Geef klimaatvluchtelingen een volwaardig, Europees statuut

Lezersbrief: Arne Bormans

05 juni 2022
Lezersbrief
Auteur(s): Arne Bormans
Of ze nu vluchten van oorlog of uit armoede, vluchtelingen domineren al jaren de Europese politiek. Het is tijd dat er ook oog is voor klimaatvluchtelingen, vindt Arne Bormans.

De aarde warmt op, droogt uit, verzilt, verarmt, radicaliseert… We hebben te maken met klimaatveranderingen. Landbouwgronden, dorpen, steden en hele regio's zijn al onderhevig aan extreme omstandigheden, die binnenkort onze hele planeet in een greep zullen houden. De impact van klimaatverandering vandaag en in de (nabije) toekomst is dan ook moeilijk te meten en in precieze aantallen weer te geven. 

Het gaat immers om een enorm uitgestrekte, ingewikkelde en wicked uitdaging. Het rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change van de Verenigde Naties (VN) vertelt ons dat 3,6 miljard mensen, of meer dan 40 procent van de wereldbevolking, in een hoogrisicogebied leven door de impact van het klimaat.

Van klimaatverandering naar klimaatvlucht

Ondertussen hebben al miljoenen mensen hun woonplaats of -gebied moeten verlaten vanwege extreme weersomstandigheden zoals onverbiddelijke droogte en allesverwoestende overstromingen. Verzilting, uitputting en vervuiling spelen een enorme rol in het aantasten van onze landbouw. Waar niet gegroeid en gegeten kan worden, wordt ook niet geleefd.

De VN gaat uit van ongeveer 250 miljoen klimaatvluchtelingen tegen 2050

Op dit moment zijn al meer dan 50 miljoen mensen gedwongen hun woonplaats te verlaten omwille van het klimaat. De VN gaat uit van ongeveer 250 miljoen klimaatvluchtelingen tegen 2050, terwijl de Internationale Organisatie van Migratie waarschuwt voor een miljard tegen dan. Die aantallen schreeuwen om de nodige aandacht en actie.

De klimaatzaak-Teitiota

De zaak-Teitiota is een duidelijk voorbeeld van de serieuze juridische beperking in de bescherming van klimaatontheemden. Ioane Teitiota en zijn gezin zijn enkelen van de slachtoffers van klimaatverandering die het water letterlijk aan de lippen stond. 

Het waterniveau is de voorbije jaren al fors gestegen, wat voor kleine eilandjes zoals Kiribati snel het einde kan betekenen. Teitiota werd na weigering door de Nieuw-Zeelandse regering teruggestuurd naar Kiribati, het eiland vanwaar hij gevlucht was, vanwege onvoldoende bewijs dat zijn situatie voldoende persoonlijk en specifiek was voor zijn familie. 

Dat argument houdt geen steek. Als die situatie ook geldt voor de rest van de inwoners van Kiribati, dan moet er juist meer aandacht gaan naar die onmenselijke situatie in plaats van de kwestie in zijn geheel te negeren.

Wanneer een persoon zoals Teitiota niet kan rekenen op de bescherming en opvang van de Kiribatiaanse regering die hij verdient na het verliezen van zijn woonplaats, wordt er snel gewezen op de verantwoordelijkheid van het land van oorsprong. In het geval van Teitiota besliste het Mensenrechtencomité dat het eiland Kiribati pas over tien of vijftien jaar helemaal onbewoonbaar zou zijn en die problemen tot dan intern opgevangen of zelfs voorkomen kunnen worden. 

De armste landen zijn vaak de grootste slachtoffers van de klimaatcrisis, terwijl hun aandeel in die crisis relatief klein is

De overheid zou ongetwijfeld in eerste instantie haar eigen burgers die ontheemd worden door natuurrampen moeten opvangen, maar wat gebeurt er als die dat niet doet? Spreken we dan nog van een klimaatvluchteling? U voelt al dat het een complexe kwestie is, ook op juridisch vlak, ondanks het bestaan van het Mensenrechtenverdrag. 

Waar blijft dat statuut?

De klimaatcrisis zal in de nabije toekomst het overkoepelende probleem zijn. Veel wereldwijde conflicten zijn intussen al veroorzaakt door de klimaatcrisis. Op dit moment kunnen mensen nog (meestal) binnen eigen land rekenen op sociale bescherming. 

Echter, wanneer er hele regio's zullen leeglopen vanwege een grote toename aan onleefbare gebieden, loopt dat helemaal in de soep. Gaan we de feiten achterna hollen en met een statuut voor klimaatvluchtelingen komen wanneer de nood het hoogst is? Of denken we nu best na om zulk statuut te implementeren, zodat we vooruit denken en kunnen bijschaven waar nodig? Het antwoord is duidelijk.

De EU en haar lidstaten hebben de verantwoordelijkheid om niet enkel (klimaat-)vluchtelingen van haar periferieën, maar ook van daarbuiten van sociale bescherming te voorzien. De armste landen zijn vaak de grootste slachtoffers van de klimaatcrisis, terwijl hun aandeel in die crisis relatief klein is. 

Het aandeel van Europa in de klimaatcrisis is daarentegen erg groot, maar net als de VS zijn we eerder geneigd meer hekken en prikkeldraad te zetten om die zelf veroorzaakte klimaatontheemding buiten onze grenzen te houden. 

Ten eerste is er daarom nood aan meer internationale solidariteit, ontwikkelingshulp en internationaal vluchtelingenwerk. Ten tweede moeten overheden hun uitgaven voor de sociale bescherming van ontheemden selectiever en doelgerichter maken. 

Beschermende dienstverlening voor migranten moet universeler moet worden, ofwel gemakkelijker bereikbaar voor degenen die hier normaal uit de boot vallen. Ten slotte is er nood aan een internationaal vluchtelingenstatuut voor klimaatontheemden, aangezien het huidig juridisch kader voor die groep nog duidelijk een slag in het water is.

Arne Bormans studeert Sociaal Werk aan UCLL, met als afstudeerrichting Maatschappelijke Advisering.