Josse de Pauw

"Dat zou ideaal zijn: doodvallen op de planken"

'Onder de vulkaan' is een bewerking van de gelijknamige roman van Malcolm Lowry. Josse De Pauw zette het verhaal over de ondergang van Geoffrey Firmin op scène en speelt zelf het hoofdpersonage. Vlak voor aanvang - en onderbroken door drie soundchecks - spraken wij met een ontspannen Josse De Pauw.

Eric Laureys & Filip Tielens

@@JOSSE.jpg

Andrew Snowball

Het boek 'Under the volcano' duikt regelmatig op in het lijstje van beste boeken aller tijden. Was het bij u liefde op het eerste gezicht? Josse De Pauw: «Ik was twintig toen ik het boek voor de eerste keer vastpakte. Toen was het geen liefde op het eerste gezicht. Later las ik het een tweede keer en ben ik er echt voor gevallen. Het is geen boek dat je kan wegleggen. Je moet het tot je laten doordringen.»


Veto: Is het een voordeel dat u het bewerkt hebt en er ook de hoofdrol in speelt?

De Pauw: «Het zelf kunnen spelen is een groot plezier. Nog nooit heb ik een voorbereiding gehad op een rol zoals deze. Ik ben anderhalf jaar bezig geweest met dit boek. Het is een fantastisch traject. Ik heb tegen Guy Cassiers gezegd dat hij mij dit nog mag aandoen (lacht)


Veto: U vertelde na de première dat het met 'Onder de vulkaan' wel eens "bingo" zou kunnen zijn. Wanneer is het "bingo" voor u?

De Pauw: «Met het publiek omgaan is voor mij hetzelfde als hoe je met je kameraden omgaat. Je kameraden hebben genoeg aan een half woord. Ik maak liever theater waar je met een half woord alles kunt zeggen. Aan de andere kant wil ik ook geen theater maken waar mensen naar zitten te kijken zoals koeien naar een trein. Die "bingo" heeft zeker ook te maken met de taal van Guy. Ik heb het gevoel dat we ergens geraakt zijn waar het publiek op een verschillende manier naar de voorstelling kan kijken en er veel kan uithalen.»

Gehakt


Veto: Werkt dat ook bij een Franstalig publiek?

De Pauw: «In Parijs kregen we elke avond een groot applaus. Natuurlijk gingen er ook een aantal mensen weg uit de zaal. We speelden er immers in het Nederlands en werkten met Franse boventiteling.»


Veto: Nochtans wordt in Frankrijk op tv meestal alles gedubd.

De Pauw: «Voor het publiek daar was dat wel een moeilijkere situatie. Dat zou tien jaar geleden onmogelijk zijn geweest in Frankrijk. Maar ze hebben er nu die stap gezet. De Fransen kennen zeer weinig van taal. Ze stelden zich het Nederlands ook heel anders voor. Vaak denken ze dat het Deens is wat we spreken. Maar ze zijn echt verbaasd van de pracht en melodie van onze taal. In hun herinnering was het Nederlands veel gehakter. Dat is een cliché dat we hebben kunnen weerleggen.»


Veto: Gaan jullie 'Onder de vulkaan' ook spelen in Mexico?

De Pauw: «We zijn er gevraagd om op een festival te spelen, maar tot hiertoe lijken onze agenda's niet overeen te komen. Maar we proberen er een oplossing voor te vinden.»


Veto: Wanneer in het verhaal zijn vrouw terugkeert, kiest de consul er als een echte romanticus voor om zich terug te trekken in de drank en de pijn. Kunt u die beslissing begrijpen?

De Pauw: «Ik heb gelukkig een totaal ander leven. Maar ik begrijp wel een stukje van wat daar gebeurt. Het is gemakkelijk om je gevoelens op te schrijven in brieven, zoals de consul doet. Hij schrijft zijn vrouw dat hij haar graag ziet en dat ze moet terugkomen, maar verstuurt de brieven niet. Op een dag staat zijn vrouw daar onaangekondigd weer. En daar was de consul niet op voorbereid. Het is de realiteit van die liefde die hij niet vat. Dan zie je wat de drank met hem doet. Hij krijgt het gevoel dat hij lucide kan denken, dat hij een overzicht heeft. Maar dat is natuurlijk niet zo. De roes van de drank ken ik zelf goed genoeg. Die roes is zelfs zeer prettig. Maar daar zo ver in doorgaan en de duisternis achter de roes opzoeken, is natuurlijk iets heel anders.»


Veto: Gaat de consul ten onder aan zijn denken of aan de drank?

De Pauw: «Dat is natuurlijk de vraag (lacht). Ik denk dat elke autopsie zou uitwijzen dat de alcohol hem kapotgemaakt heeft. Maar het verlangen naar die mentale toestand heeft zeker een grote rol gespeeld.»


Veto: U speelt met een microfoon die op het aangezicht is geplakt. Hoe is dat?

De Pauw: «Als we met gewone stem zouden spreken, zou de zaal ons wel verstaan. Maar als het publiek een videoscherm ziet, bepaalt de code van de film dat daar ook een versterkt geluid bij hoort. Dat zou heel raar zijn zonder micro. En met micro's kunnen we ook beter nuances leggen.»

Pietje de Dood


Veto: Voor de opnames van de achtergrondbeelden bent u in Mexico gaan filmen. Zou u er ook zelf kunnen wonen?

De Pauw: «Dat niet, ik zou een doel moeten hebben om er te komen. Maar ik merk wel dat ik iets heb met dat land, ook al is Mexico nu een grote puinhoop. De politiek draait er niet, er is armoede en er zijn drugskartels. Het is niet het beste moment om met Mexico kennis te maken, vrees ik.»


