maandag 23 november 2009 - jaargang 36 - nummer 09
Stad Leuven lanceert de brede school
"We hebben lang genoeg geëxperimenteerd"
Ongelijke kansen creëren nog meer ongelijke kansen. "Nergens in Europa is de onderwijskloof tussen sociale klassen zo groot als in België," weet Mohamed Ridouani, Leuvens schepen van Onderwijs (sp.a). In Leuven wil hij die kloof daadwerkelijk dichten. Een verhaal van oude en nieuwe projecten.
Ruben Bruynooghe & Nele Dobbelaere
Mohamed Ridouani is bekend van het zogenaamde 'buddy-project', waarin studenten van de lerarenopleiding kansarme jongeren begeleiden bij hun studies. In twee jaar tijd steeg het aantal buddy's van 25 naar 1000. Bovendien werd het buddy-project door vier andere steden overgenomen.
Toelagesysteem
Ondanks het succes is Ridouani niet tevreden. Het buddy-project werkt in zijn ogen slechts remediërend en het probleem wordt niet bij de wortel aangepakt. "Kansarme kinderen worden te laat ingeschreven en gaan onregelmatig naar school. Vaak gaat het al mis vanaf hun kleutertijd, omdat hun ouders het nut van een kleuterschool niet inzien. De kloof tussen deze ouders en de school is te groot. De ouders houden zich niet bezig met de school en moedigen hun kinderen ook niet aan om verder te studeren."
Ridouani ziet een oplossing in een toelagesysteem voor projecten die er expliciet op gericht zijn deze ouders meer bij het schoolgebeuren te betrekken. In praktijk gaat het om een fonds waar scholen uit kunnen putten voor het bekostigen van catering, printwerk of tolken. Daarnaast wil de schepen ook meer sensibilisering rond hoger onderwijs. "In de leefwereld van kansarme jongeren is hoger onderwijs geen realiteit. Zij hebben geen familieleden met een hoger diploma als voorbeeld. Daarom gaan ze er ook van uit dat die wereld voor hen gesloten blijft, terwijl dat in principe niet het geval is. Met een studiebeurs en een studentenjob is het financiële aspect eigenlijk geen drempel meer."
Ridouani's voornaamste strategie in de strijd tegen de onderwijskloof gaat over voor- en naschoolse opvang. "Voor de scholen is die opvang een serieuze administratieve last. Zij moeten werkkrachten zoeken en uitbetalen, prijzen communiceren en de gelden van de ouders innen terwijl die buitenschoolse kinderopvang niet eens de core business van de scholen is."
Overweldigend
Tegen het schooljaar 2010-2011 wil Ridouani daarom uitpakken met een ambitieus project. Voor alle basisscholen binnen de Leuvense ring wil hij de buitenschoolse kinderopvang laten organiseren door de stad zelf. Op die manier valt er een grote last van de scholen, is de kinderopvang gegarandeerd en kan de stad zelf toezien op de invulling van die uren. "De uren waarop de jongeren niets doen, kunnen immers erg nuttig ingevuld worden door allerlei activiteiten aan te bieden." Ridouani verwijst hiermee naar verschillende privé-initiatieven die al lopen in de stad. 'Circus in beweging', bijvoorbeeld, geeft jongeren de kans om allerhande circustechnieken te leren, 'Sporti' biedt dan weer diverse sportieve vrijetijdsbestedingen aan. "Die projecten zijn nog te los, terwijl ze een evidentie zouden moeten zijn. Het is dus de bedoeling dat de stad zulke organisaties aantrekt of anders zelf zulke activiteiten aanbiedt tijdens de opvanguren. We hebben genoeg geëxperimenteerd met die projecten, het wordt tijd om de theorie in praktijk om te zetten." De zogenaamde 'brede school' moet voor ouders van kansarme leerlingen de drempel om te gaan werken verlagen en moet ondertussen de onderwijskansen van die leerlingen bevorderen.
Volgens Ridouani is de vraag vanuit de scholen naar dit project in ieder geval bijzonder overweldigend. In het schooljaar 2010-2011 start het opvangplan in de acht scholen van de binnenstad. Het is de bedoeling om het jaar nadien het project van de brede school uit te breiden naar de meer dan veertig scholen in het hele Leuvense grondgebied.
Dit artikel verscheen op maandag 23 november 2009 in nummer 09 van jaargang 36. - Disclaimer
