig geraas van Minerva-fietsen, Jean-Luc schokkend op een mechanische rodeo-stier, Zaventem, het zijn slechts enkele beelden die hun muzikale spectrum bij benadering visualiseren.

Viool

De meeste nummers volgen eenzelfde konsept dat voortdurend anders wordt ingekleed, opgebouwd rond de ekstensie van een repetitieve melodielijn en afgewisseld met lange lirische partijen van viool en blazers. In cuisineterminologie klinkt dit als volgt: voeg bovenop het geweld van Shellac het frèle saxlijntje van George Michael's 'Careless Whisper', laat beide af en toe alleen spelen, maar nooit te lang, en het zou Cro Magnon kunnen zijn. Van alles een beetje, van Zappa tot Michael Nyman, maar in de juiste dosering zodat het steeds mèèr dan genietbaar blijft. Ook enige zelfrelativering is hen niet vreemd, wat blijkt uit titels als 'Habemus Pampam' en 'Cowcrash'. Toch spelen ze nooit de rol van de pedante musikoloog. Waar Cro Magnon op CD zorgvuldig konsipieert en weldoordacht met partituren omspringt, gaan ze er live vaak zwaar tegenaan met de punch van een rockoptreden en de subtiliteit van een klassiek konsert. Tijdens deze optredens staan ze opgesteld in de klassieke halve maan, niet omdat het zo hoort maar wel om er uit te breken. Om een optreden wat meer luister bij te zetten, nodigt Cro Magnon dikwijls gastmuzikanten uit, zoals trompetist Bart Maris en drummer Toon De Wulf. Het voorprogramma voor volgende donderdag wordt verzorgd door het Wannes Sextet waarin ondermeer harmonika-speler Steven Debruyn samen met Geert Waegeman op viool/mandoline jazzy en bluesy bewerkingen brengen van nummers van Wannes Van de Velde.
Stefan Huber


Inhoud