Harde coronarealiteit voor sommige doctorandi: na vier jaar onderzoek de stekker eruit

'Vlaams noodgeld volstaat amper'

26 augustus 2021
Artikel
Auteur(s): Sjereno Cörvers
Een enquête van de KU Leuven wijst uit dat 82% van de doctorandi vertraging opliep wegens de coronacrisis. Oplossingen komen traag op gang.

In maart stelde de personeelsdienst van de KU Leuven een vragenlijst op om te peilen naar het welbevinden van haar medewerkers tijdens de tweede coronagolf. Uit de resultaten blijkt dat 82% van de doctorandi vertraging opliep vanwege de coronacrisis. De KU Leuven maakte de cijfers niet openbaar, maar ze werden aan Veto bevestigd door twee bronnen.

Voor de peiling had de KU Leuven weinig zicht op de omvang van het probleem. Slechts 30 meldingen kwamen binnen via het coronameldpunt, dat de universiteit speciaal had opgezet voor doctorandi die problemen ondervinden. Dat was mede omdat het coronameldpunt enkel een laatste oplossing was, wanneer de promotor of het departement niet meer konden helpen.

Congressen

Vooral onderzoekers in de laatste fase van het doctoraat ondervonden last van de coronacrisis – 38% van hen duidde dat aan in de enquête. In het bijzonder de biomedische wetenschappen werden getroffen. Daar gaat het zelfs om 40% van de doctorandi.

De financiële steun biedt vooralsnog slechts soelaas aan een klein deel van de doctorandi

Corona belemmerde voornamelijk de deelname aan congressen, die uiterst belangrijk zijn voor beginnende onderzoekers. Hier doen zij gewoonlijk ervaring op en leggen ze netwerken aan. 92% van de ondervraagden ondervond hier hinder. 

Verder was de toegang tot faciliteiten en infrastructuur, zoals het laboratorium of instrumenten beperkt voor 83% van de doctorandi. Vooral onderzoekers uit de biomedische wetenschappen waren de klos: 85% ervoer impact op dataverzameling en 83% bij het opzetten van experimenten.

Aanpak KU Leuven

Doctorandi moeten binnen een vooraf bepaalde tijd een eindproduct afleveren. Hierna stopt de financiering, en dus ook het loon. Doctorandi die vertraging oplopen vallen nu dus tussen wal en schip. 

De voornaamste oplossing volgens Jan D'hooge, kersvers vicerector Onderzoeksbeleid van de KU Leuven, is dat promotoren een potje aanboren om doctorandi uit de brand te helpen. Als dat niet lukt, gaat de gedupeerde een trapje hoger, naar de departementen en faculteiten. Pas als die opties verkend zijn, trekt de KU Leuven de eigen buidel open.

'In geen geval wordt de kwaliteit van het proefschrift gecompromitteerd, enkel de kwantiteit wordt milder beoordeeld'

Jan D'hooge, vicerector Onderzoeksbeleid

'Het meest zichtbaar is de oplossing om een contract te verlengen', stelt D'hooge. Hier verbindt de universiteit drie voorwaarden aan: de vertraging moet door covid veroorzaakt zijn en er is een verplichting om binnen de gevraagde verlengingsperiode de vertraging in te halen. Daarnaast moet er geen alternatieve financiële oplossing voorhanden zijn. 'Er zijn echter ook andere maatregelen en acties die genomen worden', gaat hij verder. 

Waar hij op doelt is dat doctorandi, in samenspraak met hun promotor, het programma kunnen aanpassen door bijvoorbeeld eerst literatuuronderzoek te doen, en te hopen dat tegen de tijd dat er proefpersonen nodig zijn, de coronamaatregelen opgeheven zijn. Voor doctorandi in de laatste fase is dit echter geen nuttige oplossing. Vaak hebben zij de ruimte niet meer om te schuiven in onderzoekstechnieken.

Mildere jury's

Een andere maatregel is dat doctoraatsjury's milder zijn bij de verdedigingen. Volgens Maïka De Keyzer, fractievoorzitter van de ABVV aan de KU Leuven, levert dit een oneerlijke concurrentie op met jaargenoten wier proefschrift niet milder beoordeeld is. Als zij voor een postdoc gaan, houdt de professor bij de beoordeling namelijk geen rekening met of er al dan niet vertraging is geweest.

