Hanne Valckenaers wint Popthesis

Realisme is nodig

Elk jaar reikt Poppunt, een organisatie voor beginnende en gevestigde artiesten, de popthesisprijs uit. Dit jaar werd die gewonnen door Hanne Valckenaers, studente Agogiek, met haar eindwerk over de subsidiëring in de popsector.


Veto: Wat was de motivatie om uw thesis in te dienen bij Poppunt?

Hanne Valckenaers: «Ik schreef mijn thesis over de popbranche, die mij altijd al heeft geïnteresseerd. Alle studenten die hun eindwerk over een aspect van de popsector schrijven, worden volgens mij wel aangemoedigd door hun promotor om het in te dienen voor de wedstrijd.»

«De subsidiëring van de popindustrie is een enorm gevoelig thema, het is een echte 'industrie' - niet zoals theater, dat tot de kunstsector wordt gerekend. Verder is er ook nog maar een goede tien jaar sprake van een 'popbeleid,' dat dan uiteenvalt in de zogenaamde 'clubs' (genre Het Depot) en de radiostations.»


Veto: Waar stelt zich dan juist het probleem?

Hanne: «Momenteel wordt een derde van de managementbureaus gesubsidieerd, wat inhoudt dat ze een som geld van de overheid ontvangen die ze naar eigen goeddunken mogen gebruiken. Het gaat hierbij dan al niet meer over de héél kleine groepen, die worden eerder door Poppunt ondersteund. Groepen als Team William, The Van Jets en Mintzkov zijn meer het segment waarover het gaat.»

«Een moeilijkheid is dat, om in aanmerking te komen voor de subsidies, er aangetoond moet worden dat de groep "jong" of "onderzoekend" is. "Jong" is natuurlijk gemakkelijk te definiëren en elk managementbureau investeert in jong talent, maar met "onderzoekend" ligt dat een stuk moeilijker. De enige groep die hier momenteel echt aan voldoet, is DAAU. Het is goed dat er criteria zijn, maar erg duidelijk is het laatstgenoemde niet. Daarbij komt nog dat de popsector erg onvoorspelbaar is. Ik stel me dan ook vragen bij het beleidsplan dat popgroepen onder de huidige regeling moeten opstellen; jaren op voorhand moet alles bepaald zijn, terwijl de sector dus absoluut niet voorspelbaar is. Het beleid zou zich dus wat beter op de praktijk moeten toespitsen. Een mogelijke oplossing zouden projectsubsidies kunnen zijn, die de artiest toelaten voor de duur van een bepaald project het geld verstandig te investeren. Kortetermijnbeleid is in alle opzichten beter voor de sector.»


Veto: U werkt voor Milow momenteel, hoe is dat gekomen?

Hanne: «Ik ben eigenlijk via mijn thesis met Milow in contact gekomen, na een interview vroeg hij me of ik geen interesse had om voor hem te werken. Milow is wat je noemt een do-it-yourselfperformer, hij is zijn eigen platenlabel. Voor zulke artiesten zouden die projectsubsidies een enorme steun kunnen zijn. Momenteel werken zij - net als managementbureaus voor kleine groepen - in door de overheid opgelegde vzw's. Dat systeem past eigenlijk niet echt in de branche, die op winst maken is afgestemd. De mogelijkheid tot werken onder het bvba-systeem zou veel kunnen veranderen aan de huidige situatie. Wat meer realisme is in het beleid absoluut nodig, daarom organiseert Poppunt op 9 maart een studiedag in de AB, waar ik een presentatie zal geven over mijn thesis. Het hele veld komt daar aan bod. Ik moet het beleid natuurlijk niet hervormen, maar reflectie is absoluut nodig.»

Eline Van Eldere

Dit artikel verscheen op maandag 1 maart 2010 in nummer 16 van jaargang 36. - Disclaimer