INTERVIEW IBE ROSSEL

Ibe Rossel: 'Ik heb mijn liefde voor het Vlaams teruggevonden toen ik begon te schrijven'

Ibe Rossel

Ibe Rossel (27) is de auteur van Bloedspiegel, en schrijft momenteel verder aan een roman voor Das Mag. 'Ik kan net zo goed genieten van een Boer zkt Vrouw-aflevering als van een George Eliot-roman.'

Gepubliceerd
Leestijd: 7 min

Ibe Rossel werd geboren in Gent. Op haar elfde was ze al actief als succesvol modeblogger. Ze werd uitgenodigd op modeweken en leerde de kneepjes van het schrijfvak. Op eenentwintigjarige leeftijd bracht ze haar eerste boek uit; Shakespeare kent me beter dan mijn lief: een levensgids aan de hand van literaire klassiekers. Later werkte ze als columniste bij De Standaard en bracht ze haar tweede boek Bloedspiegel uit. We spraken haar op haar hip ingerichte appartement in hartje Gent. 

Je was op elfjarige leeftijd een succesvol blogger. Wat heeft die ervaring je geleerd?Ibe Rossel: 'De blog was voor mij een manier om een wereldje te creëren voor mezelf. Ik ging niet erg graag naar school. (denkt na) Ik was gewoon niet zo supergraag kind. Ik kon vooral niet wachten om volwassen te zijn en die vrijheid te hebben. In dat opzicht was de blog voor mij een manier om vrij te bewegen, vrij te spreken en vrij te schrijven. Het heeft mij vooral geleerd dat je je moet durven uitdrukken en dat daar ruimte voor is, en dat het deugd kan doen.' 

Heeft het jou ook op een specifieke manier gevormd als schrijver?
'Ik vond het altijd heel comfortabel om in de ik-vorm te schrijven, en dat doe ik nog steeds. Mijn schrijven voelt heel erg als verzamelen. Van alles in mijn notitieboekje schrijven en sprokkelen. Voor mijn blog deed ik dat ook op die manier.' 

Dus heel intertekstueel? 
'Enorm. Ik vind het zeer interessant om zaken aan elkaar te linken. Ook heel erg die mengeling tussen hoge en lage cultuur. Bijvoorbeeld in mijn eerste boek, Shakespeare en Temptation Island. Dat is iets dat ik altijd al héél graag gedaan heb. Ik vind dat alles een analyse verdient.' 

'Het is ook gewoon hoe mijn leven en media eruitzien. Ik kan net zo goed genieten van een Boer zkt Vrouw-aflevering als van, weet ik veel, een George Eliot-roman. Als mens proberen we uiteindelijk allemaal grip te krijgen op thema's zoals identiteit, verlangen, liefde, geweld… Alle media gaan daarover, sommigen worden dan als marginaler beschouwd, maar ik vind dat het daardoor niet minder relevant is.' 

Aangezien je Engelse literatuur hebt gestudeerd, vanwaar dan toch de keuze om zelf in het Nederlands te schrijven? 
'Het is mijn moedertaal, hè. Hoe goed je een andere taal ook beheerst, de affiniteit met je eigen taal is toch nog anders. Ik zou dit boek absoluut niet in het Engels kunnen geschreven hebben. Ik heb heel erg mijn liefde voor het Vlaams teruggevonden toen ik begon te schrijven. Vlaams is een heel leuke taal om in schrijven omdat er zoveel beeldspraak bestaat.' 

Welke literaire waarde heeft het Nederlands voor jou?
'Ik ben op bezoek geweest bij de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren hier in Gent. Dat was voor mij een verademing: wij hebben zowel in het verleden als hedendaags zo'n interessante schrijvers, bijvoorbeeld Virginie Loveling of Hugo Claus.'

