Interview Bart Swings

"Ik wil de Nederlanders kloppen op het WK"

10 februari 2016
Interview
Auteur(s): Mika Tuyaerts
Januari is voor schaatser Bart Swings niet alleen examenmaand, maar ook kampioenschapsmaand. Toch wil de Herentenaar een medaille pakken op het WK afstanden, dat op 11 februari begint.

Tijdens de examenperiode bleef je doortrainen. Hoe zag een gemiddelde dag er voor jou uit?

Bart Swings: «Meestal sta ik rond acht uur op. Na een goed ontbijt studeer ik tot tien à elf uur, waarna ik mijn eerste training van de dag afwerk. Die duurt meestal ook twee à drie uur. In de periode die daar op volgt, zou ik moeten rusten om de training te verwerken, dus dan studeer ik voor mijn examens. Dit is opnieuw een drietal uur, om vervolgens weer een training van twee à drie uur aan te vatten.»

«Na het avondeten kruip ik terug achter mijn boeken. Ik leer nooit tot extreem laat in de avond, meestal tot een uur of elf, omdat ik genoeg moet slapen. Ik heb negen à tien uur slaap nodig om de trainingen te verteren en dat haal ik dan net. De trainingen zijn dan fiets- of krachttrainingen. Als ik in Nederland ben, zijn dat schaatstrainingen.»

“Het is vooral de sociale omgang die ik wat mis”

TEAM

Kan je inzichten uit je opleiding gebruiken in het schaatsen?

Swings: «Ik ben begonnen met werktuigkunde en heb daar het vak aerodynamica gehad. Ik ben nu wel met die afstudeerrichting gestopt, maar ik vond het vak wel interessant. Het zijn dingen die ik terugzie in mijn sport, bijvoorbeeld in de opbouw van mijn schaatspak en de stoffen die daar op de verschillende plaatsen op mijn lichaam zitten.»

Welke aspecten van het studentenleven mis je het hardst?

Swings: «Ik zou meer uit willen gaan zoals elke student. Enkel in maart of april kan ik dat echt. Het is vooral de sociale omgang die ik wat mis. Omdat ik mijn studie spreid over verschillende jaren, zit ik niet meer in dezelfde groep als voordien. Ik kende in mijn eerste jaar veel volk en nu is dat geminderd.»

Naast je zilveren medaille op het EK bracht het begin van het jaar ook slecht nieuws. Stressless, de sponsor van jouw schaatsteam, stopt ermee. Wat nu?

Swings: « Het is alleszins jammer dat Stressless ermee stopt, ik heb er drie goede jaren mee gehad en hoop nu nog twee jaar te kunnen toewerken naar de Spelen met een andere sponsor. We hopen uiteraard dat er een nieuwe sponsor komt. Dat is ook goed mogelijk, want we hebben een heel goed team. We hebben medailles gereden op het EK en een Amerikaanse in onze ploeg haalt medailles op haar continent.»

Wat is het belang van een team binnen het schaatsen? Het lijkt me toch een individuele sport.

Swings: «Dat is het ook, maar trainen doe je altijd met een ploeg. Ik train veel samen met mijn Nederlandse teamgenoot Jan Blokhuijsen, net als ik een allrounder.

«Ook de sfeer in de ploeg is belangrijk. Ik ben veel in het buitenland tijdens het seizoen, dus is het belangrijk dat je een groep hebt waar je je goed in voelt. Die goede, vertrouwde omgeving is belangrijk om mooie resultaten te bereiken.»

OLYMPISCHE SPELEN

Je bent de enige bekende schaatser in België. Voel je je een ambassadeur voor je sport?

Swings: «Ergens wel. Schaatsen is een kleine sport, ik ben een van de enkelingen die het doet. Ik heb het voordeel dat dit een Olympische sport is en daarom meer media-aandacht krijgt. Zo probeer ik de sport wel wat naar voor te brengen. Afgelopen jaar had ik een minder jaar en dat zie je dan ook. Als je goede resultaten rijdt, volgt er media-aandacht.»

«Ik zie ook dat het goed gevolgd wordt. Er is op sportgebied altijd een soort van link tussen België en Nederland. Bij onze Noorderburen is schaatsen supergroot. Nu slaat dat een beetje over naar België. Op het komende WK in het Russische Kolomna hoop ik de Nederlanders dan ook eens te kloppen.»

“Ik groei in het algemeen, op alle afstanden”

Met welke verwachtingen trek je naar Kolomna na je medaille op het EK?

Swings: «Op het EK voelde ik mij raar genoeg het minst qua schaatsen tot dan. Ik had nochtans een heel goed voorseizoen, maar in Minsk vond ik mijn draai niet. Door examens had ik ook twee en een halve week niet op het ijs gestaan.»

«Voor het WK afstanden is een medaille wel het doel. Ik heb dat daar nog nooit gehaald, maar eindigde al vaak in de top 5. Veel draait er om recuperatie, want er zijn veel wedstrijden na elkaar. Eerst de 10 kilometer, de dag erna de 1500 meter, de volgende 5000 meter, dan de massastart. Als je goed recupereert van de 10 kilometer, worden je kansen op de 1500 meter een stuk groter.

Wat is het verschil tussen allround en afstanden?

Swings: «Op het WK allround worden de uitslagen op alle afstanden samengeteld en heb je dus één winnaar. Zelf ben ik vooral een goede allroundschaatser, maar sommige jongens zijn enkel gespecialiseerd in de 1500 meter of 10 kilometer. Op de Olympische Spelen is er geen allroundcompetitie. Hoe dichter de Olympische Winterspelen van 2018 komen, hoe meer ik een idee wil hebben op welke afstand ik het best kan gaan presteren op de Spelen. Zo kan ik volgend jaar, in het pre-Olympisch seizoen, de details scherper stellen.»

Heb je al een idee over de afstand waarop je gaat meedoen in 2018?

Swings: «Da’s moeilijk. Ik leg mij vooral toe op de 5 en 10 kilometer, omdat dat mijn sterke punten zijn, maar raar genoeg heb ik vooral op de 1500 meter op het podium gestaan. Ik groei in het algemeen, op alle afstanden. Op één discipline mikken wordt dus moeilijk, maar ik focus alleszins op de lange afstanden.»

Bart Swings (°1991) begon in het skeeleren, maar is sinds 2010 actief in het schaatsen. In 2013 werd hij 3de op het WK allround, in 2016 2de. Naast zijn topsportcarrière is Swings student burgerlijk ingenieur aan de KU Leuven.