Lekkende rioleringen zorgen voor toiletplanten in de Dijle

De Dijle: de ideale moestuin

12 November 2019
Artikel
Auteur(s): Benno Debals
Aan de oevers van de Dijle zitten niet alleen groene kikkers verscholen. Je vindt er ook tomaten, pompoenen en kiwi's, allemaal ten gevolge van een lekkende riolering.

De opmerkzame student heeft het misschien al eens gezien: tomaten, vijgenbomen of zelfs pompoenen die zomaar ontspringen langs de Dijle. Onder biologen worden deze adventieve soorten op zo'n plaatsen wel eens toilet- of rioolplanten genoemd, een naam die ze te danken hebben aan hun verbreidingswijze. Wanneer wij als mensen tomaten eten, kan het zijn dat die zaden er via onze stoelgang weer uit komen. Ook via de gootsteen verlaten veel zaden het huis. Slecht afgewaterde afvoerbuizen en overstorten van rioleringen kunnen ervoor zorgen dat deze in de Dijle terechtkomen en bijgevolg nieuwe planten kunnen kiemen. 

Thomas Gyselinck, praktijkassistent biologie aan de KU Leuven en mede-organisator van het BiTe - Biodiversity Team, legt uit hoe die planten een tweede thuis vinden in de stedelijke omgeving van Leuven: 'De meeste soorten die je langs de Dijle vindt, kun je ook in je moestuin kweken. Het stedelijk klimaat, dat typisch altijd enkele graden warmer is dan daarbuiten, kan die soorten helpen te bloeien. Op het slib kunnen ze groeien en via spleten in muren groeien ze verder. Zolang het om kruiden gaat, kan het geen structureel probleem vormen voor de huizen.'

'Het typisch warmere stedelijk klimaat kan helpen voor die soorten om te bloeien'

Thomas Gyselinck, praktijkassistent Biologie

De oevers van de Dijle zijn natuurlijk niet overwoekerd door een overdaad aan groenten en fruit. Meerdere factoren spelen hierbij een rol volgens Gyselinck: 'Veel soorten zijn niet winterhard, zoals onder meer tomaten en pompoenen. Die komen in bloei en dragen fruit voor slechts een enkele zomer, daarna vergaan die planten weer. Langs de andere kant heb je bijvoorbeeld de kiwi die zowel door een vrouwelijke als een mannelijke plant bestoven moet worden om vrucht te dragen. Daarenboven is de densiteit aan zaden niet zo hoog als in de moestuin, en zijn er niet veel geschikte kiemingsplekken.' Al deze factoren zorgen ervoor dat de fruitweelde aan de Leuvense vaarten niet uit zijn oevers treedt.

Het rioolprobleem

Via de riolering kunnen deze planten een nieuwe plaats vinden om tot bloei te komen. Dan rijst de vraag hoe het komt dat rioleringswater zomaar de Dijle kan bereiken. Zo zijn er overlopen in rioleringen waardoor bij hevige regenval overschotten de Dijle in worden geloodst. Minder onschuldig zijn dan weer afvoeren die rechtstreeks de Dijle in worden gekieperd, zonder aangesloten te zijn op de riolering. Volgens een relatief recent onderzoek van de VRT blijkt dat een achtste van de Vlaamse woningen niet zijn aangesloten op de riolering. 

Veel van de veelal oude gebouwen van de KU Leuven zijn niet aangesloten op een riolering

In Leuven is het volgens die cijfers minder ernstig: 97% van de Leuvense woningen zou aangesloten zijn op de riolering. Maar daarbij worden de veelal oude gebouwen van de KU Leuven niet in rekening gebracht. Veel van die gebouwen zijn nog altijd niet aangesloten op een riolering. In het Groot Begijnhof is het probleem het duidelijkst op te merken. Als je er op een van de vele brugjes gaat staan, kun je letterlijk de rioleringen uit de muur zien komen. Heb je geluk, kun je er zelfs wc-papier zien hangen. 

Dat probleem valt niet zomaar op te lossen. In de tussentijd kunnen de Leuvenaars wel genieten van een extra mooie biodiversiteit. In het Groot Begijnhof zijn er kiwiplanten en met een beetje geluk pompoenplanten te vinden, in het Sluispark staat een gigantische vijgenboom en naast de zandhopen daar niet ver vandaan staan een heleboel tomatenplanten en kun je zelfs goudbes vinden. Wees wel gewaarschuwd: Dijlewater bevat vaak zware metalen. De planten opeten doe je dus best niet - al kun je de schoonheid van Moeder Natuur ook bewonderen zonder ervan te hoeven proeven.