Veto: 'Onder de vulkaan' speelt zich af op twee november, de Dag van de Doden in Mexico. Hoe wordt dat daar gevierd?

De Pauw: «Zelf heb ik het nog nooit meegemaakt, maar zij gaan wel anders met de dood om. Het doet een beetje denken aan carnaval. Ze dagen de dood uit en spotten ermee. Voor ons is dat vreemd, maar ook intrigerend. In onze cultuur zit dat ook wel een beetje. Pietje de Dood is daar een voorbeeld van.»


Veto: Hoe gaat u zelf met de doden om? Gaat u op Allerheiligen naar het kerkhof?

De Pauw:: «Ja, ik ga met ons moeder naar het kerkhof. Dat vind ik geestig (lacht). Al die bloemen op de graven, ik vind dat wel iets hebben. Maar ik heb geen enkel geloof in een hiernamaals. Of dat de doden er nog zouden zijn om over ons te waken.»


Veto: Een citaat van u over 'Onder de vulkaan': "Als het boek een oceaan is, en de film die er over gemaakt is een lieflijk Zwitsers bergmeertje, dan willen wij daar ergens tussenin belanden." Geldt het cliché dat een film of voorstelling niet kan tippen aan het oorspronkelijke boek?

De Pauw: «Een boek is natuurlijk een ander medium. Literatuur is een één op één beleving. De lezer en het boek. Alles kan in een boek. Als je het schrijft, is het waar. En als je het goed schrijft, is het nog meer waar. Je verbeelding doet de rest. De intimiteit van een boek overbrengen naar een ander medium is sowieso een uitdaging. Maar de inhoud van een boek naar buiten brengen, vind ik makkelijker op een scène dan in een film. In een film heb je een format van 90 minuten en is alles vlak. Als theaterpubliek moet je zelf je close-ups maken.»


Veto: Een ander citaat van u: "Tussen de twee grote waarheden in het leven, geboorte en dood, staat de prachtige leugen genaamd de liefde."

De Pauw: «Dat is een boutade, maar ik denk wel dat het zo is. Ik heb dat geschreven naar aanleiding van de geboorte van mijn dochter en de dood van mijn vader. Toen mijn dochter geboren werd, vond iedereen dat een schoon kind. Terwijl daar eigenlijk helemaal niks schoons aan is. Ook als iemand doodgaat begint men te roepen wat een goede mens het wel was. Dat zijn vormen van vriendelijk liegen om het leven met elkaar te kunnen leiden. We moeten de dingen op een menselijk niveau houden. Als we liefde als iets te hoogdravend voorstellen waar we niet aan kunnen, worden mensen er alleen maar ongelukkig van omdat ze niet kunnen voldoen aan de wetten van de liefde. En soms is liefde ook gewoon een beetje liegen. Mijn moeder vertelde me vroeger soms dat haar relatie een leugentje om bestwil was. Ik verbind liegen ook helemaal niet met bedriegen. Bedriegen is puur opportunistisch en doe je voor je eigen voordeel. Maar zonder leugens geraken we er niet, ook niet in de liefde.»

Coiffeur


Veto: In januari loopt er in de KVS een retrospectieve met werk van u. Toch geen plannen om op pensioen te gaan?

De Pauw: «Nee, het is nog helemaal niet gedaan (lacht). Daarom staat er in het boekje ook "Josse De Pauw: 1952-?". Het is ook geen retrospectieve, 't is meer een soort van doorsnede van wat ik de laatste jaren gemaakt heb.»


Veto: Merkt u dan zelf een evolutie in uw werk?

De Pauw: «De thema's zijn niet veranderd, maar de taal wel. Ik ben ook steeds meer met muzikanten gaan samenwerken. Ik wou de taal dichter bij de muziek brengen. Eigenlijk ben ik zelf ook nieuwsgierig naar die evolutie. Ik zal het pas merken in januari.»


Veto: Zijn er nog dromen die u zeker wil verwezenlijken?

De Pauw: «Dat is een beetje mijn probleem: ik had nooit dromen. Toen ze me vroegen wat ik later wilde worden, antwoordde ik steeds iets anders: coiffeur, kok, piloot. Ik had geen toekomstdromen. Ik wou ook niet speciaal acteur worden of zo. Maar ik leef nu al 35 jaar van wat ik doodgraag doe. Dat is niet vanzelfsprekend. Het gaat gewoon zoals ik het nooit gedacht gehad dat het zou gaan. Er zijn veel mensen die dat geluk niet hebben. Als je dan nog dromen hebt, ben je echt een hooghartig mens.»


Veto: Lijkt het u iets om te sterven op de planken? Zoals Nand Buyl tot het einde van je dagen op een podium staan?

De Pauw: «Absoluut. Mijn dochter heeft het onlangs nog tegen mij gezegd: "Ik weet het zeker, jij gaat sterven op de scène. Dat zou ideaal zijn: doodvallen op de planken. Of net er na, om de mensen niet te choqueren (lacht). Dat is nu ook weer geen droom, maar je kan toch niet snakken naar een slepende ziekte?»


Veto: Al een bepaalde schouwburg in gedachten om te sterven?

De Pauw: «Het zou die van Leuven kunnen zijn! Als het buiten stormt, dan klapperen de luiken aan het dak dat het een lieve lust is. Haha, dat zou wat zijn!»

Dit artikel verscheen op maandag 19 oktober 2009 in nummer 05 van jaargang 36.