Belgische emigranten

De verborgen geschiedenis

"Horum omnium fortissimi sunt Belgae" is wellicht de meest opgerakelde zin van onze vaderlands verleden. De geschiedenis interesseert zich voornamelijk in heldendaden en machtige staten. Op die manier strooit ze ons zand in de ogen. Professor Anne Morelli (ULB) vertelde donderdagavond in het Oratoriënhof het vergeten verhaal van de Belgische emigranten.

Volgens professor Morelli schrijft de geschiedenis niet over arme mensen, die uit pure ellende het land ontvluchtten. Deze herinnering zou ondraaglijk zijn voor de nieuwe rijken. Men wil geloven dat we uit het voorspoedige Westen komen en dat het altijd zo geweest is. Misschien reageert deze Italiaanse historika wel iets te fel, wanneer ze stelt dat de nieuwe rijken daarom de associatie met de hedendaagse vluchtelingen niet aankunnen. Enerzijds baseert de geschiedenis van een volk zich logischerwijs voornamelijk op diegenen, die ter plekke blijven. Anderzijds konden arme mensen vaak niet schrijven, waardoor de historische bronnen van de rijken steeds talrijker zijn geweest dan die van de armen. Toch moeten we Morelli gelijk geven als ze zegt dat we bitter weinig weten over de Belgen die hier wegtrokken en over de wijze waarop ze in het buitenland onthaald werden.

We vingen allemaal wel eens op dat duizenden protestantse Antwerpenaren in de zestiende eeuw naar Nederland vluchtten. We gaan ervan uit dat zij hard hebben gewerkt aan de Nederlandse kalvinistische welvaart. Helaas liep alles niet zo gesmeerd als we vaak denken. Naast de 'echte', protestantse vluchtelingen bleken er ook katolieken naar Nederland gevlucht te zijn, die absoluut niet welkom waren. Er bestonden Belgische gemeenschappen, die sterk bekritiseerd werden door de Hollanders. Zo zouden Belgische vrouwen naar hun normen zeer eigenaardig gekleed geweest zijn en trouwden die Belgen na jaren nog steeds met Belgen.
Op het einde van de achttiende eeuw, toen België deel uitmaakte van het rijk van de Habsburgers, vond er een ware volksverhuizing plaats van arme Belgen naar Hongarije en Turkije. De arme mensen, die geen grond bezaten, werd land beloofd in het Oosten. Daar werden katolieke gemeenschappen opgebouwd, die de Turkse invloeden moesten tegenhouden.

«De Belgen werden afgetekend als brutale alcoholici en gewelddadig seksueel geobsedeerden»


Toen Vlaanderen in de negentiende eeuw geteisterd werd door de tekstielcrisis, trok men massaal naar Wallonië -- waar Spitaels'en en Onkelincks'en nog het levende bewijs van zijn -- en Frankrijk om te werken. Vooral Roubaix werd voor vele Belgen een toevluchtsoord. De Belgen werden niet bepaald hartelijk onthaald door onze zuiderburen. In bepaalde Noord-Franse dorpen ontaardden de negatieve reakties van de Franse bevolking in het begin van de twintigste eeuw in een jacht op Belgen. De Belgische regering heeft indertijd treinen ter beschikking gesteld om hen veilig thuis te brengen.
Ook in het Noordstation van Parijs stroomden de Belgen toe. Ze vormden de grootste vreemde gemeenschap in de Franse hoofdstad en bezaten zelfs een eigen ziekenkas en krant. De Vlaamse meisjes maakten zich nuttig als sterke dienstmeiden. De Belgen werden 'pape gamelle' en 'pot au beurre' genoemd, omdat ze steeds pap aten en hun boterpot van het platteland overal meenamen. Men kocht dan een Frans brood en besmeerde dit met boerenboter. De Fransen bezongen onze landgenoten ook in liederen: 'de boterpotten, die smokkelen en geen belasting betalen'. Onder andere bij de Franse spoorwegen werden er petities ondertekend om de Belgen -- die het Franse werk afnamen-- te ontslaan en terug te sturen naar hun eigen land. Tot op de dag van vandaag worden er in Frankrijk duizenden Belgenmoppen verteld over de 'Belgische boerekens'.

Broedertwisten

In de negentiende eeuw werden de armen naar Canada gelokt met advertenties, die het zeer gezonde klimaat prezen en elke man boven de achttien of weduwe met kinderen vierentachtig hektaren tarwegrond beloofden. De avontuurlijke armen werd een boot- en treinticket aangeboden. Eens aan wal in de nieuwe wereld, bleken er nog geen spoorwegverbindingen aangelegd te zijn en moest er driehonderd kilometer te voet afgelegd worden over het bevroren Michiganmeer. In Canada vindt men afbeeldingen waarin leeuw en haan elkaar omarmen. Ver van huis spelen broedertwisten niet.
Ekonomische vluchtelingen trokken ook naar Rusland. Foto's trachtten de achtergebleven familieleden te tonen hoe goed ze het daar wel hadden. We zien dienstmeiden en jachttaferelen, of de BMW's van vandaag, waarmee onze vreemdelingen graag gefotografeerd worden, dixit Morelli. Brieven vertelden de familieleden dat ze ook moeten komen en handelen voortdurend over het geld dat opgestuurd werd.
Tijdens de eerste wereldoorlog vluchtte één miljoen driehonderdduizend mensen of meer dan twintig percent van de bevolking uit het land. In Groot-Brittannië zijn er pamfletten teruggevonden waarop staat 'Help the Belgians, they cannot help themselves'. Ook daar hadden we een slechte reputatie. De Britse vrouwen durfden de straat niet meer op sinds de Belgen er waren. De Belgen werden afgetekend als brutale alcoholici en gewelddadig seksueel geobsedeerden. Een geestelijke hoopte dat de Duitsers de oorlog zouden verliezen. Het idee dat de Belgen anders in zijn land zouden blijven was voor hem onaanvaardbaar. Tijdens de tweede wereldoorlog trokken vele Belgen naar Frankrijk, waar ze onthaald werden met 'aller boire l'eau du Canal Albert', omdat onze frontlinie daar slechts enkele dagen had standgehouden. Vele kollaborateurs trokken na de oorlogen naar Duitsland, Zuid-Amerika, Spanje en Ierland.
De redenen waarom onderdanen onze streek ontvluchtten, waren voornamelijk ekonomisch. De miserabele situatie, die de drijfveer was voor het vertrek, wordt in de geschiedenisboeken meestal verzwegen. De geschiedenis werd herschreven en als er over Belgische vluchtelingen nog iets gezegd wordt, is het dat ze hard gewerkt hebben en nodig waren.
Nathalie Van Leuven



Inhoud