Economisch Congres Businessclub Tienen

Een ultraliberaal oorlogskabinet

Afgelopen donderdag vond in Tienen het vijfde Economisch Congres plaats, een organisatie van de Businnessclub 2000. Thema van het symposium was 'trefpunt tussen onderzoek, onderwijs en arbeidsmarkt'.

Ken Lambeets

De Businnessclub 2000 is een economische netwerkorganisatie in de Tiense regio. Sinds 1999 organiseert ze jaarlijks acht ontbijtmeetings met economische informatieverstrekking door professoren, experten en captains of industry. Sinds vijf jaar zet de netwerkorganisatie ook jaarlijks een economisch congres op touw.
Na de openingsrede van burgemeester Marcel Logist hield Jan Smets, directeur van de Nationale Bank en ondervoorzitter van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid, een toespraak met als titel 'Hoe talent mobiliseren?'. De synopsis van zijn ietwat droge discours: de Belgische economie is zwaar getroffen. Onze economie heeft met drie grote pijnpunten te kampen: onvoldoende mobilisering en participatie van de betrokken groepen en, kaderend in het thema van de avond, een slechte transitie van het onderwijs naar de arbeidsmarkt.
Smets' betoog vormde een prima aanzet voor het panelgesprek, waarvoor ererector André Oosterlinck als voorzitter van het economisch congres de affiche had mogen samenstellen. Het grote overwicht van de K.U.Leuven sprong daarbij in het oog: algemeen directeur van de K.U.Leuven Koenraad Debackere, decaan van de faculteit Economie Luc Sels en eerdergenoemde Jan Smets - tevens lid van de Raad van Bestuur van de K.U.Leuven - waren van de partij. Ook Karel Vinck, voorzitter van de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid, tekende present. Moderator van het gesprek was journalist Guy Tegenbos van De Standaard.

Receptie

Vinck begon met een woordje uitleg over Vlaanderen In Actie (VIA), een programma van de Vlaamse Regering dat door een betere aanvoering van talent, internationalisatie, mobiliteit en innovatie Vlaanderen in 2020 bij de vijf meest welvarende regio's van Europa moet brengen. Daarna legden Debackere en Oosterlinck enkele pijnpunten bloot van het Vlaamse onderwijssysteem. De samenwerking tussen onderwijs en ondernemingen is momenteel te conservatief. Talentvolle onderzoekers moeten zorgen voor innovatie op de werkvloer. Leuven Research and Development, een project waar beide heerschappen van nabij bij betrokken zijn, zou al aan die normen voldoen.
Oosterlinck stelde zich de vraag of ons onderwijs wel voldoende aan talentontwikkeling doet. In dat kader pleitte de überrector voor een herschikking van het middelbaar onderwijs, waarbij alle leerlingen geplaatst worden daar waar hun talenten het best benut worden.
Sels, die voor de Vlaamse Regering heel wat onderzoek verricht over vergrijzing, stelde dat het aanbod van de arbeidsmarkt veroudert. De uitval van vijftigplussers uit de arbeidsmarkt mag niet definitief zijn.
Zo spuide het voor de gelegenheid samengestelde ultraliberale oorlogskabinet anderhalf uur lang theorieën die België uit de crisis zouden moeten helpen. Aangenaam om horen, al gaat de uitvoering van dergelijke plannen niet over één nacht ijs. Na een adequaat slotwoord van Charles Princen, de voorzitter van de Businnessclub 2000, begon datgene waarvoor het gros van de genodigden aanwezig was: economisch netwerken op een uitstekende receptie.