Customs presenteert debuutalbum

Een tennisracket met zilverpapier

Het regent beloftevolle Vlaamse bands anno 2009. Deze week komt 'Enter The Characters' uit, het ijzersterke debuutalbum van de heren van Customs. Eerste single 'Rex' scheerde hoge toppen, alsook de tweede 'Justine'. Customs staat voor rake melodieën, een dijk van een stem, drums zo strak als hun stijfgestreken hemden, en scherpe gitaarriffs - nu eens gejaagd, dan weer 'jangly'. Op maandag 26 oktober stelt het viertal hun plaat voor in het hippe Leuvense restaurant Hungaria.

Bet Bosselaers


Veto: Customs is uitgekozen als eerste 'Artist in Residence' in Het Depot. Zijn jullie vereerd?

Kristof Uittebroek (zanger): «Nog niemand had zich achter Customs geschaard en als Het Depot dan zegt dat ze ons willen steunen omdat we de moeite waard zijn, dan is dat een absolute eer. Het Depot betekent voor ons in de eerste plaats 'zichtbaarheid'. Zij hebben een website en een nieuwsbrief waarin Customs regelmatig wordt vermeld. Zij zorgen ook voor een repetitielokaal wanneer we dat nodig hebben. Een enorme steun.»


Veto: Jullie sound wordt vergeleken met eerder 'foute' jaren '80-popgroepen zoals The Human League. Toch zijn er ook alternatieve invloeden te horen: The Smiths of Echo & The Bunnymen.

Uittebroek: «Ik ben blij dat je die namen noemt, want die heb ik nog niet vaak gelezen. Het zijn zeker invloeden waarvan we ons bewust zijn. Het is een dubbele verhouding: we zijn makkelijker gecharmeerd door ruige namen als Echo & The Bunnymen of The Smiths. Een band als The Human League is een ander uiterste, maar het zijn allemaal dingen die wij een warm hart toedragen. We proberen er een synthese van te maken. Zelf hoor ik op onze plaat ook wat hoekige Kraftwerk-invloeden.»


Veto: Wat vindt u van de almaar herhaalde vergelijking tussen Customs en Interpol, die vooral berust op uw stem?

Uittebroek: «Zeker als het over de stem gaat, gaan we het zonlicht niet ontkennen. Het was kiezen of delen: ons daarbij neerleggen, of een andere zanger zoeken. Van mij mag men die Interpol-vergelijking tot in den treure blijven herhalen, maar ik vind het fijn als mensen ook de moeite doen om naar de plaat te luisteren. Dan zullen ze merken dat we muzikaal niet zoveel met Interpol te maken hebben.»


Veto: Voor Customs had u nog nooit gezongen.

Uittebroek: «Ik heb het simpelweg nooit geprobeerd. Als kleine jongen wou ik gitarist zijn. Ik zag figuren als Brian May en Slash en dacht: zo wil ik worden, dat is het ultieme! In eerste instantie haal je dan een tennisracket boven en met karton en zilverpapier maak je daar een elektrische gitaar van. Het is nooit in me opgekomen om de zanger te zijn. Nu wel dus, door een noodlottig toeval. Ik probeerde wat uit met een tekst en een melodielijn, ik zong dat eens in. Ik kreeg er goede reacties op en ondanks wat getwijfel heb ik toch doorgezet. Ik heb er hard aan gewerkt en enkele zanglessen gevolgd. Onze eerste repetities, daar had je niet bij willen zijn! (lacht)»

«Als zanger krijg je aandacht, maar je moet er iets tegenover kunnen zetten. Je bent de meest kwetsbare figuur. Als je gitarist bent, en je neemt een stoere pose aan en speelt strak, dan kan je niets overkomen. Als zanger ben je veel 'naakter'.»


Veto: In jullie teksten schuilen veel literaire referenties, naar Shakespeare en Beckett bijvoorbeeld. Jullie groepsnaam is dan weer opgepikt uit 'Heart of Darkness' van Joseph Conrad. Zijn jullie literatuurfanaten?

Uittebroek: «Sommigen van ons wel, onder wie ikzelf. Iedereen is er mee bezig, met die teksten. We hechten daar belang aan en ik ben blij dat de rest van de groep daar ook interesse voor heeft.»


Veto: Hoort die belezenheid misschien bij een soort 'intellectueel' imago?

Uittebroek: «Ik denk dat die teksten simpelweg het product zijn van wie ik ben. Ik zie mezelf zeker niet als een intellectueel. Bij het schrijven van teksten denk ik nooit: daar zullen ze wel naar vragen in interviews en dan kan ik eens laten zien wat ik allemaal weet. Ik probeer herkenbare situaties in een setting te plaatsen die helemaal anders is. Een voorbeeld is de eerste zin van Rex: How is Denmark? Een typisch zinnetje waarmee je automatisch in een fantasiewereld terechtkomt voor het probleem dat je wil schetsen.»


Veto: Denkt u dat iedereen vertrouwd genoeg is met Hamlet om dat zinnetje te begrijpen?

Uittebroek: «Nee, maar dat is niet erg. Als mensen denken dat dat nummer zich in Denemarken afspeelt, is dat voor mij goed. Een tekst heeft altijd verschillende lagen. De ene lezer komt tot de tweede laag en de andere vindt er acht. Iedereen mag doen met onze teksten wat hij wil.»


Veto: U studeerde Germaanse talen in Leuven. Had u een fijne studententijd?

Uittebroek: «Ja, prachtig! Lees het maar na in Tonight We All Stand Out. Dat nummer gaat een beetje over de periode waarin je die overgangsrite meemaakt van het jonge leven, vrij van alle verantwoordelijkheid, naar een leven waarin je het allemaal zelf moet regelen.»


Veto: 'Rex' stond wekenlang in de Afrekening, maar was ook terug te vinden in de Ultratop. Een twijfelachtige eer?

Uittebroek: «Dat was wel lachen, echt een verrassing. Tegenwoordig is die Ultratop wel louter gebaseerd op reglementaire downloads, dus dat betekent dat mensen Rex graag wilden kopen. Geen twijfelachtige eer dus. Ik wil niet elitair zijn en zeggen wie wel of niet naar onze muziek mag luisteren; muziek is er voor iedereen.»


Veto: Zo is dat!

Dit artikel verscheen op maandag 26 oktober 2009 in nummer 06 van jaargang 36.