Rector inter pares
Na het passeren van Reynders, Dehaene, Leterme, Van Rompuy, de Koning hemzelve, Bob de Bouwer, opnieuw Leterme en aanslepend premier Verhofstadt waren waarnemers het erover eens: artikel 666 van de Grondwet, bijgenaamd de ‘duivelswet’, zou in werking treden. En zo wordt rector Vervenne de — voorlopig — laatste in de rij van informateurs en synoniemen die het land uit het slop moeten trekken. Dat verdient tekst en uitleg, dunkt ons.
“Indien op den honderdtweeëntachtigsten dag na de verkiezingsgebeurtenissen door den vertegenwoordiger van het volk nog geen regering of afgetekende meerderheid heeft gevormd, kan den Koning beroep doen op de ervaringrijke kennis van Mgr. den rector van de oudste universiteit ‘s lands, met name de Université Catholique de Louvain. Is den rector geen Mgr, geestelijke, hoogleraar theologie of heiligen, dan vervalt dit artikel.�
Artikel 666 staat bekend bij rechtenstudenten en velen hebben zich er al vrolijk over gemaakt. Zorgen ook: waar is de neutraliteit van de Grondwet als zulks een bepaling erin terug te vinden is? Twee redenen weerhielden het parlement er echter steeds van het oorspronkelijk als grap bedoelde artikel aan te passen: de absurd lange tijd die zou moeten verstrijken alvorens hij van toepassing zou zijn en het feit dat de laatste monseigneur als rector in 1968 aftrad ten faveure van een medicus, rector Pieter De Somer. Er zou toch nooit meer een geestelijke rector worden in het post-achtenzestigtijdperk, zo redeneerde men. Dat was enigszins correct, maar wel buiten professor Marc Vervenne gerekend, die tweeënhalf jaar geleden als professor theologie nipt werd verkozen tot hoofd van de universiteit. Door de ongelukkige samenkomst van omstandigheden en de slordige grapperigheid van onze volksvertegenwoordigers bevindt de natie zich nu wel in een unieke situatie: in de handen van een bejaarde koning en een dito professor.
Opening
Na het fiasco van uiteindelijk ook Guy Verhofstadt — wiens aanvankelijk voluntarisme en optimisme het gevolg bleken van het gebruik van de verkeerde hartpillen — legt de koning dus zijn oor te luister bij rector Vervenne, die de edele taak aanneemt om niet enkel een regering maar ook het land opnieuw te vormen met “een groot gevoelen van verantwoordelijkheid en dankbaarheid�, om de deus ex machina zelf te citeren. Zoals op de foto te zien is, neemt hij zijn taak behoorlijk serieus op. Goedgeplaatste bronnen gewagen zelfs van een “mogelijk opening� die de rector in amper achttien uur zou hebben gecreëerd. Zijn emotionele intelligentie, zijn engelengeduld en vooral de volstrekte onduidelijkheid van wat hij zegt blijken de troeven te zijn die hem een streepje doen voorhebben op zijn voorgangers. Een belangrijke liberale onderhandelaar getuigt: “Eerst begon Vervenne uit te weiden over de identiteit van een politieke partij: “zij is een vrijplaats, waar ook “de vrijheid tot dwalen� moet toegestaan zijn.� Dat haalde vooral de druk van de ketel bij N-VA, die daardoor de blunders van hun voorzitter niet meer krampachtig op cdH moest afschuiven.�
Ook de andere partijen lijken zich bij de onbesproken figuur van Vervenne te kunnen neerleggen. Joëlle Milquet onderhield hem anderhalf uur lang over kinderen, kleine kinderen dan vooral, aangezien de rector net Pipa is geworden.
Regering-Dewinter
Aan het eind van de dag werden de contouren duidelijk van een nieuw, ambitieus en veelbelovend plan, waarover zelfs Bart De Wever in geheel eigen stijl zei: “Dit zijn geen borrelhapjes meer die je alleen maar honger doen krijgen: dit is een erg vette vis met enkele kleinere gepanneerde sardientjes errond, gevuld met een grote lap vlees en gemarineerd met honing en een lepel suiker. Smullen dus!� De grondlijnen van het plan-Vervenne zouden erop neerkomen dat er een minderheidskabinet zou worden gevormd door Vlaams Belang en Lijst Dedecker, zodat alle democratische partijen in het parlement twee jaar lang volop oppositie zouden kunnen voeren en in stilte werken aan een verantwoorde staatshervorming. In 2009 zou de regering-Dewinter ten val worden gebracht, de verkiezingen zouden opnieuw samenvallen en iedereen zal hebben kunnen winnen bij het makkelijke oppositiewerk. De twee tussentijdse jaren van ongemak zouden daarna snel vergeten zijn. Overigens zou de regering-Dewinter geen enkele onredelijke wet kunnen laten goedkeuren, aangezien ze geen meerderheid heeft in het parlement.
Wijl Ministers van Staat van alle seksen hun bewondering uiten voor de inventiviteit van rector Vervenne, blijft de redder er zelf bescheiden onder: “Ach, die formatie, dat is niets vergeleken bij het boek van Job. Ik heb maar van één ding spijt: dat ik geen dichter ben.