De nieuwe gezondheidsrevolutie

Metaforum brengt visietekst rond mobile health uit

30 september 2019
Artikel
Auteur(s): Benno Debals
Er breekt een nieuwe gezondheidsrevolutie aan. Mobile health en andere technologieën overspoelen de markt. Metaforum bracht afgelopen week zijn nieuwste visietekst naar voren rond.

Mijn broer loopt al een paar jaar rond met een hartslagmonitor en mijn vader heeft sedert zijn update naar een nieuwe gsm een obsessie met zijn dagelijkse tienduizend stappen. Digitale gezondheidstechnologieën (of DHT voor de specialist) zien we overal rondom ons, veelal op subtielere wijzes dan mijn vader en zijn stappenteller. Anderhalve week geleden daagde een werkgroep van het interdisciplinaire platform Metaforum op met een nieuwe visietekst over mobile health (mHealth) en DHT, en in welke mate we klaar zijn voor een nieuwe gezondheidsrevolutie. 

Een draagbaar ziekenhuis

Maar wat is mHealth of DHT nu eigenlijk precies? DHT is een algemene term die verwijst naar het gebruik van elektronische informatie en communicatiemiddelen in de gezondheidszorg. Met de term mHealth wordt meer specifiek verwezen naar het bieden van gezondheidszorg middels mobiele apparaten, computers, zakcomputers en tablets. Smart devices in het algemeen, wearables in het bijzonder. Zo bestaan er de bekende hartslagmeters en stappentellers, maar ook bijvoorbeeld emotiemeters (die stemmingswisselen observeren) of zweetmeters (die de kwaliteit van iemands zweet meten). Maar ook inslikbare apparaten of zelfs slimme toiletten zijn deel van deze nieuwe technologie.

Ook inslikbare apparaten of zelfs slimme toiletten zijn deel van de digitale gezondheidstechnologie

De conclusies die het forum naar voren schuift, hebben een brede basis. Zo stelt Chris Van Hoof, professor aan de faculteit Ingenieurswetenschappen, dat alles technologisch zeer eenvoudig is, maar dat de complexiteit vooral vanuit het algoritmische komt. Op technologisch vlak zijn de toepassingen zeer afhankelijk van omgevingsfactoren en dienen de algoritmes persoonlijk afgesteld te worden. De grootste troef bij dit soort nieuwe technologie in de gezondheidssector, is dat de metingen langdurig, continu, extern en in de thuisomgeving gedaan kunnen worden. Zo kan de zorg verplaatst worden van het ziekenhuis naar de persoonlijke context. 

Het doel lijkt een zogeheten ‘digitale tweeling’ te creëren, een digitale versie van onszelf die elk van onze gezondheidskenmerken meedraagt. Dit noemt Elisa Lievevrouw van het Centrum voor Sociologisch Onderzoek de 'Googlization of health research'. Maar door het creëren van een digitale zelf staan we bedrijven en verzekeringsmaatschappijen ook toe om aan predictive modelling (het gebruik van die informatie om mensen te profilen) te doen en dus discriminatie te vergemakkelijken.

Therapie aan huis

Een ander gevaar wordt geopperd door professor Inez Myin-Germeys van de onderzoeksgroep Psychiatrie. Zij zegt dat we moeten opletten dat onze arts niet vervangen wordt door een algoritme. Wel kan deze technologie zorg op maat faciliteren, door minder aannames te maken van een grote groep maar specifieke kenmerken van die persoon te kunnen herkennen via de continue en langdurige monitoring. Zo kan therapie ook via devices worden aangeboden wanneer patiënten die het meest nodig hebben, in plaats van op afgesproken tijdstippen, face to face therapie te volgen.

Een van de grootste problemen komt vanuit de regelgeving. Zo is de Europese legale definitie rond de medische applicaties van deze technologie nog niet genoeg op punt gesteld, aangezien apparaten ofwel binnen de klasse van fitness and well-being ofwel binnen de klasse van gezondheidszorg en medische toepassingen vallen. Op het eerste gezicht lijkt dit een duidelijke onderverdeling, maar toch is er een niet te onderschatten grijze zone. Zo kunnen hartmonitoren gebruikt worden voor sporters, maar ook voor patiënten met hartritmestoornissen zijn zulke apparaten van toepassing.

'We moeten opletten dat we onze arts niet laten vervangen door een algoritme'

Inez Myin-Germeys, professor psychiatrie

Ethisch gezien is mHealth ook niet meteen even vanzelfsprekend. Professor filosofie Ignaas Devisch van de UGent waarschuwt voor de eenvoudige toegang tot deze nieuwe technologie. Een groter aanbod betekent niet meteen meer vrijheid en hij waarschuwt ook voor het gevaar van nudging, waarbij deze technologie er doelbewust voor zou zorgen dat we ons gedrag veranderen, zij het positief of negatief.

De conclusies zijn duidelijk van verschillende aard en bestrijken een veel breder gebied dan de zorgsector alleen. Mobile health heeft duidelijk nog een lange weg af te leggen, maar de toekomst ziet er rooskleurig uit. 

De Engelse visietekst kun je integraal hier vinden. De Nederlandse samenvatting vind je hier.