Existenz brengt 'Arts in residence'

Een speelgoedwinkel uit de jaren zestig

Niet dat het vaak gebeurt, maar er zijn van die momenten dat we oprecht even niet meer weten wat zeggen, dat een recensie schrijven over een kunstproject op voorhand verloren moeite is. Beste lezer, wat volgt valt samen te vatten in één zin: u had erbij moeten zijn. Deze beschrijving is niet meer dan de zwakke schaduw van het schitterende origineel.

Sarah Van Bulck

@@EX.jpg

foto: Andrew Snowball

Wanneer we op goed geluk Arts in residence binnenlopen, worden we bijna onmiddellijk meegezogen in een sfeer van totale anarchie. Dat verbaast ons enigszins, want het project dat afgelopen woensdag burgies deed verenigen in het klinkende Existenz, deed ons meer discipline verwachten.

Hippiejaren

Maar zo is het dus niet. Mensen staan te wachten voor een lege kassa. Uiteindelijk komt er een meisje aangesloft: "Nu nog een ticket? Als je dat echt wil..." We lopen gefascineerd verder. Het huis waar we terecht zijn gekomen, is rommelig, schemerig en rokerig. Ergens achteraan wordt jazzachtige muziek gespeeld, wat de hele ruimte op een spookachtige manier doortrekt. Als contrast staan op de overloop mooie mensen rustig te keuvelen met een glas in de hand. We kijken naar de grond en beseffen: we zijn terug in de hippiejaren beland.

Wanneer we willekeurig een deur openen, belanden we bij de onvolprezen schrijver Maarten Inghels. Hij leest zijn poëzie voor zoals God het bedoeld moet hebben: staande in een lege, onafgewerkte kamer biedt hij dapper weerstand aan de buitenwereld. Die sluipt helaas echter onverbiddelijk door de kramakkelige deur heen.

Wanneer Inghels stopt met lezen, besluiten we op zoek te gaan naar de muziek die we overal horen. We komen in een wederom lege kamer. Twee mannen spelen gitaar, een derde speelt er trompet overheen. Het is wild, rustgevend, disharmonisch en ontroerend mooi. We zetten ons neer. Wanneer we uit het raam de zonsondergang zien, bedenken we dat het leven mooi is. Dat kunst helpt.

Duister

Dit huis is zoals een speelgoedwinkel: de verrassingen zijn eindeloos. Het enige dat tegenvalt, is dat iedereen verder moet, op zoek naar het volgende. Het is intussen bijna te donker om te zien, maar net in die duistere sfeer zijn we des te meer geïntrigeerd door de fotoreeksen van twee wanhopige mensen waar we nu op stoten. Later passeren we drie reeksen gekke vrouwen en meisjes. De kunst die we nu zien, is subtieler en minder overrompelend dan de muziek en woorden van boven. Maar zo opgesteld in een verlaten huis, achteloos en onbeschermd tegen muren geplakt, hebben we het gevoel dat ze tot haar recht komt.

Net wanneer we op het punt staan de gewone wereld weer binnen te stappen, horen we dat er nog een laatste dansvoorstelling is. Twee meisjes dansen op minimale muziek in een rechthoek op de grond. Hun bewegingen lijken verraderlijk eenvoudig, maar gecombineerd met de muziek zetten ze aan het denken.

Kortom, we zijn er geen van allen ooit geweest, maar allemaal kennen we het onderbuikverlangen naar de roerige jaren zestig. Toen vervallen panden nog leeg stonden en zonder problemen ingenomen konden worden. Toen kunst de wereld zou redden. Arts in residence toonde ons een glimp van de verloren jaren, en we zijn er nog high van.

Dit artikel verscheen op maandag 23 november 2009 in nummer 09 van jaargang 36. - Disclaimer