Navraag: Paul Goossens

‘Met nostalgie verander je de wereld niet’

02 May 2018
Interview
Een vos verliest zijn haren maar niet zijn streken. Ook vijftig jaar na Mei ’68 blijft oud-studentenleider en voormalig journalist Paul Goossens een ‘speelse meid in de klassenstrijd’.

Dat uitgerekend het in bladgoud geklede Le Royal Café in het Antwerpse centraal station de plek is waar we Paul Goossens ontmoeten, voelt wat ironisch. Hij was het immers die als jonge studentenleider van het KVHV 50 jaar geleden mee op de barricaden stond en vol vuur ‘bourgeois buiten’ riep. Dat vuur is een halve eeuw later nauwelijks gedoofd. Een paar weken geleden clashte hij nog met N-VA-woordvoerder Joachim Pohlmann over de erfenis van de revolutie.

Als per toeval loopt Goossens nog een ‘68’er tegen het lijf. Herinneringen worden uitgewisseld. Het gaat er gemoedelijk aan toe. Maar vergis je niet: Goossens blijft een verbale vechter. Of zoals hij het verwoordt: een speelse meid in de klassenstrijd.

U gaat de geschiedenis in als een durver. Piet De Somer, Leuvens rector, zou in die tijd al erg goed over u gesproken hebben.

Paul Goossens: ‘De Somer deelde de mensheid op in twee soorten: zij die lef hebben en zij die dat niet hebben. We hadden net een staking uitgeroepen toen ik hem op straat kruiste. ‘Hoor eens maat, als het staking is, vlieg je buiten’, dreigde hij. ‘Ik had van u niet minder verwacht maar we zullen zien of je het ook kunt’, heb ik toen geantwoord. We zijn toen effectief met drie studenten geschorst aan de universiteit. De Somer had guts. Als hij u kon pakken, deed hij het.’

Behoorde hij zelf niet tot de bourgeois die buiten moest?

‘Dat dachten wij (lacht). De Somer was een zeer rijke vent. Hij had een medisch labo dat hij aan de Amerikanen had verkocht voor veel geld. Maar hij had ook hetzelfde misprijzen voor de Vlaamse beweging als wij na verloop van tijd. Hij sprak niet over de Vlaamse leiders maar over de Vlaamse stigmatici.’

'De Somer had guts. Als hij u kon pakken, deed hij het'

Paul Goossens

Was de taaleis van de Vlaamse beweging dan niet legitiem?

‘Ja, maar andere eisen evengoed. Waarom mocht je niet over democratisering praten? Waarom mocht je in uw speechen niet over sociaal onrecht, uitbuiting van de derde wereld en de wapenwedloop spreken? Je moest geweldig opletten want dat zou de Vlaamse beweging verdelen. Dat is een ideologisch dictaat.’

Walter Zinzen vertelde ons onlangs dat ‘bourgeois buiten’ evengoed een lege slogan was.

‘Dat was ook niet de ideale slogan. Maar je moest iets met ‘buiten’ hebben hè. Het moest aanslaan.’

Is dat dan niet even problematisch als ‘Walen buiten’? U maakte de vergelijking met Juden Raus.

‘Een etnisch buiten is toch wat anders dan een sociaal-economisch buiten?! (op dreef) Omwille van etnische redenen zijn er 6 miljoen mensen vermoord. Woorden hebben toch een betekenis? Een etnische categorie inbouwen amper 23 jaar na het Derde Rijk en de holocaust. Dat men daar nog altijd geen afstand van neemt, is verbijsterend.’

Leefde toen ook de gedachte dat jullie in een fascistoïde regime leefden?

‘Dat werd hier en daar zeker gedacht. Waarom moest ik veertien dagen aangehouden worden? Ik had niet veel mis gedaan. Ik had misschien de verantwoordelijkheid dat ik een aula had bezet. Dat ik daar het initiatief toe genomen had. Maar ik had niet met flesjes bier naar de rijkswacht gegooid.’

De val van de regering was voor jullie echt een doel.

‘Ja, dat moest. Tot de finish. Zij zou vallen.’

Wanneer wisten jullie dat het zover was?

‘Twee dagen voordien. De druk was zodanig groot en we hielden dat ook zo. Heel Vlaanderen kwam naar ons. Als je 16 jaar was en je wilde wat meemaken dan trok je naar Leuven. Het was niet bij te houden. In Waregem, Turnhout of Hasselt stapten duizenden scholieren de straat op. Ze namen de thema’s over. Voor die generatie was dat een bevrijding. Eindelijk gebeurt er hier eens iets.’

