Commotie rond taalbeleidDe Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) en de studenten schieten met scherp op recente wijzigingen in het taaldecreet. Dat een opleiding meer vakken in een andere taal mag doceren, juichen ze toe, maar de rest van de nota beschouwt anderstalige diploma's als een straf, zo klinkt het. "Het is duidelijk welke politieke hoek anderstalige diploma's in het verdomhoekje plaatst."Pieter HaeckHet decreet rond taalbeleid blijft een hot topic. Zo was het al langer duidelijk dat het decreet anderstalige bachelors mogelijk zou maken. Het criterium om Nederlandstalige en anderstalige bachelors van elkaar te scheiden ligt in het decreet op 18,33 percent van de studiepunten. Een opleiding kan zo'n 30 studiepunten in een andere taal doceren zonder als een anderstalige bachelor te worden aanzien.Er wordt nu, onder meer in het advies van de Vlor, gewag van gemaakt om dat percentage drastisch te laten stijgen. Het moet mogelijk zijn voor een opleiding om zo'n 33 percent van de studiepunten in een andere taal te laten doceren. In het extreme geval betekent dit dat een student ongeveer 60 van de 180 studiepunten in een andere taal kan volgen, maar toch een Nederlandstalig diploma ontvangt.Toch is er striemende kritiek op de rest van het door het decreet voorgestelde taalbeleid. De Vlor wenst niet officieel te reageren, maar strooit in haar advies wel welig met de bezorgdheden. Zo bevat het decreet maximumpercentages voor het aantal anderstalige bachelor- en masteropleidingen. De Vlor stelt dat het niet alleen totaal onduidelijk is hoe die percentages berekend worden, maar dat zulke percentages Belgiƫ achterop kunnen laten hinken in het Europese peloton, wanneer de anderstalige opleidingen daar wel onbeperkt kunnen toenemen.Studentenraad LOKO is meer direct in haar kritiek. "Dit decreet is zeer negatief ten opzichte van anderstalige diploma's. Ze worden definitief in het verdomhoekje geplaatst," aldus ondervoorzitster Inge Geerardyn. "Het hebben van een anderstalig diploma wordt als een straf aanzien, en dat op een moment dat de economische omstandigheden dit net aanmoedigen."Een voorbeeld van die negatieve houding is volgens LOKO een ander element van het decreet, namelijk het monitoringselement. Dat principe stelt dat wanneer 25 percent van de studenten meer studiepunten in een andere taal opnemen dan het criterium van 18,33 percent, een Nederlandstalige opleiding toch nog als anderstalig kan worden beschouwd.