maandag 10 mei 2010 - jaargang 36 - nummer 24
Lezersbrief
Vrije Tribune | Een paar strepen door Bologna?
Op de conferentie van Berlijn verzamelden in 1884 de leiders van de belangrijkste Europese landen om onderling Afrika koloniaal te verdelen. Dit terwijl 80% van Afrika nog onder controle was van de oorspronkelijke bewoners. Deze verdeling gebeurde grotendeels volgens een aantal redelijk willekeurige rechte lijnen die gebaseerd waren op de ligging van grote steden of van lengte- en breedtegraden. Er werd totaal geen rekening gehouden met de lokale situatie en bevolking. Het resultaat was dus dat bepaalde bevolkingsgroepen gewoon in tweeën werden 'gesneden' en samen in één land 'gestoken' werden met volkeren waar ze totaal niet mee overweg konden met alle gevolgen van dien.
Zo ongeveer moet het er ook aan toe zijn gegaan op de vergaderingen van de Vlaamse onderwijsbobo's in de naslaap van de eerste Bolognaconferentie in 1999. De Bolognaconferentie wilde de Europese hogeronderwijssystemen meer gelijk trekken. Er werden daarom in Vlaanderen een aantal soms redelijk willekeurige rechte lijnen getrokken om ons hogeronderwijslandschap in te delen, die niet altijd even goed rekening hielden met de lokale situatie en de 'studentenbevolking'.
Om te beginnen werd er met de academisering een redelijk willekeurig rechte lijn getrokken tussen professionele en academische opleidingen (wat overigens, in tegenstelling tot wat men dikwijls doet uitschijnen, eigenlijk geen uitvloeisel is van Bologna). Driejarige opleidingen moesten professioneel zijn, gericht op het aanleren van een bepaald beroep, vierjarige academisch, ook gericht op onderzoek. Dit had als gevolg dat de vierjarige opleidingen aan de hogescholen (bv. vertaler-tolk en handelswetenschappen, kunsten) academisch moesten worden en zich dus ook bezig moesten houden met onderzoek. Dat er in de praktijk helemaal geen strikt onderscheid is tussen academisch en professioneel, daar werd geen rekening mee gehouden. Opleidingen als geneeskunde en sportkot zijn bijvoorbeeld toch net iets praktijkgerichter dan pakweg filosofie. En of de bewuste hogeschoolopleidingen er echt bij gebaat zijn om academischer te worden, of of die opleidingen gewoon goede professionals moeten afleveren, dat is ook nooit helemaal duidelijk geweest. Het toppunt van deze discussie is de academisering van de kunstenopleidingen. Wat heeft kunst en creatief genie met wetenschappelijk onderzoek te maken?
Academisering bracht ook associatievorming met zich mee. De hogescholen moesten een samenwerking aangaan met een bepaalde universiteit, mede om de academisering te ondersteunen. Dit gebeurde weer volgens een redelijk lukrake verdeling, met als resultaat dat de ene associatie veel groter en dus machtiger is dan de andere, en dat alle associaties over heel Vlaanderen verspreid zijn, wat toch wel onpraktisch is als je fatsoenlijk wilt samenwerken.
Daarnaast kwam er het systeem van drie jaar bachelor plus één of twee jaar master, in de plaats van twee jaar kandidatuur plus twee of drie jaar licenties. Dit systeem is een mooie gelijktrekking met de rest van Europa, maar er is niemand die kan zeggen of ons onderwijs er echt beter van is geworden. Integendeel, er zijn er zelfs die vinden dat één jaar master te kort is.
En dat brengt ons bij de laatste eerder lukrake rechte lijn: de tweejarige master die in veel van de humane wetenschappen op het punt staat ingevoerd te worden. Eén van de redenen daarvoor is zoals gezegd dat één jaar master te kort is. Een andere reden is weer dat het een mooie gelijktrekking met de rest van Europa is. In een enquête bij de studenten Letteren bleek echter dat 80% van de studenten hier helemaal niet op zit te wachten.
Daarom moeten we ons de vraag stellen of we al deze hervormingen strepen door ons onderwijs willen laten trekken, of of we een streep door deze hervormingen moeten trekken. Al vrees ik dat het voor dat laatste al veel te laat is, omdat onze 'heersers' dat boven ons hoofd al lang beslist hebben.
Gijs Van den Broeck
Ondergetekende is vertegenwoordiger van LOKO op extern (Vlaams en associatie)niveau, maar verkondigt hierbij zijn eigen mening, omdat hij graag meedoet aan het vergelijken van ons onderwijs met foute politieke systemen.
Dit artikel verscheen op maandag 10 mei 2010 in nummer 24 van jaargang 36. - Disclaimer