Check Out


Wie: Michaël Cloots

Wat: Communicatiewetenschappen

Waar: Valladolid


Veto: Vanwaar Valladolid?

Michaël: «Ik was laat met mijn Erasmusaanvraag, dus had ik niet meer zoveel keuze. Ik heb voornamelijk voor Erasmus gekozen om een andere taal te leren. Spanje leek oké. Barcelona had ik al genoeg gezien, in Madrid was geen plaats meer. Dus werd het Valladolid, maar daar heb ik nog geen moment spijt van gekregen.»


Veto: Wat viel je op bij je aankomst?

Michaël: «Dat wat ze hier een luchthaven noemen, duidelijk vijf jaar geleden als hooischuur diende. Aankomst- en vertrekhal, bagageverwerking, incheckbalie en voordeur, alles vind je binnen een straal van vijfentwintig meter.»


Veto: Wat bevalt je het meest?

Michaël: «Omdat iedereen meer buiten leeft, kom je veel vaker mensen tegen op straat. Een praatje maken is altijd mogelijk. Maar dan wel alleen maar in het Spaans. Andere talen spreekt men niet, hoewel ze dat zelf niet doorhebben. Ik moest in de les een paar stereotypes over Spanjaarden geven, en ik zei dat ze alleen maar Spaans konden. Waarop een meisje achter mij licht verbolgen zei: "That is falsch". Blijkbaar was ze ook nog trots was op haar prestatie.»

«Ook is het blijkbaar geen probleem dat leerlingen rustig een sigaretje rollen terwijl ze met de prof aan het discussiëren zijn. Onlangs nog kreeg ik een mail van een prof waarin hij de hoop uitdrukte dat dit het begin zou worden van een mooie, lange vriendschap.»


Veto: Zijn er zaken die je minder leuk vindt?

Michaël: «Ze hebben hier geen Stella. Ze kennen het niet, ze verkopen het niet en ze begrijpen het niet als je ernaar vraagt. Een gat in de markt, want de studenten drinken hier minstens evenveel als in Leuven en de feestjes zijn groter en duren langer.»


Veto: Hoe is het Erasmusleven?

Michaël: «Waanzinnig. Valladolid is net zoals Leuven een studentenstad, maar dan met twee universiteiten. Veel jonge mensen en iedereen gaat 's avonds uit. Je moet maar even vragen hoeveel een drankje kost en men begint een gesprek dat vaak eindigt in de afspraak de volgende avond samen uit te gaan.»

«De Erasmussers aan mijn universiteit zijn echt al goede vrienden. Slimme Polen, zatte Portugezen, rare Italianen, en hautaine Fransen. We doen kleine tripjes samen. Ik weet van velen dat ze nu al met pijn in het hart terug naar huis zullen gaan. Ik ben blij dat ik mij ook tot die groep mag rekenen.»

Els Dehaen

Dit artikel verscheen op maandag 23 november 2009 in nummer 09 van jaargang 36. - Disclaimer