Navraag: Spinvis

'Ik leef echt als een soort prins en iedereen geeft me cadeautjes'

14 november 2017
Interview
Auteur(s): Nora Sleiderink , Tom Dinneweth
We treffen Erik de Jong wanneer hij net fluitend een fles witte wijn uit de koelkast van de kleedkamers plukt. Slecht voor het imago, zo zouden sommige artiesten denken.

Maar daar zit Spinvis niet mee in de maag. 'Dat is het grote voordeel van debuteren op je veertigste: dat je dat allemaal wel al een beetje hebt gehad. Je hoeft niet meer stoer of punk of sexy of ongrijpbaar te zijn.'

Hoe was je als twintiger?

'Ja… als een, als een dier volgens mij. In de zin dat ik niet dacht aan morgen en niet aan gisteren. Ik was vooral bezig met… het feest, uiteraard. En de meisjes. En de verwondering vooral! Van alles wat je kan, het gevoel van een glorieuze toekomst met allemaal avonturen, weet je wel. Zo van ‘wauw, daar is het leven!’ Maar, ik was niet gelukkig. Ik geloof dat ik nu wel gelukkiger ben.'

Was je toen ook al bezig met muziek?

'Ja, ik heb nooit iets anders gekund en nooit iets anders gewild. Verder nooit iets van studie of carrière gedaan. Vanaf het eerste moment dat ik op een podium stond, dacht ik: ja, dit is heel bijzonder. Nu ben ik geboren, vandaag ben ik geboren. Dan heb je vrienden en je gaat door tot je 25 bent en je speelt overal, maar langzaam worden de mannen ouder en krijgen ze een gezin en een carrière. Zo gaat iedereen zijn eigen kant op. En ik niet, want ik kan niets anders! (lacht) Dus ik was alleen over. Dat was eigenlijk een zegen. Toen moest ik wel zoeken naar manieren om het allemaal zelf te gaan doen. Ik heb echt twee levens, een van voor mijn veertigste en een van na mijn veertigste.'

Was dat dan volwassen worden?

'Nee, ik was daarvoor echt veel volwassener - ik was me aan het klaarstomen voor een burgerlijk leven. Ik ben net op tijd ontsnapt. Ik kan niet zeggen ‘wat als’, dat weet je natuurlijk nooit. Als niemand mijn demo’s leuk had gevonden, dan had ik nu nog steeds in de fabriek gestaan. Ik was niet ongelukkig geweest, als het zo was. Dan was er geen publiek. Dat is niet zo heel erg. Dat is niet noodzakelijk voor wat ik doe. Wel heel fijn natuurlijk, en een wonder dat er nu vanavond weer, een wonder (!) dat er zoveel… Je zit op een dag iets te verzinnen aan de keukentafel, kan je het je voorstellen? Gewoon - leuke regels, en dan twee jaar later is dat van ‘waaah!’. Dat kan ik nog steeds niet geloven.'

'Dan hoor je een soort monster, geluiden, tienduizend kelen. Dat voelde als een soort vijand, een draak die je moet gaan overwinnen'

Spinvis

In een interview met Veto veertien jaar geleden zei je dat het een tijd duurde voor je je op je gemak voelde op het podium. Is dat iets waar je nu ook van geniet?

'Ja, en dat is in één klap gekomen! Het was mijn bedoeling om die eerste plaat anoniem te maken, maar dat kan natuurlijk niet. Vanaf het moment dat je persoonlijke verhalen gaat vertellen, dan zit daar een persoon achter en willen mensen weten: wie is dat? Maar goed, ik was toch nieuwsgierig. En ijdel, uiteraard.'

'Maar toen was ik dus nog heel zenuwachtig, om op je vraag terug te komen. Ik heb het nog heel lang heel eng gevonden. Vooral festivals. Je wordt zo aangekondigd van ‘En dan nu… SPINVIS! WRAAAH!’ Dan hoor je een soort monster, geluiden, tienduizend kelen (doet gillend, grommend geluid na). Dat voelde als een soort vijand, een draak die je moet gaan overwinnen. Toen dacht ik: dit kan ik niet langer doen. Het kan niet dat ik daar elke keer doorheen moet.'

'Toen kwam drie of vier jaar later het grote moment in Roeselare. Ik weet niet wat het was! Ik stond op het podium en opeens was ik er vanaf. Een heel sterk visioen, of helder moment, dat ik besefte: Erik, die mensen komen voor jou! Je hoeft helemaal niets te winnen. Je hoeft helemaal niets te overtuigen. Ze vinden het mooi, je moet alleen maar je best doen. And that’s it! Ja, je ziet eruit zoals je eruit ziet, dat weten we nou wel, en ze blijven toch nog komen, dus het zal wel goed zijn. Dat klinkt heel simpel, maar dat was voor mij heel erg een eye-opener. Alles is nu een cadeau - ik leef echt als een soort prins, en iedereen geeft me cadeautjes. Ik kan alleen maar dankbaar zijn.'

'Hoe het werkt, weet ik niet. Maar het is het oudste ter wereld'

Spinvis

Is Spinvis dan nooit meer een personage van jezelf?

(stilte) 'Goeie vraag. Ik heb niet voor niets mijn eigen naam niet gebruikt natuurlijk. Spinvis is niet ik, dat kan ik niet. Maar daar denk ik heel vaak over na. Over wat het is om op een podium te staan, en dat mensen naar je kijken, en wat je dan vertegenwoordigt. Je kunt onmogelijk jezelf zijn als duizend mensen naar je kijken. Maar ik ben ook geen acteur. Ik speel geen rol. Er is wel een gedeelte van jezelf wat op het podium wordt uitvergroot.'

