maandag 16 februari 2009 - jaargang 35 - nummer 14
Onder de Toga (7): professor Paul Moyaert
Van de Rolling Stones tot Shostakovitch
Elke week legt een professor zijn toga af en daarmee ook een verklaring van zijn goede smaak. Zonder ambtskleed zijn academici immers sneller geraakt en dat is net waar het om gaat wanneer Veto peilt naar de kunst of cultuur die hen kan vervoeren. Deze week gingen we op bezoek bij Paul Moyaert, professor in de Wijsbegeerte.
Herlinde Hiele
Professor Moyaert beweert zelf geen muziekkenner te zijn, al houdt hij wel enorm van muziek en weet hij precies welke muziek hij goed vindt en welke niet. Zijn definitie van goede muziek? Ze moet schuren, onmiddellijk beklijven en recht naar het hart gaan, tot tranen toe bewegen. Hij houdt van muziek die tegenwringt en verwrongen emoties weerspiegelt. Op vlak van klassieke muziek luistert hij enkel naar muziek vanaf midden negentiende tot midden twintigste eeuw. Hij is enorme fan van Shostakovich, vooral dan van zijn strijkkwartetten, en van Bartók. Beethoven gaat er soms nog net in, maar Hayden, Händel, Mozart en Vivaldi kan hij nauwelijks appreciëren. Hij heeft er wel een aantal platen van, maar die staan helemaal achteraan in zijn kast. Dingen die absoluut geen kans maken zijn chansons, variété, schlagers en kleinkunst. "Kleinkunst is iets afschuwelijks," aldus Moyaert.Beklijven
Een concertganger is professor Moyaert niet, hoewel hij het stiekem misschien wel graag zou willen. Hij ziet het niet meteen zitten om tussen een joelende massa te gaan staan. "Muziek kan mij namelijk iets te hard meeslepen," aldus de professor. Hij houdt er zeker evenveel van om zichzelf thuis te kunnen verliezen in muziek. Hij opteert dan voor steevast voor een kleine bezetting. Bombastische klassieke muziek gaat er niet in, tenzij misschien tijdens een concert, waar hij dan wel een symfonie van Shostakovitch weet te smaken. Als tiener in de tijdsgeest van de jaren zestig, luisterde hij heel veel naar popmuziek, waarbij hij zich in de strijd tussen het Beatleskamp en de Rolling Stones-fanaten resoluut aansloot bij de laatste groep. "De Beatles hebben prachtige melodieën gemaakt, maar weten nooit te beklijven," aldus Moyaert. "Ook popmuziek moest dus iets woest en verscheurends hebben. De Rolling Stones hadden dat allemaal, zij koppelden het beste aan het slechtste."dEUS
Als hij examens moet verbeteren, sluit de professor zich op zijn werkkamer, steevast met muziek op de achtergrond. Wanneer de concentratie verslapt gaan de decibels bij wijze van pauze even de hoogte in. Het zijn steeds toevallige ontdekkingen en tips geweest die hem op het spoor van nieuwe namen in het muzieklandschap brachten. Twee jaar geleden kreeg hij vlak voor de examenperiode van een vriend een cd van dEUS. Hij vond die muziek zo goed dat hij ineens de klassieke muziek naar de achtergrond verschoof en op ontdekking ging binnen de moderne muziek. Van een assistent kreeg hij de tip om 16 Horsepower eens te beluisteren, de groep van David Eugene Edwards en waarvan hij de muziek bijzonder weet te smaken. Bij de start van de laatste examenperiode ontdekte hij Antony & The Johnssons. Die muziek met hymnen over de tragiek van het leven, onmogelijke liefdes en verwerping is van het soort dat hem gewoon volledig meesleept.