maandag 22 februari 2010 - jaargang 36 - nummer 15
Filmfirmament
Filmfirmament | The Bad Lieutenant: Port of call - New Orleans
Regisseur Werner Herzog neemt ons mee in een trip - in alle betekenissen van het woord - van Luitenant Terence MacDonagh. Als hoofdonderzoeker van een belangrijke moordzaak heeft McDonagh het vooral zelf moeilijk om in het gareel te lopen. Zijn chronische rugpijn, het gevolg van een reddingsoperatie, maakt van hem een drugverslaafde. En ook voor McDonagh komt een ongeluk nooit alleen.
Matthias Adriaensen
De filmtitel zal de cinéfielen onder u quasi instant tot een aha-erlebnis bewegen. Op die manier slaagt het commercieel opzet van de makers. Voor de overige lezers - ongetwijfeld de geringe minderheid - wijzen we met veel plezier op de nagenoeg gelijknamige cultfilm uit 1992 met Harvey Keitel.
Doch, de film lijkt ons noch een remake, noch een vervolg. Vast staat wel dat een beroep werd gedaan op dezelfde producent. Dit maakt dat de geest van de eerdere prent alleszins aanwezig is. Anderzijds is de crime scène deze keer New Orleans, dat in de nasleep van orkaan Katrina ontredderd oogt. De locatie op zich, alsook haar symboliek, blijken een geniale keuze.
Psychedelisch
Wanneer vijf illegale Senegalese immigranten in het dealersmilieu vermoord worden, krijgt Luitenant Terrence McDonagh van zijn overste het vertrouwen om deze zaak op te lossen. Dergelijke setting lijkt op zich al voldoende om anderhalf miljoen Witse-fans te doen watertanden. Om ontgoochelingen te vermijden, voelen we ons dan ook verplicht hen deze valse hoop te ontnemen. Een belangrijk deel van de film is immers veeleer tragikomisch. Daarvoor zorgen de psychedelische middelen die McDonagh massaal tot zich neemt. En willens nillens, u tript mee. Naast imaginaire iguanas en dansende zielen zijn vooral gokken, machtsmisbruik en een prostituee prominent aanwezig in het leven van McDonagh.
Junkface
Naast de voortreffelijke regie van Werner Herzog viel bij ons vooral de prestatie van Nicolas Cage in de smaak. Het behoeft geen betoog dat de man gezegend is met een volmaakt junkface. Maar er is meer: zijn houding, mimiek, gegniffel en tics zijn geniaal. Het moet weliswaar gezegd worden dat ook in deze film niet al wat blinkt goud is. Zo doet het verhaal wat chaotisch en langdradig aan. Enkele hilarische scènes, gepaste jazz en het einde maken dit echter meer dan draaglijk. Oh Yeah!
Dit artikel verscheen op maandag 22 februari 2010 in nummer 15 van jaargang 36. - Disclaimer