'Dat is misschien ook de verslaving voor veel mensen. Je hebt ontzettend veel macht. Als je een grapje maakt, ook al is dat het slechtste grapje van de wereld, gaan de mensen lachen. Dat kun je misbruiken. Het werkt ook heel erotiserend. Je wordt direct aantrekkelijk. Hoe je er ook uitziet, wat je ook doet of zegt. Hoe het werkt, weet ik niet. Maar het is het oudste ter wereld.'

Veel schrijvers worden scheef bekeken door hun vrienden omdat ze merken dat hun verhaal terugkomt. Is dat iets dat je zelf ook merkt?

'Ja, ik steel - heel de dag. Heel vaak weten mensen het ook niet (meer). Dat is ook zo raar! Dan zit er een vriend naast me in de auto en die vertelt een heel verhaal huppeldepup en op een bepaalde manier heel mooi. Dan denk ik (maakt graaibeweging met zijn hand). Dan gebruik ik dat in een tekst en laat ik dat aan hem horen en dan herkent ie er niets meer van! Heeft geen idee dat het over hem, of dat hij dat heeft gezegd. Ergens in het proces, is er iets gebeurd.'

'Dat je nooit meer iets nieuws in jezelf ontdekt. Dat is toch om gek van te worden? Dat wens je je ergste vijand niet toe'

Spinvis

'Ik vind het wel heel mooi: de Romeinen hadden een Genius. Een soort geest, een soort entiteit. Alle creativiteit komt niet uit jou, maar uit een geest die naast je is. Dat is niet zo - dat weet ik wel - maar de beeldspraak vind ik wel heel mooi. Ik ken een dichteres, die heeft het ook over de Genius. Dan loopt ze in het bos en zegt ze: ‘Ik voel een gedicht op mij afkomen, nu moet ik heel snel naar huis rennen om het op te schrijven, anders gaat het gedicht naar iemand anders toe.’ Dat vind ik echt zo’n goed beeld!' (lacht)

Wat komt er het eerst als je aan het schrijven bent? De tekst of de melodie van een nummer?

'Iets van een soort concept. Een soort levensgevoel… Een soort romantiek. Het kan ook heel goed zijn dat ik iets op de radio hoor en denk: Ja! Zo’n soort nummer ga ik maken! Zo’n soort song! Al doende verdwaal je totaal van dat voorbeeld, maar dat was wel even nodig als een soort katalysator om iets aan te zetten in je hoofd om dat te gaan doen.'

En dat hele concept zit nu samengebald in die drie woorden, ‘trein’, ‘vuur’ en ‘dageraad’?

'Ja, dat is inderdaad een concept. Drie woorden die met elkaar te maken hebben, of niet. En hoe die relatie dan is. Vaak heb ik dan wel woorden, maar dat zijn meer regels, geen affe teksten. Of twee namen, zoals Stefan en Lisette. Dan heb ik nog geen idee van de tekst, maar die namen zijn dan al van zoveel betekenis voor mij… Alles zit daar dan eigenlijk al in, je moet het alleen er nog uit zien te halen.'

'De mens is een oneindig ingewikkeld wezen. Wat hier (houdt zijn handen rond zijn hoofd) allemaal gebeurt, je hebt geen idéé. Dat vind ik ook al heel fijn. Stel je voor dat je een kamer bent zonder deuren, zonder ramen. Dat je… Dit is wat je nu bent. Dat je nooit meer iets nieuws in jezelf ontdekt. Dat is toch om gek van te worden? Dat wens je je ergste vijand niet toe. Daarom is het ook heel fijn dat ik bij de teksten die ik schrijf pas achteraf begin te begrijpen waarom ik dat heb opgeschreven. Het is een soort dagboek, alleen weet ik zelf niet precies wat ik ermee bedoel.'

'We hebben allemaal een Ronnie in ons'

Spinvis

Ook een grote groep jonge mensen luistert naar je muziek. Dat is misschien merkwaardig, aangezien het toch over vrij melancholische muziek gaat, over ouder worden, vergeten… Hoe verklaar je dat?

'Zaken als melancholie of vergeten of het verlangen naar het onzichtbare zijn helemaal niet iets van oudere mensen. Het is misschien wel nog meer eigen aan jongere mensen. Het is echt niet zo dat als je ouder wordt, je dan wijzer of gevoeliger wordt. De emoties die je nu beschrijft, die weltschmerz, dat spreekt denk ik nog meer jongere mensen aan. Dat vind ik echt heel leuk, dat ook jonge mensen luisteren. En ook echt kindjes, van vijf of zes jaar - ze kunnen onmogelijk al die lagen begrijpen, al die beeldspraak, … - maar die genieten gewoon van de taal en de gekke woordjes en de gekke beelden. Die speelsheid is natuurlijk super belangrijk.'

Maakt Ronnie nog een comeback?

'Misschien staan we over een paar jaar wel aan zijn graf. Geen idee. Het gaat nu heel goed met hem. Absoluut. Hij heeft een fris kapsel en hij woont in een huisje en het gaat wel goed. ‘t Is een jongen, ja je kent hem wel. Heeft ie een vriendin, dan duurt dat een tijdje en is ze weer weg. Denkt ie (doet lage stem na): ‘Het is nou eenmaal zo.' Je hoort het hem zeggen. ‘t Is een lieve jongen. Hij zal veel nooit bereiken, maar dat vindt ie ook niet heel erg, dat vindt ie wel oké. Dat is onze Ronnie. We hebben allemaal een Ronnie in ons.'