Alfa & Maritieme Archeologie | "We all like the kogge" "Wat zullen archeologen nooit vinden?" "Een vaste job." Toen we op Valentijnsdag de jaarlijkse tentoonstelling van Alfa, de Leuvense kring der archeologen, bezochten, zat de sfeer er door de sprekers meteen goed in. "Maritieme archeologie" bleek een relatief boeiend thema, maar dan vooral dankzij de nogal commerciƫle aanpak. Pieter Haeck Als iemand ons vooraf had gevraagd waar de tentoonstelling van Alfa rond maritieme archeologie rond zou draaien, hadden wij met romantiek teruggedacht aan de periode dat wij de Kuifje-strip Het geheim van de eenhoorn lazen. Bemoste scheepsrompen, schatten met goud en parels en nog zoveel meer. Wrong thoughts zo bleek al snel. De eerste spreker die Alfa over de vloer kreeg, hield wel van wat provocatie. Na een inleidend mopje over archeologen en vaste jobs, vroeg hij aan de zaal wie er archeologie studeerde. De hele zaal, buiten wij, stak zijn hand op. De volgende vraag kaderde meer in het thema van de maritieme archeologie. "Wie heeft een duikersbrevet?" Slechts 2 vingers bleven over. Ook voor de archeologen zelf bleek het thema geen evidentie. Onterecht misschien, want de eerste spreker benadrukte meteen het grote belang van het maritieme onderzoek binnen de archeologie. Zo is het oudste monument van Belgiƫ niets minder dan het Albertkanaal en strekt het maritieme onderzoek zich ook uit tot molens, sluizen en dergelijke. De hele Antwerpse Scheldedelta is een ideaal terrein voor een maritiem archeoloog. Een veel breder onderzoeksterrein dan gedacht dus. Ons geromantiseerd beeld van maritieme archeologie werd ook even professioneel uit de wereld geholpen. Weg met Kuifje en de eenhoorn, enter een hele hoop scheepswrakken en wijnkaraffen. Wij smijten nu colablikjes weg, maar vroeger belandde er al eens een wijnkaraf op de bodem van de zee. Ook waren wij even van onze melk door de mededeling dat er in elk jaar een paar 1000 scheepswrakken terechtkomen op de Britse zeebodem. En dat is nog maar het topje van de ijsberg. Een storm tijdens een bepaalde nacht in het Nederland van 1593, bracht het voor anker liggende scheepsbestand terug van 130 naar 8. Een recordje. Toog Dat waren dan wel allemaal populaire weetjes waarmee men goed scoort aan de toog, de Alfanen in de zaal echter bleven soms op hun honger zitten. Gelukkig voor hen bracht de tweede spreker een veel specifieker betoog, over een concreet maritiem archeologisch project. Bij de uitdieping van het Deurganckdok werden twee kogges - ook wel laat-Middeleeuwse schepen genoemd - aangetroffen. Een zeer technisch betoog over de verschillende onderdelen van een schip vatte aan. Ongetwijfeld spek naar de bek van de Alfanen, een nogal saai onderdeeltje voor ons. Gelukkig werd er ons nog meegegeven dat het Kogge-project een Facebook- en Twitteraccount heeft. Huppa! Liken die handel! Ook later - bij de opening van de tentoonstelling - werd nog maar eens duidelijk dat zo'n tentoonstelling dansen op een slappe koord is. Moet je vakidioten aantrekken of ook het grotere publiek proberen te bekoren? "Met ons prestigeproject probeerden we ditmaal ook een beetje vulgariserend te werken," zo klonkt het bij Alfa. Well done, boys. De tentoonstellingsruimte was immers een lust voor het oog. U kan ze volgende maand nog bezoeken.