maandag 09 februari 2009 - jaargang 35 - nummer 13
Opleidingen Kerkelijk Recht - Kunstwetenschappen - Kerk en Religie en Sociaal werk gevisiteerd
Het rapport onder de loep genomen
In opdracht van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) werden tussen maart en mei vorig jaar de opleidingen Kunstwetenschappen en Archeologie, de Master in samenleving, kerk en religie, de Master in Kerkelijk Recht en de Master in Sociaal werk door een visitatiecommissie onder de loep genomen.
Herlinde Hiele
De bevindingen van de commissie zijn over het algemeen positief, zo krijgt elk van de faculteiten goede punten over recente hervormingen die werden doorgevoerd. Naast tevreden commentaren werden wel telkens een aantal werkpunten aangestipt. Zo rijst er bij de nieuwe driejarige masteropleiding van de Kerkelijk Recht de vraag of de eerste master ook echt op zichzelf kan staan of enkel een voorbereidende functie heeft. Verder moet er ook aan de stageperiodes geschaafd worden, maar het waren voornamelijk de slaagcijfers die de commissie zorgen baarden. Slechts vier van de twintig Nederlandstalige studenten uit tweede licentie gedurende de afgelopen drie jaar slaagden. Bij de Engelstaligen waren dat er in dezelfde periode maar 9 van de 21. Op vlak van onderwijsrendement scoort de faculteit over de hele lijn slechte punten, dit moet in de toekomst dan ook het grootste aandachtspunt zijn.Nadenken
Binnen de opleiding Kunstwetenschappen en Archeologie dient ook meer aandacht besteed te worden aan de stages, in plaats van te focussen op pure kennisoverdracht. De opleiding Kunstwetenschappen moet ook nadenken over haar positie ten opzichte van de opleidingen uit het hoger kunstonderwijs. Verder kunnen bachelor en master ook nog beter op elkaar worden afgestemd, nu worden ze namelijk nog te sterk als één geheel beschouwd.Voorkennis
Een probleem in de opleiding Kunstwetenschappen en Archeologie zijn de lage slaagcijfers in het eerste bachelorjaar. Studenten dienen op voorhand beter geïnformeerd te worden en onvoldoende voorkennis zou in kaart moeten worden gebracht, bijvoorbeeld door proefexamens. Een laatste werkpunt is dat maatschappelijke veranderingen op tijd moeten worden gesignaleerd, zodat studenten en de beroepssector beter op elkaar worden afgestemd.Behoeften
Deze bevinding geldt ook voor de Master in Sociaal werk, waar de opleiding evenmin volledig aansluit bij de behoeften vanuit het werkveld. De commissie roept de sociale sector dan ook op om een standpunt uit te werken over de rol en inhoud van deze master. Het gaat dan om een invulling van alle masteropleidingen Sociaal werk in Vlaanderen, zonder dat die daarbij hun eigen karakter verliezen. Aan de K.U.Leuven wordt de opleiding immers georganiseerd door de Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen, in tegenstelling tot de UGent, waar het door de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen wordt georganiseerd. Ook aan de organisatie schort er wat. Sinds kort gebeurd die door de universiteit in samenwerking met de hogescholen. Voor Leuven zijn dat de Europese Hogeschool Brussel, de Katholieke Hogeschool Kempen, de Katholieke Hogeschool Leuven en de Katholieke Hogeschool Zuid-West-Vlaanderen. In de praktijk neemt de universiteit echter te vaak het voortouw en komt het zo soms tot een grote kloof tussen de universiteit en de hogescholen, iets waar aan gewerkt moet worden, aldus de commissie.