Morgenstond (6): Sarah Smits

"Ik wil niet naar het buitenland om op hetzelfde niveau te spelen en meer te verdienen"

Dat mannen niet kunnen luisteren en vrouwen geen kaart kunnen lezen, is een cliché. Dat sportmannen meer aandacht krijgen dan vrouwen een commercieel onderbouwde ongelijkheid. Dat het idealiter anders moet, bewijst Sarah Smits. Zij combineert topvolley met hogere studies Psychologie. Serve - Volley - Smash - Smits.

Philip Gallasz

@@MORGEN.jpg

foto: Christine Laureys


Veto: Hoe word je door de K.U.Leuven gesteund als topvolleybalster?

Sarah Smits: «Ik heb het topsportstatuut A waardoor ik niet naar de les hoef te gaan en mijn examens kan spreiden. Dit kwam in mei en juni zeer goed van pas omdat we met de nationale ploeg een heel druk programma hadden. Dit jaar doe ik voor mijn stage onderzoek in sportpsychologie. Ik werk op het sportkot, vlakbij de trainingsfaciliteiten en heb flexibele uren. Ik ben dus best tevreden.»


Veto: Wat kan beter?

Sarah: «Mijn examens verplaatsen verloopt soms stroef. De faculteiten buiten het sportkot hebben minder weet van ons, topsporters. Mijn statuut spreekt normaal vanzelf maar meestal is een uitgebreidere uitleg vereist en heerst er achterdocht. Deels logisch, want ze komen veel minder in contact met topsporters.»

Mindgames


Veto: Haal je op het volleybalveld mentaal voordeel uit je studies psychologie?

Sarah: «Mentaal sterker zou ik niet zeggen. Ik heb inzicht in groepsprocessen, waardoor ik teamgenoten motiverend kan beïnvloeden. Ik weet hoe mensen op negatieve reacties van de coach reageren. Door zijn woorden anders te formuleren, kan ik zijn kritiek ombuigen naar een motivatie.»


Veto: Speel je soms 'mindgames' met je tegenstander?

Sarah: «Volleybalteams worden gescheiden door een net. Voetballers bijvoorbeeld hebben direct contact en kunnen hun tegenstander iets influisteren. Als je voor het net tegenover elkaar staat, wordt er niet veel gezegd. Bij de mannen gebeurt dat soms wel, denk ik. Misschien moet ik het eens proberen.»(lacht)


Veto: Bij Kieldrecht spelen heel veel jonge vrouwen. Is die verjonging een algemene tendens in het vrouwenvolleybal?

Sarah: «Een drietal jaar geleden was de Belgische competitie sterker, maar enkel door een overvloed aan buitenlandse volleybalsters. Allemaal uitstekende speelsters waarmee men Europees succes boekte, maar er waren amper Belgische meisjes. Tegenwoordig trekt men de kaart van de eigen jeugd en werkt men samen met de volleybalschool in Vilvoorde. De beste jeugdspeelsters spelen wel bij de top drie. Het niveau van de staartploegen ligt lager. Het niveau van de competitie is dan wel omlaag gegaan, dat van de Belgische speelsters gaat omhoog.»


Veto: Vrouwenvolleybal en vrouwensport in het algemeen, krijgt minder media-aandacht dan mannensport.

Sarah: «Onterecht, want wij trainen even hard. De nationale vrouwenvolleybalploeg heeft het Europees Kampioenschap gehaald, de mannen niet. En toch krijgen zij meer aandacht. Een collega op mijn stage vroeg mij waar ze mijn wedstrijden kan bekijken, maar die worden gewoon niet uitgezonden. Mijn oproep luidt dan ook: meer aandacht voor vrouwen!»(lacht)


Veto: Wil jij ooit naar het buitenland?

Sarah: «Voorlopig amuseer ik mij in de Belgische competitie. Hoe ouder ik word, hoe beter ik mij in een begeleidingsrol van jongere speelsters voel. Ik wil niet naar het buitenland om op hetzelfde niveau te spelen en meer te verdienen. Dan werk en speel ik liever hier.»

Dit artikel verscheen op maandag 7 december 2009 in nummer 11 van jaargang 36. - Disclaimer