'Wat ik echt waanzinnig vind zijn mensen die boeken uit het Frans of Italiaans, in het Engels gaan lezen. Dan denk ik: dit is krankzinnig. Mensen die Dostojevski en Tolstoy in het Engels gaan lezen. Je bent hier een driedubbele vertaalslag aan het doen. (fel) Waarom? (feller) Waarom?!'

'Ik vind dat heel jammer, want wij hebben echt een heel rijke traditie. Er zit een meerwaarde in het lezen van zaken die zich specifiek in je omgeving afspelen. Het helpt om vanuit een ander perspectief naar je omgeving te kijken.'

'Mijn schrijven voelt heel erg als verzamelen.'

Je eerste boek is getiteld Shakespeare kent me beter dan mijn lief. Welke andere auteurs doorgronden je beter dan een geliefde ooit zou kunnen?
(lacht) 'Absoluut Patricia De Martelaere. Zij is nog hoogleraar geweest aan de KU Leuven. Soms lees ik iets van haar en denk ik: jij bent echt mijn spirituele moeder. Jij kent mij echt beter dan mezelf. (lacht opnieuw) Ze is ook niet ver van waar ik ben geboren, in de Vlaamse Ardennen.' 

'Zij heeft het constant over het probleem van verlangen: wat we ermee moeten aanvangen, en de mechanismen ervan. En dat is iets waar ik super hard in geïnteresseerd ben in mijn werk. Ik vind haar de briljantste persoon die wij ooit in België hebben voortgebracht. Shout out KU Leuven.'

Bij Das Mag werk je momenteel aan een roman, zijn er al dingen die je daarover kwijt kan? 
'Nee! Absoluut niet! Absoluut niet. Goed geprobeerd.' 

Dan maar over iets anders. Is het hip om essays te schrijven?
'Ik voel me niet per se heel hip. Je merkt wel op YouTube en TikTok dat er heel veel video essays te vinden zijn, van verschillende kwaliteit. Een essay is gewoon een manier om na te denken over je omgeving en wat er gaande is. Ik denk dat het best een tijdloos genre is.' 

'Met de opkomst van Substack is de persoonlijke essay wel heel erg in opmars, vooral bij jongeren. Dat zal ook wel iets te maken hebben met hoe individualistisch onze maatschappij is geworden. Iedereen heeft een mening en een platform om die op te verkondigen. Het mooie aan die democratisering is dat er geen poortwachter meer aan de deur staat en dat we ook andere stemmen te horen krijgen.'

Je schreef een column voor De Standaard, maar je vertelde dat je daardoor leefde in functie van het verhaal. Is dat ook geen poging om het narratief rond jezelf te controleren?
'Absoluut. Je hoort iedereen altijd zeggen: "Do it for the plot", maar dan heb ik zoiets van: ja, maar wat doet the plot eigenlijk voor mij? Niet veel! Daarnaast raak je op een manier ook onthecht van je eigen werkelijkheid en de verbindingen met de mensen rond je. Het werd voor mij performatief. Elke keer als ik iets meemaakte dacht ik direct: hier kan ik over schrijven, zonder in het moment zelf te zijn. Het maakt alles wat je beleeft of denkt een verkoopbaar product. En dat is een vies gevoel, vind ik.' 

En dat gevoel heb je minder als je een volledig boek schrijft?
'Ja, sowieso. Specifiek rond een trauma schrijven, dat vond ik iets heel moeilijk. Het is heel raar om het ergste wat je ooit hebt meegemaakt, om te vormen tot iets wat mensen in de boekenwinkel kunnen kopen. Het was een ervaring waar ik nog nooit over had gesproken of geschreven. Ik besefte dat door dit nu, op mijn voorwaarden op te schrijven, ik er meester van werd. Het feit dat andere mensen het zouden lezen, werd bijzaak.'

