De mentale balans na studeren tijdens een pandemie

Vooruitblik op de Conferentie Mentaal Welzijn van de VVS

11 oktober 2021
Analyse
De Vlaamse Vereniging van Studenten presenteert binnenkort de resultaten van een bevraging naar mentaal welzijn uit 2020. Hoe is het intussen gesteld met de mentale gezondheid van de student?

Vorig academiejaar hield de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) een bevraging naar het mentaal welzijn van studenten in Vlaanderen en Brussel. De VVS werkte daarvoor samen met het kabinet van Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) en professor Ronny Bruffaerts van de KU Leuven. In totaal vulden 16.000 studenten de bevraging in. 

Op 12 oktober 2021 stelt de VVS de resultaten van de bevraging voor op de Conferentie Mentaal Welzijn van de Student. Ze zal ook beleidsadviezen geven en een campagne lanceren om het taboe rond mentaal welzijn te doorbreken.  

'Kijk naar het kotentekort op de huisvestingsmarkt: op een jaar tijd is dat niet weggewerkt. Dat is ook zo voor het mentaal welzijn'

Julien De Wit, VVS

Veto zou de resultaten van de bevraging op voorhand krijgen, maar de VVS trok die belofte een week later in. Julien De Wit, bestuurder Sociale Zaken en Diversiteit bij de VVS, reageert kort: 'Er is afgesproken binnen het bestuur om pas op 12 oktober te communiceren.' 

Opvallend: in februari 2021 verspreidde VVS al de eerste resultaten van de bevraging via een persbericht. Waarom communiceerde de VVS toen wel en nu niet meer op voorhand? Julien De Wit: 'Er is een wissel van bestuur geweest. Het vorige bestuur achtte het nodig om toch al een aantal resultaten van de bevraging kenbaar te maken; het huidige bestuur ziet het rapport en de cijfers niet los van het beleidsadvies.' 

Bevraging uit 2020

De bevraging werd in oktober 2020 gelanceerd, maar toch zijn de cijfers volgens De Wit nog altijd relevant: 'Kijk naar het kotentekort op de huisvestingsmarkt: op een jaar tijd is dat niet weggewerkt. Dat is ook zo voor het mentaal welzijn.' 

'Normaal zijn er piek- en dalperiodes, maar tijdens de coronacrisis werd het hier nooit meer rustig'

Karine Van Tricht, domeinverantwoordelijke Mentaal Welzijn

Ook Nina Van Eekert, postdoctoraal onderzoekster aan de Universiteit Antwerpen, nuanceert de kritiek op de relevantie van de cijfers: 'Zo werkt onderzoek nu eenmaal, er gaat een heel onderzoeksproces vooraf aan publicatie en presentatie.' Professor psychiatrie aan de KU Leuven Inez Germeys betreurt evenwel deze zwakke plek: 'De cijfers zullen inderdaad niet meer overeenkomen met de huidige situatie.' 

Wachttijd psychologen quasi weggewerkt 

Karine Van Tricht, domeinverantwoordelijke Mentaal Welzijn aan de KU Leuven, stelt dat de coronacrisis een impact had op 75% van de KU Leuven-studenten. De studentenpsychologen van het Studentengezondheidscentrum stelden tijdens de lockdowns meer angststoornissen en suïcidegedachten vast. 

Vorig academiejaar liep de wachttijd bij de studentenpsychologen op tot vier weken. 'Normaal zijn er piek- en dalperiodes, maar tijdens de coronacrisis werd het hier nooit meer rustig', vertelt Van Tricht. Om het aantal aanmeldingsgesprekken te kunnen verhogen, werden er extra psychologen ingezet.

'Het antwoord ligt niet per se in het uitbreiden van ons team'

Karine Van Tricht, domeinverantwoordelijke Mentaal Welzijn

De vraag rijst of die extra psychologen volstaan. Van Tricht: 'Wij hebben geen tijd om met onze duimen te draaien, maar het antwoord ligt niet per se in het uitbreiden van ons team. Een groter aanbod creëert ook een grotere vraag. We zetten vooral in op een nauwkeurige vraagverheldering en indicatiestelling van de studenten. Niet iedereen heeft nood aan individuele sessies bij een psychotherapeut.' 

Op dit moment is de wachttijd volgens Van Tricht 'quasi weggewerkt'. De studentenpsychologen werken nu hybride met een combinatie van face-to-face-gesprekken en e-health-tools. 'Zo kunnen wij studenten ook bereiken wanneer ze niet meer fysiek in Leuven verblijven', aldus Van Tricht.  

