Een asociaal klimaatbeleid is een broeihaard voor populisme

Summier: de scriptie als standpunt

25 oktober 2021
Opinie
Auteur(s): Tuur Bries
Het Vlaams Belang speelt doelbewust in op ontevredenheid over het beleid. Klimaatactie zal inclusief zijn of ze zal niet zijn.

Voor de eerste keer sinds de versoepeling van de coronaregels heeft er weer een klimaatmars plaatsgevonden in Brussel. Belgische jongeren kwamen opnieuw op straat om beleidsmakers op te roepen tot actie. In 2019 maakten de protesten van Fridays for Future de klimaatverandering tot een van de belangrijkste onderwerpen op de politieke agenda.

De protesten wilden aandringen op politieke actie en een ambitieuzer klimaatbeleid. Maar helaas kwam uit het protest geen eenduidige inhoudelijke agenda naar buiten. Politici vulden zelf in wat dat beleid moest zijn.

Een groot deel van het gevoerde klimaatbeleid ligt op dezelfde lijn. Het zijn vooral maatregelen die wenselijke gedragswijzigingen koppelen aan economische prikkels. Denk bijvoorbeeld aan taksen op vervuilende producten. Dergelijke maatregelen laten de doorsnee consument de kost van vervuiling dragen. Bij veel mensen schiet dat in het verkeerde keelgat.

Jan Modaal merkt sneller dat zijn portefeuille lichter is dan dat er minder broeikasgassen worden uitgestoten

Dat was bijvoorbeeld het geval in 2018, toen de gilets jaunes massaal op straat kwamen om te protesteren tegen de verhoogde accijnzen op brandstoffen die Macron invoerde. Die gele hesjes zijn slechts een symptoom van een breder probleem met de huidige klimaataanpak. De ontevredenheid die het huidige beleid creëert, is een vruchtbare grond voor populistische partijen. 

Mijn thesis toonde aan hoe het Vlaams Belang strategisch inspeelt op de ontevredenheid over de klimaatmaatregelen. Ik analyseerde de communicatie van het Vlaams Belang inzake klimaat en milieu. Wanneer de partij het over het klimaat had, was hun communicatie meestal sceptisch. 

Ik onderscheidde drie soorten scepticisme. Ten eerste heerst er in bepaalde kringen een wantrouwen ten opzichte van beleid. Daarnaast waren er ook mensen die sceptisch waren over de politieke processen achter klimaatactivisme en die geloofden in geheime organisaties, zoals een klimaatlobby. Ten slotte was er ook scepsis tegenover klimaatverandering als wetenschappelijk fenomeen. Het grootste deel van de communicatie van het Vlaams Belang drukte scepticisme uit tegenover het gevoerde klimaatbeleid

Dat is niet verwonderlijk. Klimaatbeleid is hoe dan ook kwetsbaar voor kritiek uit populistische hoek. Het klimaatprobleem is een abstract en technisch gegeven. Je wordt niet elke dag met de gevolgen ervan geconfronteerd. Daarom springen voornamelijk de kosten van klimaatbeleid in het oog. De baten blijven onderbelicht. Jan Modaal merkt sneller dat zijn portefeuille lichter is dan dat er minder broeikasgassen worden uitgestoten.

Oplossingen moeten gezocht worden in een systematische aanpak die inclusief en sociaal rechtvaardig is

Wanneer de minder gegoede economische klassen de prijs van dit beleid moeten betalen creëer je nu eenmaal ontevredenheid. Het Vlaams Belang speelt hier regelmatig op in met een anti-elitair discours. Klimaatpolitiek beschrijven ze als een agenda die gestuurd wordt vanuit een corrupte politieke elite. Het doel van klimaatbeleid zou dan vooral bestaan uit geld sprokkelen bij de burger en meer belastingen opleggen.

Oplossingen moeten gezocht worden in een systematische aanpak die inclusief en sociaal rechtvaardig is. Daarvoor zijn ingrijpende maatschappelijke en politieke veranderingen nodig. Bij het uitschrijven van beleid moeten beleidsmakers buiten de lijntjes van het status quo durven tekenen. 

Er zijn de laatste jaren veel ideeën gelanceerd om onze maatschappij en economie te hervormen. De circulaire economie is er daar een van, net als vernieuwende ideeën als degrowth en de doughnut economy waarbij de economie en economische groei begrensd moet worden door zowel ecologische als sociale grenzen. Op die manier kan de strijd tegen klimaatverandering een inclusiever verhaal worden, waarin alle lagen van de bevolking zich kunnen vinden.

Veto biedt de vele bachelor- en masterthesissen die stof aan het verzamelen zijn een kans op een tweede leven, door ze te verwerken in een opiniestuk. Over deze mening is dus tenminste een jaar nagedacht.