Internationalisering en kompetitie gaven voor de KU Leuven de doorslag om
als laatste universiteit een versoepeling van het eksamensysteem door te
voeren. Dat zegt professor Dirk Van Gerven, koördinator
Studentenbeleid van de KU Leuven en dus rechtstreeks verantwoordelijk
voor het nieuwe systeem.
Vanaf dit jaar kan men zonder bijkomende voorwaarden eksamensijfers
overdragen binnen het akademiejaar (zie Veto 7), van de eerste naar de
tweede zittijd dus. Dat betekent meteen ook dat studenten hun eksamens
kunnen spreiden over de twee zittijden, zonder het risiko te lopen het
hele pakket in september te moeten overdoen. Voor vrijstellingen in een
bisjaar moet men wél vijftig procent behalen.
Dirk Van Gerven: «In de eerste plaats willen we de
internationale tendens volgen om te evolueren naar 'vormen van
credits'. Dit betekent dat eens je een eksamen met sukses hebt
afgelegd, je hiervoor een overdracht of credit bekomt. De student
heeft dan bewezen dat hij het vak beheerst. Een tweede reden voor het
versoepelen van de overdrachtenregeling is dat het zowel voor de student
als de docent tijdsbesparend is. Door de nieuwe regeling zullen er heel
wat meer overdrachten worden verleend naar de tweede zittijd. «Een
aantal studenten zal minder tijd moeten steken in het opnieuw studeren
van een vak dat hij of zij voldoende beheerst. Ook voor de docent komt er
tijd vrij omdat hij heel wat minder eksamens opnieuw zal moeten afnemen.
Ik zal niet ontkennen dat het eksamensysteem een belangrijk element vormt
bij de rekrutering van studenten. Toekomstige studenten, en misschien nog
in sterkere mate hun ouders, kijken uit naar een
'eerstejaarsvriendelijke' universiteit. Het is moeilijk in te schatten of
het nieuwe systeem de slaagkansen zal verhogen, maar de manier waarop men
het persipieert is vaak belangrijker dan de realiteit.»
Veto: Welk voordeel heeft de student met de nieuwe
regeling?
Van Gerven: «De student heeft nu de mogelijkheid om zijn of
haar eksamens binnen het jaar bewust te plannen. Maar daar stuiten we
tegelijkertijd op een belangrijk nadeel van het nieuwe systeem. Studenten
die uitstelgedrag vertonen en de zaken voor zich uitschuiven, zullen niet
aan plannen toekomen. Op die manier verschuift men de berg gewoon naar
september, wat het aantal kansen herleidt tot
één.»
Veto: In hoeverre weegt het voordeel op tegen het
nadeel?
Van Gerven: «Men heeft vaak de neiging om de
verantwoordelijkheid van de student te onderschatten. Studenten zijn mits
de nodige begeleiding best in staat om zelf keuzes te maken. Daarom
hebben we er bij het invoeren van dit systeem ook op gedrukt om
studenten, en dan vooral eerstejaars, te coachen. Aan de
fakulteiten werd uitdrukkelijk gevraagd om de nodige maatregelen te
nemen. In de eerste plaats denk ik hierbij aan de monitoraten, die de
studenten voldoende moeten informeren en begeleiden. Tijdens de
eksamenperiodes spelen de ombudspersonen een belangrijke rol.
Formalisme
Veto: Met de nieuwe regeling zijn studenten niet langer
verplicht aan de ombuds te melden dat zij aan bepaalde eksamens niet
wensen deel te nemen. Valt er zo geen belangrijk gesprek weg?
Van Gerven: «Vroeger was het inderdaad zo dat studenten
zich verplicht moesten afmelden indien zij één of meerdere
eksamens niet wensten af te leggen. Toch was dit in de praktijk vaak een
formalisme: men kon zich uitschrijven met een briefje of per e-mail. De
fakulteiten worden, ondanks de afschaffing van de meldingsplicht, vrij
gelaten zelf een regeling uit te werken. Toch denk ik dat men zal
evolueren naar een systeem van aktieve aanmelding, relatief op tijd, voor
de eksamenreeks die men wenst af te leggen. Ik ben een groot voorstander
om alle studenten zich voor de paasvakantie voor ieder eksamen apart te
laten inschrijven. Op deze manier ben je verplicht om geruime tijd voor
de eksamenperiode te beslissen aan welke eksamens je deelneemt en kan je
jouw studie daarnaar plannen. De administratie zal ook precies weten wie
aan welk eksamen heeft deelgenomen, wat de voorbereiding van de
deliberatie vergemakkelijkt.»
