Rudi gaat op emeritaat

'Dank u voor de manier waarop u mij irritant hebt laten zijn'

22 mei 2022
Interview
Auteur(s): Mirre Verhoeven
Het einde van een tijdperk: de geliefde professor sociologie Rudi Laermans gaat met pensioen. Tussen de voorbereidingen voor zijn afscheidscollege maakte hij tijd voor een interview met Veto.

Hoe bent u in de academische wereld terechtgekomen?
'Dat gebeurde relatief laat. Ik heb eerst een aantal jaar filosofie gestudeerd, maar heb die opleiding nooit afgemaakt. Het waren de jaren van de punkbeweging, waar ik met een been in stond (lacht). Na een paar jaar werken, besefte ik dat ik mij zou vastrijden zonder diploma.'

'Ik heb dan godsdienstsociologie gevolgd, omdat dat het meest gericht was op maatschappijtheorie. Aangezien het zo'n kleine richting was, werd je al snel opgemerkt door de professor. Zo stelde hij me op een bepaald moment de vraag of ik een doctoraat overwoog.'

'De universiteit was zo stoffig'

'Initieel had ik meer interesse in een carrière in de journalistiek of reclamewereld. Maar plots kreeg ik zowel een aanbieding om docent te worden in Amsterdam, alsook in Leuven voor cultuursociologie. Volgens mijn professor was ik de geknipte persoon. Toen die vraag kwam, werkte ik halftijds bij de Vlaamse cultuuradministratie om mijn studies te betalen. Dat was als bediende.'

Eerder toevallig dus?
'Toevallig niet echt. Ik was geïnteresseerd in theorie en las graag, maar de universiteit was zo stoffig. Niet alleen in hun manier van doen, maar ook intellectueel. Toen ik als assistent les gaf over Pierre Bourdieu reageerden enkele hoogleraren verontwaardigd: 'Je gaat toch niet over klassen beginnen zeker?'

Wat was het mooiste moment van uw academische carrière? 
'Het mooiste moment is voor mij zo mooi, omdat het zich altijd herhaalde: het gevoel dat de grote middengroep mee is in je verhaal na vier of vijf lessen, wanneer de eerste verwondering van de complexiteit uitgewerkt is. "We zijn vertrokken", kon ik dan 's avonds aan mijn partner zeggen.'

Waren er ook minder mooie momenten?  'Ook hier gaat het om iets herhaaldelijks in plaats van een specifiek moment. Het gaat om het onderwerp van mijn afscheidscollege: vergaderen. Het is frustrerend om het gevoel te hebben dat je in een processie van Echternach zit. De inefficiëntie van vergaderingen door verborgen agenda's kan ook wegen op de verhouding met collega's.'

Uw afscheidscollege gaat over vergaderen?  'Er bestaat een ongelofelijk grote discipline van organisatiesociologie, terwijl vergadersociologie eigenlijk een onbestaande tak is. Enerzijds wil ik wijzen op de functies en dysfuncties van vergaderen. Anderzijds zal het college gaan over de sociale vorm van vergaderen op zichzelf en wat de dynamieken daarvan zijn.'

'Er liggen honderden boeken op mij te wachten'

'Ik kan het tipje van de sluier geven: ik ben niet tegen ongezellige vergaderingen. Integendeel! Maar gezelligheid is gevaarlijk, omdat verborgen agenda's tevoorschijn komen zonder dat iemand eigenlijk wakker is.' 

Is dat een onderwerp waar u het altijd al over wilde hebben?
'Het lag voor mij voor de hand om iets te vertellen over de noodzaak van theorie in het onderwijs. Maar vergaderen is ook waar ik het liefst afscheid van neem (lacht). De norm van niet meer willen vergaderen is ook heel richtinggevend voor de dingen die ik nu nog wil doen.'

Wat wil u nu doen? Zal u zich storten op onderzoek, zoals dat meestal gaat bij proffen die op emeritaat gaan?
'Er liggen honderden boeken op mij te wachten van auteurs die mij lief zijn, zoals Luhman, maar ook van auteurs die ik nog wil ontdekken. Dat zal ongetwijfeld ook resulteren in schrijfsels; vooral essays en opiniestukken.'

'Daarnaast ben ik ook recent begonnen met de vertaling van moeilijke theoretische teksten, voornamelijk uit het Duits. Dat wil ik voortzetten als een soort van dienst aan de samenleving. Ik grijp dus terug naar een intellectueel leven met meer vrijheid.'

'Als ik thuis voor een camera moest spreken, had ik het gevoel dat ik lesgaf aan spoken'

'Zo kan ik op een werkdag twee uur lang de tijd nemen om kranten en weekbladen te lezen. Misschien volg ik wel een fotografiecursus! Ik wil leren om écht te kijken en daar tijd voor te nemen.' 

