Kollegie (3): Amerikaans College

Verblijven in hemelse sferen

In het kader van onze tweewekelijks rondgang langs de Leuvense colleges, werd deze keer de Naamsestraat verder beklommen dan gewoonlijk en werd het Amerikaans College een bezoek gebracht. The American College of the Immaculate Conception, zoals de volledige naam van het college luidt, is nog steeds in gebruik als priesterschool. In hetzelfde gebouw, uitkijkend op de andere vleugels van het college, bevindt zich echter ook een niet-gesubsidieerde residentie voor Belgische en internationale studenten.

Remy Amkreutz

@@COLLEGE.jpg

Jonas Donvil

Het Amerikaans College zelf telt heden ten dage nog slechts een twintigtal bewoners, waarvan ongeveer twaalf studenten. Desalniettemin kent het instituut een, naar Amerikaanse normen, lange geschiedenis, aangezien het al sinds 1857 gevestigd is in Leuven. Toendertijd werd het door de bisschoppen van de Verenigde Staten opgericht om jonge Europeanen op te leiden voor missiewerk in de VS, alsook om Amerikanen kennis te laten opdoen van de Europese theologische wetenschap. Zelfs tegenwoordig nog worden priesters opgeleid tot missionarissen, maar is het eveneens mogelijk om als leek aan het college te studeren. De verschillende programma's - onder meer theologie, filosofie en kerkelijk recht - kan het college aanbieden door een hechte samenwerking met de K.U.Leuven.
Het voorgaande aspect van het college is wellicht bekend; dat er echter in hetzelfde gebouw ook nog een studentenresidentie zetelt zal minder bekend zijn. Bij menigeen zal dit schrikbeelden oproepen van priesters die een duidelijke invloed trachten te hebben op het studentenleven van de residentiebewoners. "Op dat gebied is het volledig van elkaar gescheiden, wij vallen volledig onder de regels van de huisvestingsdienst," aldus Malou Maes, inwoner van de residentie. Het gebouw oogt als eender welke residentie, met dat onderscheid dat het uitzicht op een groot, tussen de gebouwen, ingeklemd grasveld niet alledaags te noemen valt. "Dat mogen wij helaas niet betreden," vervolgt Malou, "alles naar het seminarie toe is afgegrendeld, ook de tussendeuren."

Conflicten

Op de meeste deuren zijn Engelstalige notities geplakt, wat meteen verduidelijkt dat het een internationale residentie betreft. "Hier zijn ongeveer 45 studenten, waarvan 20 buitenlandse," zo preciseert Malou. "De buitenlanders zijn meer op zichzelf, iedereen trekt toch vooral op met landgenoten. Ook de Belgen gaan vooral om met andere Belgen, hoewel Erasmusstudenten soms wat meer toenadering zoeken." De grote keuken, waar veel zetels staan, lijkt toch te wijzen op een groepsgevoel. "Natuurlijk hebben wij wel eens kotfeestjes en gemeenschappelijke activiteiten," zo vertelt Malou, "maar dat komt denk ik ook voor bij andere residenties."
Een goed contact met de priesters is er niet. "Wij hebben geen last van hen en zij hopelijk ook niet van ons," verduidelijkt Malou, "hoewel we wel een gezamenlijke barbecue willen organiseren." Er zijn ook enkele onvolkomenheden, biecht Malou op: "Vooral wat betreft de verwarming ontstaan er wel eens conflicten. Zo zou officieel gezien vanaf 15 oktober gestookt moeten worden, maar dit jaar werd de verwarming pas midden november aangezet." Ook onduidelijkheden omtrent brandveiligheid houdt de studenten van de residentie bezig: "Het is onduidelijk wie daarvoor verantwoordelijk is. Als er brand is weten we niet wat te doen, aangezien noch de priesters noch de universiteit ons zal komen redden."

Centralisering

Een andere student, die ondertussen al vijf jaar in de residentie verblijft, verschaft nog enige informatie over de toekomst van het gebouw: "De Amerikaanse priesterinstellingen in Europa willen alles centraliseren. Dit kan gebeuren in Leuven, maar ook bijvoorbeeld in een andere stad waar zij een seminarie hebben. In het eerste geval zullen wij moeten verhuizen, aangezien ze dan het hele gebouw nodig hebben en in het laatste geval denk ik niet dat de K.U.Leuven het financieel kan opbrengen om dit gebouw te kopen, waardoor waarschijnlijk een projectontwikkelaar ermee aan de haal zal gaan." Vooralsnog blijft het echter bij speculaties, waardoor het nog steeds mogelijk is om te wonen in een gebouw waar de hoge plafonds en het uitzicht op het binnenplein zorgen voor een mooie omgeving.