Studiekosten binnenkort op ECTS-fiches en programmaboeken

Schatting door proffen en studenten zichtbaar voor inschrijving

11 mei 2020
Artikel
Auteur(s): Joanna Wils
In 2021-2022 komt de studiekost op vakfiches en in programmaboeken te staan. Proffen delen de kost van hun vak en ook algemene kosten worden geraamd. 'We hopen op meer aandacht voor de studiekost.'

Wie zich nu inschrijft aan de KU Leuven kent enkel het studiegeld: het bedrag dat studenten betalen om deel te mogen nemen aan onderwijsactiviteiten en examens. Studiekosten voor materiaal, boeken of slides ontdek je zelf doorheen het jaar. 

In maart keurde de KU Leuven een nieuw voorstel voor studiekostbeheersing goed. Er komt dubbele transparantie: in het programmaboek lees je over de totale kosten van een richting, op de ECTS-fiches over de kost van een vak. 

'De schatting van de kostprijs zal nooit tot op de euro correct zijn'

Lotte Delemarre, voorzitter Studentenraad

'We hebben bewust gekozen voor de ECTS-fiches en het programmaboek, zodat de informatie ook zichtbaar is voor toekomstige studenten', vertelt Liesbet Heyvaert, voorzitter van de werkgroep studiekostbeheersing in de Onderwijsraad. Dankzij de tweeledigheid wordt dan weer rekening gehouden met de verschillende studietrajecten, een eis die de Studentenraad (Stura) uitdrukkelijk naar voren had geschoven. Ook studenten die niet alle vakken uit een bepaalde richting opnemen, zullen zo hun kosten kunnen inschatten.

Niet te gedetailleerd

Moeilijker is hoe alle kosten bepaald zullen worden. Stura-voorzitter Lotte Delemarre verduidelijkt dat ze in schijven zullen werken voor opleidingsonderdelen en activiteiten. 'De kostprijs van materiaal is afhankelijk van waar je het koopt en welke edities je koopt. Zo'n schatting zal nooit tot op de euro correct zijn.' 

'Soms is het terecht dat studenten een opleidingsonderdeel kiezen op basis van de kostprijs'

Liesbet Heyvaert, voorzitter werkgroep studiekostbeheersing in Onderwijsraad

Ook Heyvaert benadrukt dat het een schatting zal blijven. 'Bij vorige studiekostprojecten liep het vaak fout, omdat men net probeerde alles heel gedetailleerd in kaart te brengen.' Zo zullen printkosten per opleidingsonderdeel niet worden berekend, maar kan er wel met een vast bedrag worden gewerkt.

Schijven

Concreet zullen docenten een kostenschijf aanduiden van €0-10, bedoeld voor een kleine cursus bij de cursusdienst, €11-25 of een andere schijf die steeds €25 hoger ligt, tot het vakje €100+. De ramingen zullen niet juridisch bindend zijn: schommelingen kunnen buiten de schatting vallen. Een nadeel is dat zo'n schijven moeilijk op te tellen zijn. In een extra tekstveld kan de docent duiding voorzien.

De vakoverschrijdende kosten vult de opleiding zelf in. De aard van de kosten is ook hier afhankelijk van aankoopvoorkeuren. 'Daarom kunnen opleidingen kwalitatieve verduidelijkingen geven en zullen we werken met kostenschrijfoefeningen', vertelt Heyvaert. In kostenschrijfoefeningen worden studenten gevraagd om hun uitgaven bij te houden en hun profiel te specificeren: drukten ze slides in kleur af of kochten ze boeken tweedehands? 

Kiezen voor het goedkoopste vak

Het risico dat studenten budgetgerichte studiekeuzes zouden maken, zorgde even voor tegenkanting, maar Heyvaert ziet daarin geen probleem: 'In sommige gevallen is het terecht dat studenten een opleidingsonderdeel kiezen op basis van de kostprijs. Als dat een fundamenteel probleem vormt, is de student daar best zo snel mogelijk van op de hoogte.' 

'De kwaliteit van het onderwijs primeert'

Liesbet Heyvaert

Delemarre zegt dat men niet kan garanderen dat de kostprijs geen rol zal spelen, maar dat men zijn best doet om dat te voorkomen. 'We zullen naast de kostenraming verwijzen naar de Sociale Dienst of mogelijkheden tot tweedehandsaankopen.' De studentenvertegenwoordigers in de werkgroep studiekostbeheersing haalden ook aan dat studenten niet mogen worden onderschat: sommigen zullen alsnog naar oplossingen zoeken om de kosten te drukken. 

Tweedehandsboekenmarkten

Naast de transparantie die het project met zich meebrengt, speelt er ook een aspect van sensibilisering mee. 'We hopen dat docenten op lange termijn meer aandacht zullen hebben voor de studiekost, maar het is absoluut niet de bedoeling om de kosten normatief te beoordelen', nuanceert Heyvaert. 'De kwaliteit van het onderwijs primeert.' 

Gelijktijdig wordt een brede sensibiliseringsactie opgezet binnen de onderwijscommissies en de faculteiten. Er wordt nagedacht over alternatieve kostdrukkingsmiddelen via gesprekken met ACCO, tweedehandsboekenmarkten en handboeken in de bib.

Werk van lange adem

Nu de nota goedgekeurd is, liggen de uitdagingen in de implementatie. Dit jaar liepen al enkele pilootprojecten rond kostenschrijven: die zullen volgend academiejaar worden verdergezet, liefst in alle opleidingen. Er worden technische voorbereidingen getroffen en de sensibiliseringscampagne zal al opstarten.

Het project stopt niet na een eenmalige raming

'Hopelijk zijn we tegen het academiejaar 2021-2022 klaar om op de niveaus van de opleiding en het opleidingsonderdeel te starten met het nieuwe systeem', vertelt Heyvaert. Dan zullen de studiekosten effectief in het programmaboek en op de ECTS-fiches verschijnen.

Maar het project stopt niet na een eenmalige raming: de kostenschrijfoefening zou idealiter om een viertal jaren met verschillende studentenprofielen moeten worden uitgevoerd. Als de kosten op de ECTS-fiches niet overeenkomen met de werkelijke cijfers, kunnen de studenten dat ook aankaarten. 'Zo bekomen we betrouwbare cijfers', aldus Heyvaert. 

Waar is de maximumfactuur?

Het project kadert in een lange geschiedenis. Toen in 2015 het inschrijvingsgeld werd verhoogd, liet toenmalig minister van Onderwijs Hilde Crevits een rapport opstellen over de extra studiekosten in het hoger onderwijs. Daaruit bleek dat de kosten soms hoog oplopen: de communicatie moest transparanter en in een vroeger stadium gebeuren.

Zelf heeft de KU Leuven al meermaals geprobeerd om zicht te krijgen op de studiekosten. In 2007 liep al een onderzoek via kostenschrijven en vanaf 2014 kwam een maximumfactuur ter sprake. Tegen dat plan kwam heel wat verzet. Er was de vrees dat de kwaliteit van het onderwijs daaronder zou kunnen leiden en Heyvaert vertelt ook dat een verplichtend kader al te snel in een negatief daglicht wordt geplaatst: 'We hebben er alles aan gedaan om het project deze keer te doen landen.'

De studiekostbeheersing stond in het beleidsplan van vicerector Baelmans en werd dankzij Stura weer hoog op de agenda geplaatst. Zij schoven onder andere de principes van duurzaamheid, diversiteit van studietrajecten en primauteit van kwaliteit naar voren.