De titel van je nieuwste boek is Bloedspiegel. Wat zegt de relatie tot onze broers en zussen over onszelf?
'Ik was heel erg geïnteresseerd in die dynamiek, omdat de grote thema's rond onze identiteit er in naar boven komen. We delen nature en nurture, maar willen verschillende mensen worden. Daardoor buiten we elk verschil uit, en dat is voor mij echt het begin van identiteitsvorming.' 

Zou je zelf een wezenlijk andere persoon zijn geweest, moest je zijn opgegroeid met broers?
'Sowieso. Ik weet direct wanneer iemand enig kind is. (lacht) Ik zou nog een stuk onuitstaanbaarder zijn zonder mijn zussen, absoluut!' 

'Ik zou nog een stuk onuitstaanbaarder zijn zonder mijn zussen, absoluut!'

Het schrijven van het boek bracht je op frappante plaatsen. Welke nieuwe inzichten bracht dat reizen met zich mee?
(lacht) 'Het inzicht dat ik eigenlijk voortdurend had op die reis was: Waarom ben ik dit in godsnaam aan het doen? Waarom had ik geen ander boekonderwerp kunnen kiezen? Een collega die een first draft las, merkte op dat ik met het reizen een heel clichépositie innam in het mannelijke schrijversschap: de onderzoeksjournalist die het allemaal eventjes gaat uitpluizen. Ze zei me dan: "Maar jij maakt het allemaal heel meisjesachtig."' 

'Witte hetero mannen willen altijd alleen maar over Dostojevski praten'

'Dat was wel iets waar ik constant mee zat. Hoe verhoud ik mij tot deze plek? Welke rol neem ik in? Wat is mijn perspectief? Dus dat was wel een meerwaarde. Ik hou heel erg van details opmerken en die een hoofdrol laten spelen.' 

'Met het boek neem ik ook een zijweg, want ik wil eigenlijk over mannelijkheid en bro's schrijven, maar doe dat via biologische broers. En tijdens die reis nam ik eigenlijk constant de zijwegen. Dat was voor mij een mooi moment, waarbij vorm en inhoud samenkomen.'

Je verwerkt je eigen positionaliteit in je boek. Is dat iets waar we als maatschappij meer nood aan hebben?
'Ja, ik denk dat we daar allemaal beter van worden als mens. Er bestaat geen neutraliteit, er bestaat geen objectieve waarheid. Ik denk dat alles een kwestie van waarneming is. En daar moet je gewoon transparant over zijn. Eerlijk kijken naar welke vooringenomenheden je hebt. En het besef dat jouw beleving als mens niet dé universele beleving is.' 

'Er bestaat geen neutraliteit, er bestaat geen objectieve waarheid. '

Heb je nog slechte tv-tips voor ons? 
'Ja! Ik ben nu dankzij een vriendin het eerste of tweede seizoen van Temptation Island aan het kijken op YouTube. Dat is fantastisch. Ik hou heel hard van reality-tv, pre-influencers. Toen was het nog rauw en puur. En plus, die hebben echt fantastische outfits! Katrien uit seizoen twee, van waar heb jij in godsnaam dat topje vandaan? Ik moet dat zoeken op Vinted!'

Wat heeft een interviewer je nog nooit gevraagd, dat je wel heel graag zou willen vertellen?
'Ik wil interviewers meestal zo min mogelijk vertellen. Jullie zijn oké, maar er zitten echt aasgieren tussen. (denkt lang na) Weet je wat eigenlijk heel raar is? Niemand vraagt mij ooit in interviews wat het laatste goede boek is dat ik heb gelezen.'

'Ik heb dus net De Speler van Dostojevski gelezen. Ik had een vooringenomenheid en een beetje een probleem met Dostojevski. Witte hetero mannen willen altijd alleen maar over Dostojevski praten. En dan vragen ze mij: heb jij daar ooit al eens van gehoord? Dan heb ik echt iets van: fuck you!'

'Maar het was dus zo een goed boek. Het was heel grappig, niet dik. Ongelofelijke personages. Het was echt aan.'

Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.

Powered by Labrador CMS