'De regering moest vallen. Tot de finish'

Paul Goossens

Wat vindt u van de kritiek op Mei ‘68? Jullie hebben de structuren waarin mensen leefden en waarin ze zich ook vaak thuis voelden, aangevallen. Sinds ‘68 zijn ze compleet wankel.

‘Wij hebben er voor een aantal structuren zeker toe bijgedragen. Zeker voor de ontkerkelijking.’

Wanneer we iemand begraven, is het niet meer duidelijk hoe we dat precies doen.

‘Ja maar, dat beslis je toch zelf?’

Maar mensen weten het niet meer. Ze doen vaak maar wat.

‘Mensen moeten zelf leren nadenken en beslissen. Conservatieven zijn bang van te veel emancipatie en willen soumission aan traditie, natie en niet zelden religie. Daartegen heeft de Verlichting zich verzet en ’68 is in die voetsporen gestapt. De emancipatie van student, scholier, arbeider en burger was ons ultieme doel. Conservatieven zijn altijd koele minnaars van de Verlichting geweest en omdat ’68 er een update van was, is ’68 voor hen altijd een vijand geweest en gebleven. Ook in 2018, zoals blijkt uit de Leuvense speech van Bart De Wever.’

'Men wil de sociaal-economische ongelijkheid onder het tapijt vegen omdat het de natie verdeelt'

Paul Goossens

U zegt dat ze in essentie niet achter gelijkheid staan.

‘Dat vind ik, ja.’

Dat lijkt me wel sterk.

‘Lees er Burke op na. Omdat hij gelijkheid verafschuwt, bevecht hij de Verlichting. Zijn ideale wereld is er een van ongelijkheid, een wereld van standen, klassen, hiërarchie en privilegies. De N-VA is allergisch als je over sociaal-economische ongelijkheid begint, ook al omdat het de Vlaamse natie zou verdelen. Daarom ook haar cultuuroorlog rond Vlaamse identiteit.’

Maakt u zich zorgen over de dag dat u er niet meer bent? U als een van de bevoorrechte getuigen.

‘’68 heeft zijn tijd nu wel gehad. Ik heb een paar van mijn collega’s op radio en televisie bezig gehoord. Dat ging niet verder dan nostalgische verhalen van hoe plezant en spannend het allemaal was. ’68 is voor sommigen hun Bokrijk. Maar met nostalgie verander je de wereld niet. Ik had veel meer input en repliek verwacht vanuit de universiteit en de politieke wereld. Ik had gehoopt dat er een paar mij de grond in gingen boren met mijn essay. Dat we een echt debat konden hebben.’

‘De twee redenen waarom het nu nog in de kranten komt, is omdat ik er mijn mond over heb opengedaan en de N-VA dat heeft gedaan.’

'Historici hebben nog geen serieus werk verricht'

Paul Goossens

Zijn de kaarten na 50 jaar geschud?

‘Neen, historici hebben nog geen serieus werk verricht. Dat is dezelfde koudwatervrees als de universiteit en de Vlaamse intelligentsia heeft.’

Wablieft? Veel Leuvense historici zullen zich op dit ogenblik in hun koffie verslikken.

‘Door wat ik nu zeg? Het is te hopen! Ik heb een tekst van Louis Vos (historicus, red.) gelezen en die was zo onwetenschappelijk als het maar kon zijn. Je moet als professor en historicus niet afkomen met ‘we hadden de indruk dat Walen Buiten voor ons een bevrijdende slogan was.’ Dat schrijf je in Het Laatste Nieuws.’

Volgens Doorbraak-auteur Eddy Daniëls, ook een ‘68’er, vergeet u te genieten van uw overwinning. U zou zich te veel als een verliezer gedragen.

‘(lacht) Wat moet ik daar nu op antwoorden? Het gaat helemaal niet over de voorbije vijftig jaar. Het gaat over wat we met de toekomst doen. Dan zoek je toch de thema's op die de toekomst hypothekeren. Een dominante partij die een identiteitspolitiek propageert, is een gif dat in de samenleving sluipt, een hefboom voor intolerantie.’

‘Als de N-VA zegt dat de grote hinderpalen voor hun identiteit die van ’68 zijn, dan dien ik hen graag van antwoord: laat ons daar eens ruzie over maken.’

Paul Goossens schreef dit jaar het kerstessay, 1968. Het jaar dat niet wil sterven, voor De Standaard. Je vindt het hier.

Als student kan je de krant gratis lezen via de login gegevens op Limo.


Meer artikels van het dossier Mei '68 lees je hier.