maandag 20 april 2009 - jaargang 35 - nummer 21
Lenteconcert USO
Instant zengevoel
Naar jaarlijkse gewoonte liet het Universitair Symfonisch Orkest (USO) ook dit jaar de lente in ieders hart ontluiken. Dit jaar deden zij dit met componisten Rota, Koppel en Shostakovich als leidraad. Het werd een genoeglijke avond.
Els Dehaen
Hoewel er in de gedimde Pieter de Somer-aula weinig lente te bespeuren was, herinnerden velen zich de mooie lentedag die het concert voorafging. Eventuele twijfelaars werden met Concerto Festivo op de juiste weg geholpen.Dit concerto bestaat uit vijf delen en verraste door zijn verscheidenheid. Openen deed het uiteraard met de Ouverture, die vooral geheimzinnig leek en zo de weg baande voor de Aria, die hier een diep en rustig antwoord op leek te willen geven. De Cabaletta is dan weer iets compleet anders en klinkt bij momenten schertsend.
Werden we ontroerd en geheel melancholisch van de Elegia, dan bracht de Finale een eind aan deze droefenis door ons weer volledig op te zwepen.
Leek
Minder overtuigd zijn we van het Marimba Concerto n°1, van de Deense componist Anders Koppel. Hiervoor deed het orkest beroep op de bekende marimbavirtuoos Lin Chin Cheng. Hoewel deze zijn solorol met verve uitvoerde, kon het stuk ons niet echt overtuigen door het bij momenten zwakke weerwerk van het orkest.Toch moet gezegd worden dat Lin Chin Cheng melodieën uit een marimba toverde, die je amper voor mogelijk houdt. Het helpt dat elke klank die je uit het instrument haalt, een instant zengevoel met zich meebrengt. En het zal ons misschien als klassieke muziekleek ontmaskeren, maar ergens in dat stuk zwoeren we een marimbaversie van de Disneyklassieker Under the Sea te horen.
Sovjet-Unie
Een tweede schot in de roos was de vijfde symfonie van Dmitri Shostakovich. Door een interessante inleiding konden wij dit stuk beter volgen dan zonder. Shostakovich schreef deze symfonie niet zomaar: als hij van de Sovjets geld wilde - en belangrijker: van vervolging gespaard wenste te blijven - dan moest hij muziek maken zoals Stalin het wilde. Dat deed hij, maar zo overdreven bombastisch dat het geheel bijzonder cynisch klonk en veeleer een aanfluiting van het regime was dan een aanprijzing ervan. Stalin vond het echter fantastisch.Bombastisch is het stuk zeker: de hoorn- en fluitsolo's waren bij momenten oorverdovend en eenieder die er een levendige fantasie op nahoudt, waande zich terstond in de Sovjet-Unie van weleer. De trommels speelden hierbij zeker een niet te verwaarlozen rol. Intrigerend hoe Shostakovich afsluit met een finale oproep naar vrijheid en dit tegelijk kan gelden als het summum van de sovjetmuziek. In de beperking toont zich de meester.
Het Universitair Symfonisch Orkest kan wederom trots zijn op een succesvolle avond, die verdiend een volle Pieter de Somer-aula trok. De repertoirekeuze was uitstekend, de bindteksten interessant en toch kort genoeg. Een meerwaarde was het enthousiaste orkest, dat met bijna ingehouden plezier de instrumenten ter hand nam. Een speciale vermelding gaat hierbij naar een onbekende contrabassist met zwart krulhaar, die ons de drang gaf ook eens zo'n groot uitgevallen viool te proberen. Kortom, een avond zoals wij er nog wel willen beleven.