maandag 4 mei 2009 - jaargang 35 - nummer 23
Bolognaministers vragen geen verlaging studiekosten
ResPACTactie een maat voor niets?
Verschillende organisaties pleitten ervoor dat op deze top flink wat aandacht naar het verlagen van de studiekost zou gaan. De Bolognaministers houden die deur echter angstvallig gesloten.
Christoph Meeussen
De voorbije maanden voerden verschillende groepen onafgebroken actie voor een geleidelijke verlaging van de studiekost, zowel op vlak van inschrijvingsgeld, studiemateriaal, huisvesting, levensmiddelen en de erg hard gestimuleerde studies in het buitenland.Zo betoogden mensen van ResPACT ('Respecteer' het 'Pact' van New York, dat ijvert voor een geleidelijkaan kosteloos wordend hoger onderwijs) op de voorbije maanden intensief in verschillende studentensteden. Een aantal minibetogingen vond plaats, posters en stickers waren op verschillende plekken prominent aanwezig in het straatbeeld, en de laatste dagen werden studenten opgeroepen via krijtteksten op verschillende trottoirs om af te zakken naar een nationale betoging in Brussel. Ze zamelden ook meer dan 48000 handtekeningen in om zo de aandacht van de ministers op het sociale aspect te vestigen.
Raamwerk
Het resultaat van de conferentie lijkt veeleer bedroevend: In het communiqué dat werd verspreid en de resultaten van de conferentie stelt men in paragraaf 23 dat: "Binnen een raamwerk van publieke verantwoordelijkheid benadrukken we dat openbare financiering de hoofdprioriteit blijft om gelijke toegang en verdere ontplooiing te garanderen aan autonome hogere onderwijsinstellingen. Er zou meer aandacht moeten worden besteed aan het zoeken van nieuwe en diverse bronnen en methodes van financiering".Het komt er op neer dat de ministers willen zoeken naar nieuwe geldelijke middelen. Dat is op zich een goede zaak. Toch ontbeert het de paragraaf aan een belangrijke zin. Nérgens wordt vermeld dat de studiekosten gedrukt zullen worden of dat het inschrijvingsgeld niet verhoogd mag worden.
En net daar wringt het schoentje. De inkomensgrenzen voor studiebeurzen in het hoger onderwijs zijn niet aangepast aan de stijgende levensduurte, waardoor steeds minder studenten recht hebben op een studiebeurs. Bovendien zorgt het niet-indexeren ervoor dat de waarde van de studiebeurs relatief gezien zakt.
Voor Sander Vandecapelle, lid van het ResPACT-team Leuven, is het echter niet de bedoeling geweest om concrete resultaten te boeken: "We hebben een nationale campagne opgezet met 32 steunende organisaties. Dat is een erg goede zaak en ik vind het dan ook geweldig dat we na zo veel tijd eindelijk nog eens een goeie militante campagne hebben. Naar de toekomst toe - zeker na de verkiezingen, wanneer betogingen realistischer zijn dan nu - willen we er op blijven toekijken dat de kosten niet omhoog gaan. Anders proberen we, zoals we net bewezen hebben, weer te mobiliseren."
Naast resPACT ijveren ook andere groepen voor een verandering op financieel vlak. De leden van de de European Student's Union ijverden niet voor een afschaffing van de studiekosten, maar eisten minstens een plafonnering. Een aantal ministers kon zich daar niet in vinden, waardoor deze eis de eindtekst niet haalde: "Een tekst is als een kaartenhuis: als je een grote verandering aanbrengt, stort alles in elkaar."
