Hurtmold & Brecht Evens en Randall C

Elke twee jaar focust het cultuurfestival Europalia zich op een exotische bestemming, en dit jaar valt Brazilië de eer te beurt. Het STUK koos daarbij voor om de clichés over de muziekscene te doorboren, door een magistrale set van het eigenzinnige Hurtmold te programmeren.

Joey Bougard

Ze werden aangekondigd als de “Braziliaanse Tortoise”, maar dat is de waarheid over de zes heren uit Sao Paulo geweld aandoen. Hun muziek mag hier en daar dan wel een echo van de statige postrockers uit Chicago bevatten, het optreden dat ze vrijdagavond gaven in de Labozaal van het STUK was allesbehalve dat. Hier geen boekhoudersgefrunnik, maar eerder het geluid van een spastische ADHD’er die van het ene ritme naar het andere springt. Die verwijzingen naar Chicago en diens muziekscene als het Hurtmold betreft, komen natuurlijk niet uit de lucht vallen: recent nog werkten bandleden Guilherme Granado en Maurício Takara samen met jazzgoeroe Rob Mazurek uit de Windy City. Maar het is iets dat de bandleden resoluut afwijzen.

“Het is zo dat we niet echt voldoen aan het beeld van wat Braziliaanse muziek moet zijn, dat klopt. Maar daarom klinken we niet als Tortoise, en dat willen we ook niet. We doen ons eigen ding vanuit onze eigen, gezamenlijke achtergrond,” schiet Rogerio ons toe tijdens het interview. Die achtergrond die hun muziek zo typeert en domineert ligt in Sao Paulo, één van Brazilië's grootste steden, een bijenkorf van een stad die altijd een beetje haar eigen ding gedaan heeft. “Het is niet dat Sao Paulo zo hard verschilt van de rest van het land, maar het is een economische pool die mensen van overal in het land aantrekt. Dat creëert een hutsepot die je nergens anders vindt: al die verschillende soorten muziek uit alle windstreken, alle genres die clashen. Wij proberen in onze kunst niet te mixen, het is gewoon een reflectie van hoe het is.”

Voor het concept van dit optreden werkt de groep samen met de talentrijke Vlaamse tekenaars Brecht Evens en Randall C, die de muziek voorzien van indrukwekkende tekeningen op de achtergrond. Via hun tekentablet toveren de heren om beurten taferelen tevoorschijn, waarbij een schimmige schaduw plotsklaps transformeert in een steigerende zwarte merrie of een schreeuwend gelaat. Het blijkt een geslaagde combinatie: terwijl de instrumentale melodieën van de groep het publiek bij het nekvel meesleuren, maken de improvisaties van Evens en Randall – die gebogen over hun tafeltje achterin de zaal hun beste Statler & Waldorf-impersonatie op touw zetten – het geheel alleen nog maar straffer.

Improvisatie is verder het sleutelwoord om Hurtmold te omschrijven. Dat de groepsleden elkaar door en door kennen, speelt een ontzettend belangrijke rol in hoe de groep klinkt en kan samenwerken.“Wij zijn samen opgegroeid. We kennen mekaar al zestien jaar en houden van mekaar. Het zijn zes personen, zes werelden die mekaar tegenkomen en een gemeenschappelijke grond proberen te zoeken. Misschien klinkt onze muziek daarom zo anders?”, filosofeert Guilherme. Dat blijkt niet alleen uit de innige, door sloten bier en Jameson gevoede backstageverbroedering van het zestal, maar ook in hun intense live-act. Hurtmold speelt zo goed dat de pannen de komende drie weken het dak niet meer op durven: ze schieten van dompige jazzclub naar ritmische sambaorgie in één drumslag, terwijl er na elk nummer een hartelijke lach tussen de bandleden vanaf kan. Om dan weer het volgende ritmische bommetje in te zetten.

Zo ging dat een uur lang door, maar eerlijk, het hadden er gerust drie mogen zijn: deze schappelijke kerels uit Sao Paulo spelen gewoonweg bezwerende muziek die doet snakken naar meer. Wanneer de laatste tonen weerklinken en de groep met een overtuigde “muito obrigado” van het podium afgaat, vatten Randall C en Evens de algemene teneur dan ook perfect in koor samen: “het was ontzettend plezant, maar véél te kort! We moeten dat nog eens doen, eigenlijk.” En gelijk dat ze hebben.