Onderwijsbeleid onder de loep

"We evolueren naar nultolerantie"

Kwaliteit, flexibilisering en opleidingsaanbod. Dat zijn de belangrijkste thema's die de Onderwijsraad dit jaar op zijn bord krijgt. Vicerector Onderwijsbeleid Ludo Melis gunt ons alvast een blik op wat er allemaal te doen en te gebeuren staat.

Remy Amkreutz & Maud Oeyen

@@MELIS.jpg

Andrew Snowball

"Op dit moment zijn er drie grote operaties aan de gang," zo begint professor Melis zijn betoog. De verschuiving van een jaarsysteem naar een opleidingssysteem (de zogenaamde diplomaruimte) die kadert in het verhaal van de flexibilisering, is zonder al te grote problemen begonnen. Toch zijn er twee belangrijke aspecten waar volgens Melis nog aan gewerkt moet worden. Enerzijds moet bij de start van het volgende academiejaar de vervroegde examenplanning in orde zijn. Studenten zullen dan kunnen zien wanneer hun examens plaatsvinden op het moment dat ze hun ISP invullen. Anderzijds is er de discussie rond nultolerantie, waarbij het ernaar uitziet dat achten en negens in de toekomst niet meer getolereerd zullen worden. "Uiteindelijk evolueren we naar nultolerantie, maar we zullen dat niet ondoordacht doen," sust Melis. Dit jaar zal worden beslist of nultolerantie er komt in de masters. Zo ja, dan moeten er overgangsmaatregelen worden uitgedacht. "We willen professoren eerst leren examineren met het oog op nultolerantie. We moeten het toetsbeleid verbeteren." Aan de tolerantie in de bachelors wordt voorlopig niet geraakt.

"De diplomaruimte is één antwoord op de flexibilisering, maar zeker niet het enige," zo zegt Melis. Heel wat studenten schuiven onderweg in, bijvoorbeeld via een voorbereidings- of schakelprogramma. Een andere problematiek situeert zich dan weer op de overgang van secundair naar hoger onderwijs. "We moeten rekening houden met steeds heterogenere achtergronden. Er is betere informatie en studiekeuzebegeleiding nodig, maar we moeten ook nadenken over hoe we studenten met een verschillende achtergrond voldoende gewapend krijgen om mee te kunnen in dat eerste jaar. Een van de belangrijkste determinanten voor slagen of niet slagen is de kwaliteit van het Nederlands. We richten daar cursussen voor in, maar dat is nog onvoldoende." Ook voor kansengroepen of werkstudenten moeten er aanpassingen komen.

Kwaliteit

Een tweede belangrijke kwestie op de agenda heeft te maken met de kwaliteitscultuur. Melis: "We willen een globaal beeld, een heldere visie op wat we eigenlijk willen. In 2013 zullen we waarschijnlijk instellingsaudits krijgen, en we willen daar klaar voor zijn. Globaal zijn we niet slecht bezig, maar we hebben een heel impliciete visie op wat onderwijs eigenlijk is. Tien jaar geleden is er eens een expliciete visie uitgeschreven, maar ondertussen is de wereld wel veranderd. Binnenkort komt er op de Academische Raad een nieuwe visietekst."

Aanbod

Een derde actieterrein heeft te maken met het onderwijsaanbod. "Rationalisatie, tweejarige masters, de lerarenopleiding, enzovoort. We moeten daar een aantal knopen doorhakken en actie ondernemen. Einde 2007 telde een derde van de vakken in de bachelors minder dan twintig studenten. Voor de masters telde een derde van de vakken zelfs minder dan vijf studenten. Naast de vraag naar externe rationalisatie bestaat er dus ook een vraag naar interne rationalisatie."

De tweejarige master blijft uiteraard een hot topic. "Op lange termijn gaan we waarschijnlijk naar uniformisatie in Europa en dus naar tweejarige masters. Maar niet onder eender welke vorm of voorwaarde. We willen in elk geval dat de lerarenopleiding nauwelijks een supplement betekent na de tweejarige master. Dat is voor ons bijna een breekpunt. Het 'studeergedeelte' van de lerarenopleiding moet volledig in die master zitten. Het is absurd dat je plots zes jaar zou moeten studeren om leerkracht te worden. Er zullen gewoon geen leerkrachten meer zijn. Dat wordt een mooie kennissamenleving."

***

De Onderwijsraad (OWR) is de raad die de Academische Raad adviseert over onderwijsaangelegenheden. Peter de Witte is er de kersverse voorzitter van. Daarnaast zetelen er o.a. nog twee vicerectoren (Ludo Melis, Onderwijsbeleid, en Tine Baelmans, Studentenbeleid), twee experten, drie vertegenwoordigers van het personeel, vier studentenvertegenwoordigers en van iedere faculteit één professor (meestal de vicedecaan) in de OWR.

Dit artikel verscheen op maandag 5 oktober 2009 in nummer 03 van jaargang 36.