Dat zijn leuke vooruitzichten. Keek u er al lang naar uit om met emeritaat te gaan?
'Omdat ik na 1 oktober geboren ben, kon ik volgend academiejaar nog een jaar lesgeven. Maar corona was een van de redenen om ermee te stoppen. Tijdens de pandemie had ik een lossere verhouding tot de universiteit en ik miste het om voor een aula les te geven. Als ik thuis voor een camera moest spreken, had ik het gevoel dat ik lesgaf aan spoken.'

'Toen ik eind september hoorde dat studenten een mondmasker moesten dragen in de aula - en zelfs impliciet afgeraden werden om naar de les te gaan - maakte ik voor mezelf de beslissing om te stoppen. Volgend jaar afscheid nemen zou veel moeilijker zijn dan in zo'n situatie.'

'Mijn geduld is niet meer eindeloos'

'Daarnaast had ik het gevoel dat er iets veranderd was in de verhouding met mijn studenten, waardoor mijn geduld niet meer zo eindeloos was. Ik kon de dingen niet meer relativeren met de nodige ironie en in november 2019 werd ik voor het eerst boos op studenten die hun teksten niet voorbereid hadden. Ik heb me daarna verontschuldigd.'

Dus u voelde die verandering bij uzelf, niet dat de studenten nu minder hun best doen dan vroeger?
'Neen, ik ben absoluut niet van mening dat studenten minder geïnteresseerd zijn of de hele tijd met hun gsm bezig zijn. Ik heb ook niet de indruk dat studenten op een puur instrumentele wijze een vak volgen. Het is de universiteit die meer inzet op professionele vaardigheden, waardoor aan de brede vorming ingeboet wordt.'

'Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik heel veel respect van studenten heb gekregen en ook respect voor de complexiteit van wat ik aan het uitleggen was.'

U bent dan ook populair bij studenten. Er bestaat zelfs een fanpagina op Facebook. 
'Ik denk dat die populariteit te maken heeft met het feit dat ik veel kan verdragen en dat ik heel gelijkwaardig spreek. Studenten voelen dat ik niet op een piëdestal ga staan, omdat ik meer weet. Ik pretendeer de waarheid te vertellen, maar die pretentie kan verkeerd zijn. Daarom mogen ze mij altijd tegenspreken.'

'Bovendien geef ik les met passie, waardoor het heel theatraal is. Dat sprak studenten aan, maar kon sommigen ook irriteren. Op een - bij wijze van spreken - dansende manier probeer ik studenten mee te trekken in mijn verhaal.'

Er zijn bijna 600 inschrijvingen voor het afscheidscollege

'De taalvaardigheid die mij overvalt als ik een monoloog geef, heb ik niet in het dagelijks leven. Zeer eigenaardig. Soms stoort het mij dat ik talige pirouettes draai zonder choreografie. Dan gaat de taal werkelijk met mij aan de haal en krijg ik het niet onder controle.'

'En ja, ik ben iemand met een druk cultureel leven, waar ook veel van mijn vrienden deel van uitmaken. Soms blijf ik al eens plakken. Ik geef toe: soms gaf ik lessen om 9u 's ochtends na een nacht van vier uur slaap en toch wel twee glazen te veel gedronken. Ik moet het u niet zeggen, maar dan sta je niet scherp. Ik ben de eerste om te zeggen dat ik ook slechte colleges gegeven heb.'

Die slechte colleges zullen dan wel in de minderheid zijn, want naar verluidt is er een grote opkomst voor uw afscheidscollege. Is iedereen welkom?
'Jazeker. Het afscheidscollege is, met heel veel spijt in het hart, verplaatst naar de Pieter De Somer-aula. Ik had het college natuurlijk graag laten doorgaan in Auditorium Max Weber, de enige collegezaal die vernoemd is naar een sociale wetenschapper. Maar het aantal inschrijvingen neigt naar 600 te gaan.'

Voor uw collega's, studenten en fans die er niet bij kunnen zijn: wat zou u nog aan hen willen zeggen? 
'Dank u, dat ik zoveel vrijheid en vertrouwen gekregen heb en om nooit vragen te stellen bij de inhoud van mijn colleges. Dank u voor de manier waarop u mij irritant hebt laten zijn.'

'Als ik iets moet meegeven, is het dit: de universiteit moet ruimte voor dénken behouden. We kunnen altijd denken, voorbij datgene wat empirisch verifieerbare kennis is. Dus behoud de ruimte voor speculatie, want anders zullen we het nog veel te weinig over de maatschappij hebben. Dat geldt ook voor radicale vormen van denken.'

BIO

  • geboren op 22 december in 1957
  • studeert filosofie, maar maakt die studie niet af. Later keert hij terug naar de collegebanken en behaalt hij een diploma in de sociologie
  • behaalt een doctoraat aan de Katholieke Universiteit Leuven in godsdienstsociologie
  • eet graag aardbeien en heeft ook een grote liefde voor asperges
  • raadt boeken De Jaren van Annie Ernaux en Een jaar uit het leven van Gesine Cresspahl van Uwe Johnson aan