'Het eeuwige dieet' - Rosalie vertelt haar verhaal

Een getuigenis over psychische gezondheid bij studenten

19 december 2016
Interview
Auteur(s): Katrien Dreesen
Rosalie is een pseudoniem. Zij getuigt in het kader van de reeks 'de (on)macht van onze gedachten' over psychische gezondheid bij studenten.

Bij medische onderzoeken in de lagere school en in het eerste middelbaar kreeg ik steeds de opmerking dat ik te dik was. Ik ben dan maar beginnen diëten.

In het begin viel het totaal niet op. Mijn mama was trouwens ook altijd op dieet en ja, als zij geen chips at, deed ik dat ook niet. Op school sloeg ik het middageten op den duur over, want daar zou toch niemand commentaar geven. Ik at minder en minder om te blijven afvallen: op mijn dieptepunt woog ik nog 36 kilo, terwijl ik 1,77 meter groot ben.

Natuurlijk kun je het niet blijven verstoppen. Ergens besefte ik ook dat ik extreem mager was: ik was bang om te sterven en viel daardoor elke nacht huilend in slaap. Op aandringen van mijn ouders heb ik me in het zesde middelbaar laten opnemen. Het was de hel. Elke ochtend na het ontbijt moesten we allemaal in ons ondergoed op een rijtje gaan staan, zodat ze ons een voor een konden wegen. Vaak moesten we daar wel een uur in de kou naar elkaars gewicht staan luisteren.

'‘Eet toch gewoon’ is een vaak terugkerende reactie'

Rosalie

Ik heb het daar maar twee weken volgehouden, maar gelukkig heeft een tweede opname in een andere psychiatrie me wél geholpen. Daar heb ik een soort klik gemaakt: ik wilde echt beter worden.

Toen ik zes maanden later ontslagen werd, heb ik het secundair onderwijs via tweedekansonderwijs afgemaakt. Op dat moment ben ik ook op kot gegaan in Leuven. Dat gaf me een gevoel van herwonnen vrijheid, want thuis controleren mijn ouders me voortdurend. Als ik eens een boterham minder eet, krijg ik al commentaar. Maar soms heb ik echt geen honger! Of als ik nu de avond daarvoor twee borden pasta naar binnen heb gewerkt, is het toch normaal dat ik de dag erna geen ijsje eet? Je moet niet overdrijven, vind ik. Ik ben trouwens nooit een grote snoeper geweest. Op kot kan ik tenminste eten wanneer ik wil en koken wat ik wil zonder sceptische blikken van mijn ouders.

Hoe vreemd het ook klinkt, ik zou later graag als zelfstandige diëtiste aan de slag gaan: ongezonde eiwitshakes en suikervrije chocopasta’s met een mooie winst verkopen, lijkt me nog wel wat.

‘Eet toch gewoon’ is een vaak terugkerende reactie. Was het maar zo makkelijk! Als ik nieuwe mensen leer kennen, zeg ik niets over mijn eetstoornis, vooral uit schrik om veroordeeld te worden. Ik ben ook bang dat dat mijn toekomst als diëtiste negatief kan beïnvloeden.

Volgens mij zal mijn anorexia nooit volledig weggaan, het is een deel van mezelf. Sommige periodes ben ik ook ‘zieker’ dan andere. Maar zolang het niet meer uit de hand loopt, ben ik al gelukkig.



Zelf hulp nodig?

Bel 106 of surf naar tele-onthaal.be.
Bel 1813 of surf naar zelfmoord1813.be.

Het studentengezondheidscentrum van de KU Leuven kan je bereiken op 016/32.44.20 tijdens de werkuren.