- Gegevens
- Categorie: Veto 3321bis
- Gepubliceerd: 26 april 2007
- Hits: 352
Efficiëntie
In een nota, die het resultaat is van een consensus binnen het Gemeenschappelijk Bureau van de K.U.Leuven en voorgestelde aanpassingen van de Academische Raad, wordt het voorstel voor de nieuwe structuur waar de associatie naar zal evolueren beschreven als een ‘Kennis- en Competentienetwerk K.U.Leuven’ (KCK). Dat netwerk wordt een koepelstructuur waaronder alle hogescholen van de Associatie K.U. Leuven vallen. Het KCK zal alle onderwijs- en onderzoeksopdrachten omvatten die nu door de individuele instellingen van de associatie worden ingevuld. De geografische spreiding (de huidige associatie heeft immers tentakels in alle Vlaamse provincies plus Brussel) zal vorm krijgen in een campusmodel. Zonder aan “de eigen identiteit, de profilering en de lokale verankering van elke campus” te willen raken, zullen alle opleidingen volgens de nota geoganiseerd worden in een “rationeel vormingsaanbod”. Verschillende campussen kunnen “met het oog op synergie en efficiëntie” samen ook geografische polen vormen.
De hogescholen gaan op in de nieuwe allesomvattende structuur: ze worden omgevormd tot ‘university colleges’ waarbinnen professionele bachelors worden aangeboden. De professionele opleidingen kunnen worden aangestuurd door de regionale polen, de academische (zeg maar het universitair onderwijs) blijven onder de hoede van het Gemeenschappelijk Bureau (GeBu) en de Academische Raad van de K.U.Leuven. Het GeBu zal overigens evolueren naar het dagelijks bestuur van het KCK.
Overigens worden niet enkel onderwijs en onderzoek samengebracht: ook de sociale voorzieningen, de logistieke en technische voorzieningen en zowat alles wat binnen de universiteit en de hogescholen beweegt komt samen in het KCK. De richtdatum om het netwerk te concretiseren is om logische redenen ook de voorziene einddatum van de academisering: 2012.
Positiepaper
Rector Vervenne, die het voorstel maandag voor een verkennende bespreking voorlegde aan de Academische raad en vervolgens ook voorgesteld heeft aan de Raad van Bestuur van de associatie, getuigt van positieve reacties vanuit de associatie en de hogescholen. “De universiteit is altijd al beschouwd geweest als de motor van de Associatie K.U.Leuven. De oprichting van dit vrij en open netwerk rond de universiteit ligt in de lijn daarvan.” Vervenne stipt ook zelf de voorlopersrol aan die Leuven heeft in de herdefiniëring van het Vlaamse hoger-onderwijslandschap: “Decretaal gezien lopen we natuurlijk nog voor, net als bij de associatievorming.” Gezien de beoogde rationalisering en optimalisering van middelen, personeel en onderwijsaanbod zal onderwijsminister Vandenbroucke echter wel oren hebben naar dit type van structuren.
De architect en voorzitter van de Associatie K.U.Leuven André Oosterlinck staat zeer positief tegenover de nota van het GeBu. Hij is vooral blij met het signaal dat met de tekst wordt gegeven: “Eerst en vooral is dit een sterk commitment van de universiteit om de samenwerking tussen de hogescholen en de universiteit voort te zetten, zowel voor het academisch als het professioneel onderwijs. Ik beschouw de tekst als een ‘positiepaper’, die heel duidelijk de keuze van de K.U. Leuven voor een sterk samenwerkingsverband verwoordt, met andere woorden: een sterkere associatie. Een associatie kan niet bestaan als de universiteit er geen voortrekkersrol in speelt. Ik ben blij dat de huidige bestuursploeg van de K.U. Leuven laat blijken dat ze samen met de partners (de hogescholen, red.) de toekomst tegemoet wilt gaan.”
Oosterlinck bevestigt dat de nota op de Raad van Bestuur van de associatie positief onthaald werd, ook door de algemeen directeurs van de hogescholen. “Dat komt ook doordat de hogescholen nu weten dat ze zich geen zorgen moeten maken om hun academische en vooral hun professionele opleidingen. De universiteit wil de professionele niet zomaar achterlaten.”
“Let wel: dit is een voorlopige tekst van de universiteit, een ‘denkoefening’ zoals het GeBu zelf zegt. Nu zullen alle partijen — ook de associatie — zelf hun licht moeten laten schijnen over de eventuele transformatie van de associatie en het voorstel van de K.U.Leuven.”
Naar verluidt leven gelijkaardige ideeën als die van de K.U.Leuven ook bij andere associaties, al zal elke associatie voor zichzelf (gezien de verscheidenheid in samenstelling) wel een eigen concept moeten uitwerken. De Universiteit Antwerpen zou er bijvoorbeeld aan denken de academische opleidingen samen te brengen, zonder de professionele.