Een snelle rekensom maakt duidelijk dat 2,4 miljoen euro een druppel op een hete plaat is

D'hooge is het hier niet meer eens: 'In geen geval wordt de kwaliteit van het proefschrift gecompromitteerd, enkel de kwantiteit wordt milder beoordeeld.' Het kan bijvoorbeeld zijn dat er minder hoofdstukken verwacht worden. De vraag blijft of een afname in kwantiteit de kwaliteit niet schaadt. 

Een andere, maar niet voor de hand liggende oplossing is dat de doctorandus zonder contract zijn of haar proefschrift afmaakt. Zeker geen goede oplossing, vindt De Keyzer: 'Je bent dan werkloos en moet beschikbaar zijn voor werk. De VDAB gaat niet akkoord als je aangeeft dat je geen baan kan starten omdat je een doctoraat moet afwerken.'

Steun van de overheid

Aspirant-doctorandi van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) hebben in totaal 2,4 miljoen euro gekregen van de Vlaamse overheid om de vertragingen op te vangen. Dat geld moet verdeeld worden over twee jaar. Een snelle rekensom maakt duidelijk dat dat een druppel op een hete plaat is.

Minister van Wetenschapsbeleid Hilde Crevits (CD&V) vraagt de universiteiten om een gestoffeerd dossier aan te leveren

Een doctorandus kost ongeveer 3.916 euro per maand. Met 1,2 miljoen euro kunnen 51 doctoraten die zes maanden vertraagd zijn verlengd worden. 74 FWO-doctorandi geven aan tussen de drie en zes maanden vertraagd te zijn. Dat wordt een krappe rekensom. Ook is bekend dat, alleen al aan de KU Leuven, ongeveer 1.000 doctorandi zes maanden of meer vertraging hebben.  

Wallonië heeft in januari 4 miljoen euro vrijgemaakt om deze problematiek aan te pakken. Ook daar is dat slechts een doekje tegen het bloeden.

Minister van Wetenschapsbeleid Hilde Crevits (CD&V) vraagt de universiteiten om een gestoffeerd dossier aan te leveren om op basis hiervan financiering te voorzien. De Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) legde de problematiek voor aan Crevits, wat al leidde tot de 2,4 miljoen euro ondersteuning. De cijfers waarop deze noodhulp steunt zijn echter (nog) niet compleet. 

'De 30 meldingen van het coronameldpunt zijn een ongelofelijke onderschatting van het probleem'

Maïka De Keyzer, fractievoorzitter van de ABVV aan de KU Leuven

D'hooge betreurt dat ze die cijfers nog niet kunnen overhandigen, al benadrukt hij wel de moeilijkheid daarvan: 'Het is logisch dat de minister dat vraagt, maar het is ook logisch dat die getallen niet zomaar verkregen kunnen worden.' Je moet dan een bevraging organiseren, vertelt D'hooge, die data verwerken en weer doorspelen. 'Daar gaat wel wat tijd over.' Tijd die doctorandi die in de laatste fase zitten zeker niet hebben. 'We gaan zo snel als we kunnen', verzekert D'hooge.

Mankementen coronameldpunt

De enquête toont alvast dat er wat mis was met het KU Leuven-coronameldpunt. 'De 30 meldingen van het coronameldpunt zijn een ongelofelijke onderschatting van het probleem', aldus De Keyzer. Er staat waarschijnlijk nog een tsunami aan meldingen te wachten. 

Waarom zijn deze gevallen dan niet zichtbaar geworden via het coronameldpunt? Volgens De Keyzer zijn de criteria om in aanmerking te komen voor ondersteuning te streng geformuleerd. D'hooge beaamt dat: 'Daarom hebben we het meldpunt opgesplitst in een laagdrempelig coronameldpunt waar doctorandi elk obstakel mogen melden, en een noodfonds voor ernstige vertraging betreffende BOF-gerelateerde (Bijzonder Onderzoeksfonds, red.) trajecten.'