Waakzaamheid

De start van het academiejaar viel in grote mate samen met het einde van veel beperkende maatregelen. 'We denken misschien iets te gemakkelijk dat we back in business zijn. Het risico bestaat dan dat we kwetsbare groepen uit het oog verliezen', benadrukt Germeys.

Ze heeft het onder meer over studenten met psychologische problemen, met een slechte financiële situatie of studenten die weinig sociale contacten hebben. 'We hebben geen zicht op hoe groot die groep specifiek is, maar volgens mij gaat het om een substantiële groep. Ik denk dat zo'n 20 à 25% realistisch en zeker niet overdreven is.'

Er moet dus een zekere waakzaamheid aan de dag gelegd worden ten aanzien van die kwetsbare groepen. Niet enkel door de universiteiten of hogescholen, maar ook door de maatschappij in het algemeen. Van Eekert: 'Het is zo belangrijk om verbinding te zoeken met anderen.'

Net dat laatste is zo belangrijk voor studenten, beklemtoont Germeys: 'Het is belangrijk voor jongeren om los te komen van thuis, om een netwerk uit te bouwen en dat kan alleen door sociale contacten te leren uitbouwen.’  

Studenten vaak de dupe 

Ook het onderzoek van Van Eekert plaatst die kwetsbare groepen centraal. 'Er vallen twee tendensen op: in de eerste plaats natuurlijk de inperking van de vrijheid van sociale contacten. Je moest keuzes maken, waardoor studenten minder vrienden zagen. Er ontbrak vaak steun van peers, niet enkel op academisch, maar ook op emotioneel vlak. Dat gaf velen een gevoel van eenzaamheid.'

Een tweede punt was het totale gebrek aan perspectief. Van Eekert: 'Studenten vroegen zich af hoelang het nog zou duren.' Het gaf studenten het gevoel in een blokperiode zonder rustpunt te zitten, zo beweert ze. 

'Sommigen zagen opportuniteiten, of ervaarden "meer ruimte'''

Nina Van Eekert, postdoctoraal onderzoeker UAntwerpen

Bovendien voelden studenten zich ook vaak genegeerd door de overheden. 'Studenten haalden hier de persconferenties aan: er werd dan over de regels voor het onderwijs gesproken, maar niet over de universiteit. Daardoor waren de regels ook niet altijd duidelijk voor de studenten.'

Het beeld dat vaak in de media werd opgehangen van studenten, hielp hen bovendien ook niet erg. 'Ofwel overtraden ze alle maatregelen met lockdownfeestjes, ofwel waren ze heel depressief. Ze vonden dat er niet echt met veel nuance over hen werd gesproken', vervolgt Van Eekert. 

Sowieso is het belangrijk om te nuanceren, vinden zowel Germeys als Van Eekert. 'De meerderheid van de studenten gaf aan effectief een negatieve impact op hun mentale welzijn te hebben ervaren. Maar er waren ook positieve verhalen: sommigen zagen opportuniteiten, of ervaarden meer ruimte', aldus Van Eekert. 

'Het geld gaat al enorm lang vooral naar somatisch onderzoek'

Inez Germeys, professor psychiatrie

Germeys is optimistisch over de toekomst: 'Zeker nu het studentenleven weer volledig op gang komt, zullen de meesten het snel kunnen inhalen.' 'Wij zijn hoopvol en geloven in de veerkracht van onze studenten', laat Van Tricht van het Studentengezondheidscentrum weten. 

Investeringen nodig

Gevraagd naar beleidsadviezen, is een constante vraag naar meer investeringen in de geestelijke gezondheidszorg en in wetenschappelijk onderzoek. Germeys: 'Het geld gaat al enorm lang vooral naar somatisch onderzoek. Terwijl mentale problemen een grotere invloed hebben op de persoon en maatschappij.'

Daarnaast is preventie het sleutelwoord. Daarin is een cruciale rol voor het onderwijs weggelegd. Van Eekert: 'Ik zou binnen universiteiten structureel werken aan mentaal welbevinden. Dat moet meer geformuleerd worden als een kerntaak van een universiteit.'

Germeys ziet ook het lager en middelbaar onderwijs als cruciale spelers: 'Je moet er leren om voor jezelf te zorgen, om met emoties om te gaan. Dat zijn basisvaardigheden die in de eindtermen moeten komen.' Er zijn evenwel al stappen vooruit gezet: 'Er is intussen meer geld om de wachtlijsten weg te werken. Ik ben niet bang dat dat zomaar terug aan de kant geschoven zal worden.'