Altijd weer vogelen…
Een ontstellende soap ontspon zich deze week op de blogsite van het weekblad Knack: professor Nederlandse literatuur Hugo Brems zou een wereldvermaarde vrouwelijke Vlaamse auteur annex professor taalfilosofie aan de K.U.Leuven zijn ‘vergeten’ in zijn geschiedenis van de Nederlandse literatuur na 1945, getiteld “Vogels die altijd weer in nesten zitten� (zie ook Veto 19, jaargang 32). De gedupeerde auteur draagt niet toevallig de naam Patricia de Martelaere, en ze claimt dat Brems haar moedwillig is vergeten te vermelden omdat de twee een tiental jaar geleden een relatie zouden hebben gehad. Met elkaar dan nog, want elk apart hebben ze natuurlijk ook hun bezigheden.
Professor Brems — door kwatongen ook wel ‘de Vogelaar van Letteren’ genoemd — relativeerde de hele zaak meteen: “Dat ik Pamela-hoe-heet-ze-ook-al-weer ben vergeten zegt misschien meer over haar bedkwaliteiten dan over mijn Alzheimer. Tussen ons gezegd en gezwegen: veel soeps was die relatie niet, hoor. Bovendien: het zou maar al te gek zijn als mensen met mij naar bed moesten gaan om nÃet in mijn standaardwerk te worden opgenomen. Voorbeelden als Neeltje Maria Min, Charlotte Mutsaers, Oscar van den Boogaard, Annelies Verbeke, Saskia De Coster, Joke Van Leeuwen en vele anderen bewijzen precies dat wie met mij slaapt net wél wordt beloond met een vernoeming. Alleen Kristien Hemmerechts heb ik gevraagd van mijn lijf te blijven in ruil voor drie pagina’s in “Vogels die altijd…â€?, want ik weet niet of de verhalen die over haar de ronde gaan waar zijn, maar als er SOA’s aan te pas komen, neem ik toch liever geen risico’s.â€?
Ondertussen heeft professor De Martelaere een communiqué de wereld ingestuurd waarin ze aanklaagt dat ze evenmin terug te vinden is in het kookboek van Steve Stevaert (“Steve stunt in bed trouwens helemaal niet�), de Witte Gids, de boekenspecial van Humo en “Stemmen op schrift�, het andere reeds uitgekomen deel van de nieuwe literatuurgeschiedenis dat handelt over de Oud- en Middelnederlandse literatuur tot 1300, van de hand van Frits Van Oostrom. “Ook ik heb aardige psalmen geschreven,� protesteert De Martelaere, “maar die blijven weer geheel onvermeld in Frits’ boek. Ongetwijfeld omdat we ooit op de Groeningekouter nog hebben liggen vogelen en ik hem toen gezegd heb dat zijn fluit geen fluit waard was. Maar dat is meer dan zevenhonderd jaar geleden, wie spreekt daar nu nog van? Kunnen die mannen nu nooit hun rancune doorslikken? Ik doe verdorie de hele dag niets anders!�
UPDATE: Intussen heeft het bericht de redactie bereikt dat ook Hugo Claus terug te vinden zou zijn in het standaardwerk van Hugo Brems. Het op relationeel vlak niet onbesproken verleden van de schrijver van ‘De Spaanse Hoer’ indachtig, vrezen we het ergste voor de twee Hugo’s.