maandag 2 maart 2009 - jaargang 35 - nummer 16
Splinter
Motie
De manier waarop Vlaams minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke het inkantelingsdecreet gestemd tracht te krijgen, tart alle verbeelding. Alle betrokken partijen worden genegeerd.
Het inkantelingsdecreet bevat het juridisch kader voor de overdracht van de academische hogeschoolopleidingen aan de universiteit, eenmaal de academisering is voltooid. Professionele hogeschoolopleidingen zouden ook na 2013 in de hogescholen worden ingericht. Dit alles om een helder binair hogeronderwijssysteem te verkrijgen.
Daar het in juni Vlaamse verkiezingen zijn, moeten ministers die nog iets willen verwezenlijken in hun regeertermijn, zich haasten. Zo ook Vandenbroucke met het inkantelingsdecreet. Decreten die nog deze legislatuur behandeld moeten worden, moeten ten laatste op 6 maart ingediend worden door een parlementair.
Een onhaalbare deadline, zo blijkt. Het ontbeert Vandenbroucke de tijd om alle stakeholders van het hoger onderwijs - studenten, personeel, vakbonden. - deftig te consulteren. Het is voor zijn opvolger, zou je dan denken.
Understatement
"Niets van", moet Vandenbroucke geredeneerd hebben. "Tenzij ik herverkozen word, gaapt er na mij een grote leegte in het onderwijslandschap." Dan maar plan B: zonder maatschappelijk debat en overleg zelf een voorstel van decreet in elkaar fiksen, dat snelsnel rechtstreeks kan worden ingediend door een parlementslid. Je zou beter verwachten van iemand die voor een democratisch hoger onderwijs ijvert.Er valt nochtans veel te zeggen over dat befaamde inkantelingsdecreet, zelfs wanneer we ons beperken tot de noodzaak ervan. Wat is de precieze meerwaarde van de inkanteling? Welke waarde hebben hogescholen nog na 2013? Verworden zij niet tot een soort beroepsscholen? Kan de inkanteling niet wachten tot het academiseringsproces voltooid is? Was het woord inkanteling überhaupt niet verboden?
Wie schrijft er ondertussen naarstig aan het decreet? In de wandelgangen duiken vooral twee namen op: Luc Van den Bossche, voorzitter van de Associatie Universiteit Gent en Andre Oosterlinck, voorzitter van de Associatie K.U.Leuven. Dat zij niet bekend staan als personen die openstaan voor andermans mening, is een aanzienlijk understatement.
Een gemeenschappelijk vakbondsoverleg roept ondertussen resoluut halt toe aan het plan-Vandenbroucke. Kan je dat daadwerkelijk negeren? Het is jammer dat de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) al een paar maanden plat ligt: een eensgezinde studentenlobby had de druk op de minister enkel kunnen verhogen.
Wat heel dit zaakje nog meer doet stinken, is de gigantische kost die ermee gepaard gaat. De commissie Soete spreekt over honderd miljoen euro voor alle universiteiten tegelijkertijd, Oosterlinck over honderd miljoen euro voor de Associatie K.U.Leuven alleen al. Dat is van dezelfde grootteorde als er deze legislatuur voor hoger onderwijs bijkwam. Ook al rouwt er niemand om meer middelen voor onderwijs, er moet wel op een democratische manier met de gelden wordt omgesprongen. Dat dat momenteel niet het geval is, verdient een motie van jewelste.
Ken Lambeets
(dit is een Splinter: de bovenstaande tekst is de mening van de schrijver ervan)