maandag 7 december 2009 - jaargang 36 - nummer 11
Check Out
Wie: Sarah Van Pee
Wat: Grieks-Latijn
Waar: Thessaloniki
Veto: Vanwaar Thessaloniki?
Sarah: «Ik wist eigenlijk niet zo veel over Thessaloniki. Dat ze er Grieks praatten. Dat ik dat zelf niet goed kon. Dat het in Griekenland lag en dat Griekenland een onweerstaanbaar land was. Dat het een multiculturele stad vlakbij de zee was. Nu, dat kon al wel tellen qua aantrekkingskracht. Vorig jaar ben ik veeleer toevallig begonnen met Nieuw-Grieks. Ik vond het dan zo leuk om die taal te studeren en de Griekse cultuur te leren kennen, dat ik daar graag een tijdje zou gaan wonen. Verder studeer ik oud-Grieks, en dan ligt de keuze voor Griekenland ook wel een beetje voor de hand. Thessaloniki was de enige stad in Griekenland waar ik heen mocht, dus bij die keuze had ik weinig in de pap te brokken.»
Veto: Wat bevalt je het meest?
Sarah: «Het allerleukste aan Thessaloniki zijn de overheerlijke gebakjes en verrassingssnoepjes. Om de tweehonderd meter vind je een patisserie. Het is een mirakel dat ik nog geen twintig kilo bijgekomen ben! En het is hier heerlijk weer natuurlijk. Het is ook heel leuk om de sfeer op te snuiven aan de universiteit, die toch heel anders is dan aan de K.U.Leuven.»
Veto: Zijn er zaken die je minder leuk vindt?
Sarah: «Het minst leuke aan Griekenland is dat het zo ver van België ligt en dat mijn vriend in België zit. Erasmus is niet echt een last voor mijn liefdesleven, veeleer heel erg niet fijn. Je moet elkaar lang missen, en brieven en mails sturen of skypen is toch niet hetzelfde als echt bij elkaar zijn. Hoewel ik het hier erg leuk vind, kijk ik toch enorm uit naar het moment waarop ik terugga naar België en mijn vriend terugzie.»
Veto: Kloppen de clichés over het decadente Erasmusleven?
Sarah: «Zeker in het begin zat er wel wat decadentie in het kraantjeswater. De zoete rode wijn, de ouzo en de metaxa hebben rijkelijk gevloeid, de lucht was nevelig door sigaretten en een heel aantal meisjes vroeg zich 's ochtends af hoe die kerel toch in hun bed terechtgekomen was. Na een tijdje begon het merendeel wel genoeg te krijgen van steeds dezelfde fuiven, en ondertussen is de sfeer al veel bedaarder.»
Geert Janssen
Dit artikel verscheen op maandag 7 december 2009 in nummer 11 van jaargang 36. - Disclaimer