maandag 16 mei - jaargang 37 - nummer 24
Dierenproeven aan de K.U.Leuven
Proeven op dieren, iedereen heeft er een mening over. Ook de K.U.Leuven doet mee aan het debat. Wij gingen kijken wat de visie van onze universiteit daarop is en hoe dat er nu eigenlijk aan toegaat. Hoe geraak je aan een toelating om dierenproeven uit te voeren?
An Cuypers
""Is een mens meer waard dan een dier?" Wie dierproeven doet, beantwoordt die vraag positief, en wij beamen dat uitgangspunt. Een mensenleven is fundamenteel waardevol, een dierenleven is dat ook, maar als we voor de keuze staan, kiezen we voor de mens", kunnen we lezen op de site van de universiteit.
Aan de andere kant stelt GAIA-oprichter Michel Vandenbosch in een interview tussen hemzelf en vicerector Peter Marynen dat het ziek maken, pijnigen en doden van dieren voor eender welk onderzoek ethisch fundamenteel verkeerd is. Dat omdat dieren zich in een gelijkaardige positie bevinden als jonge kinderen of zwaar mentaal gehandicapten, aangezien die ook niet in staat zijn om een volwaardige toestemming te geven.
Hoe wordt dat dan geregeld? De twee stellingen worden verenigd in de strenge wetgeving aangaande dierenproeven: dieren mogen enkel gebruikt worden als er geen enkele andere manier is om de vraag die men zich stelt te onderzoeken. Aan de andere kant zijn er evenwel ook gevallen waar het gebruik van proefdieren verplicht gesteld wordt. Het dierenwelzijn moet niettemin maximaal gerespecteerd worden: men moet kiezen voor dieren met de laagste graad van gevoeligheid, nodeloos lijden moet vermeden worden en het aantal dieren moet minimaal gehouden worden. Ook moeten de onderzoekers een specifieke opleiding proefdierkunde gevolgd hebben.
Bezinning
Daarna moet je als wetenschapper eerst bij de ethische commissie van de K.U.Leuven aankloppen. "In de aanvraag bij de commissie moeten de onderzoekers wetenschappelijk kunnen verantwoorden waarom ze de proef doen. De bedoeling van een ethische commissie is dat de wetenschapper zich eerst bezint over pijn, lijden en letsel van het dier in kwestie en of hij dat lijden niet kan reduceren. Zo moet de wetenschapper in zijn aanvraag inschatten of de proef ernstig lijden veroorzaakt. Op die manier moet er nagedacht worden over wat men doet," vertelt de voorzitter van de commissie, professor Immunologie Bruno Goddeeris.
Aanvragen kunnen evengoed afgewezen worden. "Als iemand van de leden van de commissie een bezwaar heeft, wordt er simpelweg niet gestemd over de aanvraag en wordt die niet getekend. De wetenschappers in kwestie wordt dan gevraagd naar de volgende vergadering van de commissie te komen om hun verzoek uit te leggen. Ook worden vaak aanvragen goedgekeurd mits er een aanpassing gebeurt. Wanneer men bijvoorbeeld ether wil gebruiken om een muis te doen inslapen, kunnen we het project goedkeuren op voorwaarde dat de anesthesie op een humanere manier gebeurt."
De commissie heeft niet enkel een functie in de aanvraagprocedure, maar ook een controlefunctie achteraf. "Er zijn twee soorten controles: er is een controle mogelijk terwijl de proef wordt uitgevoerd, maar dat wordt slechts zeer sporadisch gedaan en enkel in gevallen waar het een proef is die voor de eerste keer voorkomt.
Ten tweede moeten de wetenschappers de proef evalueren bij afloop en rapporteren aan de commissie. Daarbij moeten ze verschillende vragen beantwoorden, bijvoorbeeld of ze de pijn goed ingeschat hebben en of ze die nog steeds hetzelfde zouden inschatten na de proef gedaan te hebben. De goedkeuring voor een experiment blijft trouwens geldig gedurende vier jaar, daarna moet de wetenschapper in kwestie een heraanvraag doen. Dat komt doordat er in vier jaar veel kan veranderen, zowel in de ethiek als in technische middelen en mogelijkheden."
Hoe hij denkt over de verhouding mens-dier? "Dat zijn dingen waar we mee bezig zijn in de reflectiegroep binnen de commissie. De mens is in ieder geval de wreedste van alle dieren omdat hij wéét hoe hij pijn moet doen, maar ook hoe hij pijn moet vermijden. Een wetenschapper moet respect hebben, dat is het uitgangspunt van de commissie." Als besluit stelt de professor: "Mensen zijn hoger ontwikkeld, maar wil dat dan zeggen dat we meer waard zijn? Net omdat we het meest ontwikkeld zijn, moeten we ons des te meer realiseren dat we respect moeten hebben voor de natuur en de andere diersoorten, en net door die ontwikkeling hebben we ook de mogelijkheid om dat te doen."
Dit artikel verscheen op maandag 16 mei in nummer 24 van jaargang 37. - Disclaimer