Veto: Recent onderzoek wees uit dat één student
op vijf aan een ernstige vorm van faalangst lijdt. Wat zijn volgens u de
konsekwenties van het nieuwe systeem voor deze toch aanzienlijke groep
van studenten?
Van Gerven: «Men moet onderscheid maken tussen studenten met
uitstelgedrag en dezen met faalangst. Voor een student die geneigd is om
het studeren van de eksamenstof steeds voor zich uit te schuiven, kan het
nieuwe systeem inderdaad tot eksessen leiden. Hij of zij kan immers een
groot aantal eksamens verschuiven naar de septemberzittijd en dan in de
problemen komen. Het versoepelde eksamensysteem brengt echter een
belangrijk voordeel met zich mee voor studenten die kampen met faalangst
en overmatige stress tijdens de eksamens. Zij hebben nu de mogelijkheid
om hun eksamens te spreiden en zo een minder zware eksamenreeks af te
leggen.»
Sprokkel
Veto: Stel, ik ben een laatstejaarstudent en leg in juni al
mijn eksamens af. In september krijg ik echter mijn eindverhandeling niet
af. Wat gebeurt er met de eksamensijfers die ik in juni behaalde?
Van Gerven: «Om overdrachten te krijgen voor deze sijfers
moet een student in september vijftig procent behalen. Haalt hij of zij
in september geen vijftig procent, dan worden er geen overdrachten
gegeven voor het volgend akademiejaar. Dit ligt dekretaal vast. Toch zijn
er een aantal uitwijkmogelijkheden: indien de verhandeling niet al te
zwaar doorweegt in het eindresultaat kan je hiervoor een nul vragen. Zo
heb je een volledige puntenlijst en kom je misschien toch nog aan de
vereiste vijftig procent. Weegt de verhandeling wel zwaar door, dan kan
je proberen om een voorlopige verhandeling in te dienen. Met de punten
die je hiermee bij elkaar sprokkelt, kom je dan misschien net aan de
vijftig procent.»
Veto: Het is ook niet ondenkbaar dat studenten massaal naar
officieuze vrijstellingen gaan hengelen.
Van Gerven: «Van eerste naar tweede zittijd krijg je sowieso
een vrijstelling vanaf twaalf. Ik verwacht niet dat er in een bisjaar
veel meer studenten officieuze vrijstellingen gaan proberen te krijgen.
Men had het probleem echter wel makkelijk kunnen vermijden door aan
iedereen een overdracht vanaf tien te verlenen. Geen enkele student zal
dan nog een overdracht komen vragen voor een negen.»
Veto: Hoe zal de deliberatie nu verlopen?
Van Gerven: «Wie in de eerste zittijd geen volledige
eksamenreeks aflegt, wordt niet gedelibereerd of geproklameerd. Voor de
rest blijven de deliberatie en proklamatie hetzelfde als vroeger. Er werd
wel geopperd om de deliberatiecriteria te verstrengen voor de
septemberzittijd. Men hanteerde daarbij het argument dat studenten die
hun eksamens spreiden over twee zittijden het makkelijker zouden hebben.
Ik denk dat je daarmee het systeem ondergraaft. Maar de eksamenkommissie
is vrij soeverein in de manier waarop zij delibereert.»
Spits
Veto: Wil de KU Leuven haar eksamensysteem nog verder te
versoepelen om te evolueren naar een volwaardig creditsysteem?
Van Gerven: «Momenteel kunnen we wettelijk geen volwaardig
creditsysteem invoeren, waarin een student zonder bijkomende voorwaarden
vrijstellingen of credits zou verwerven voor elk eksamen dat hij
of zij met sukses aflegt. Het onderwijsdekreet bepaalt immers dat een
student minimaal vijftig procent moet halen om recht te hebben op
overdrachten naar een bisjaar. Hier kan echter snel verandering in komen:
alle Vlaamse universiteiten willen immers graag een echt creditsysteem
invoeren. Mochten we binnen de Vlir (Vlaamse Interuniversitaire Raad) met
een voorstel naar het kabinet van de minister van Onderwijs stappen, dan
kan er relatief snel een doorbraak komen. Binnen de Vlaamse universitaire
kontekst zou een algemeen creditsysteem ontspannend kunnen werken,
momenteel zijn de universiteiten wat het eksamensysteem betreft in een
konkurrentiestrijd verwikkeld. De soepelheid van het eksamenreglement is
eigenlijk een wervingselement geworden.»