maandag 30 november 2009 - jaargang 36 - nummer 10
Vernieuwde lerarenopleiding in de lift
Opnieuw meer aspirant-leraren
Vlaanderen kampt nog steeds met een lerarentekort. Drie jaar geleden werd de academische lerarenopleiding drastisch hervormd. Na enkele magere jaren stijgt het aantal inschrijvingen in de vernieuwde opleiding dit jaar fors. Toch stellen er zich in het kader van de tweejarige master en de accreditatie nog heel wat problemen.
Jeroen Deblaere & Maud Oeyen
In het academiejaar 2007-2008 werd de oude Algemene Lerarenopleiding (ALO) vervangen door de zogenaamde SLO of Specifieke Lerarenopleiding. Die vernieuwde opleiding had in de eerste jaren van haar bestaan te kampen met relatief lage inschrijvingscijfers. Volgens Ludo Melis, vicerector Onderwijsbeleid, is dat niet onlogisch. "Heel wat studenten schreven zich nog snel in voor de oude ALO, aangezien die heel wat minder studiepunten telde. Daardoor lag het aantal inschrijvingen in de SLO aanvankelijk laag." De nieuwe opleiding omvat zestig studiepunten en de stage verdubbelde ten opzichte van de vroegere opleiding. "Vanaf dit jaar bestaat de oude ALO niet meer - behalve in de richtingen met heel lange masters, zoals Geneeskunde. We zien dan ook dat de inschrijvingen in de SLO in stijgende lijn gaan. Daarnaast is het natuurlijk wel zo dat het lerarenberoep nog steeds als weinig aantrekkelijk wordt beschouwd." Melis ziet het lerarentekort dan ook niet meteen verdwijnen.
Volgens Bregt Henkens, coördinator van het Academisch Vormingscentrum voor Leraren (AVL) aan de K.U.Leuven, is het aantal SLO-studenten verdubbeld ten opzichte van vorig jaar. "Tot vorig jaar was het merendeel van de aspirant-leraren nog ingeschreven in de oude Academische Lerarenopleiding, nu is de verhouding omgekeerd. Bovendien is er een vernieuwde interesse om leraar te worden."
Henkens wijt die stijgende interesse aan een aantal factoren: "In economisch onzekere tijden opteren meer studenten voor werkzekerheid. Les geven biedt een interessant loon en is in een economische crisis een verstandige keuze. Bovendien worden veel studenten aangetrokken door de berichtgeving dat er te weinig leraren zijn, zodat werkzekerheid gegarandeerd lijkt".
Master
Goed nieuws dus van het lerarenfront, al zijn hiermee niet alle problemen van de baan. Volgens Anton Schuurmans, ondervoorzitter en onderwijsman bij de Leuvense Overkoepelende KringOrganisatie (LOKO), hangen veel van die problemen samen met het dossier van de tweejarige master. Het is immers nog niet duidelijk hoe men die lange master met de lerarenopleiding zal combineren. "Binnen de werkgroep die het SLO-dossier behandelt en werd opgericht in de schoot van de VLIR (Vlaamse Interuniversitaire Raad), is er sprake van twee verschillende modellen," zo zegt Anton. "De wetenschappelijke richtingen zouden graag de lerarenopleiding laten aansluiten op een normale tweejarige master. Bij Letteren houdt men vast aan een ingedaalde lerarenopleiding, waarbij studenten een master kunnen kiezen met een onderwijsprofiel. Op die manier kunnen ze een groot aantal studiepunten van de lerarenopleiding opnemen in hun master."
Yannick Lefevere, voorzitter van StRaaL (StudentenRaad Letteren aan de K.U.Leuven), bevestigt dat laatste. "Wij willen dat de SLO zo volledig mogelijk indaalt in de tweejarige master, zodat de lerarenopleiding zo weinig mogelijk studieduurverlenging tot gevolg heeft." Geen onlogisch standpunt als je bedenkt dat pakweg een leraar Nederlands in het geval van een tweejarige master zonder ingedaalde lerarenopleiding niet langer vier, maar wel zes jaar zou moeten studeren om zijn of haar diploma te behalen. Volgens Anton zou het combineren van beide modellen een uitweg kunnen bieden uit de impasse die nu al een tijdje heerst rond het dossier.
Niveau
Een ander heikel punt schuilt in het uitblijven van de accreditatie van deze opleiding. Accreditatie houdt in dat een daartoe opgericht orgaan een bepaalde opleiding na een evaluatie erkent door aan te geven dat zij aan de kwaliteitseisen voldoet. Het orgaan dat zich met die evaluatie en accreditatie bezighoudt is de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). De Specifieke Lerarenopleiding wordt op dit moment nog niet geaccrediteerd en wel om bijzondere redenen. Henkens licht toe: "In Vlaanderen kunnen zowel universiteiten, hogescholen als CVO's (Centra voor Volwassenenonderwijs, red.) een lerarenopleiding inrichten. Die opleidingen zijn van een verschillend niveau. Nu moet die lerarenopleiding - ongeacht de instelling waar ze ingericht wordt - ingeschreven worden in één niveau. De universiteit wil daar natuurlijk het hoogste niveau zien staan, maar de CVO's kunnen zich daar niet in vinden."
Het uitblijven van de accreditatie brengt niet veel nadelen met zich mee. Er kan zich enkel een probleem stellen wanneer een afgestudeerde naar het buitenland trekt. Een geaccrediteerde opleiding wordt bijna onmiddellijk erkend in het buitenland. Is een opleiding niet geaccrediteerd, dan moet men zich wenden tot een organisatie die individuele diploma's erkent. Erg handig is die regeling dus niet.
Op het vlak van kwaliteitscontrole is er echter geen groot probleem. De opleidingen worden immers wel degelijk gevisiteerd. In de loop van 2011 en 2012 zullen alle Specifieke Lerarenopleidingen (aan hogescholen, CVO's en universiteiten) in één beweging gevisiteerd worden. Deze controle zou de kwaliteit van die opleidingen moeten garanderen.
Dit artikel verscheen op maandag 30 november 2009 in nummer 10 van jaargang 36. - Disclaimer
