Navraag: Pieter De Crem

”Handelsrelatie met Saoedi-Arabië kan herbekeken worden”

02 december 2015
Interview
Auteur(s): Karel Peeters
Crembo is niet meer. De ex-minister van Defensie vult zijn dagen als staatssecretaris Buitenlandse Handel. Dat is opnieuw een hot topic. Ook Crembo stelt zich vragen over handel met het Midden-Oosten.

Wat is de economische impact van de terreurdreiging voor België?

De Crem: «Enerzijds is er de directe, zichtbare impact. Wanneer je naar dreigingsniveau 4 gaat, heeft dat direct gevolgen voor de winkels in Brussel. Als dat een tijd duurt, heb je een vermindering van de consumptie.»

«Het langdurige gevolg hangt af van de evolutie van de dreiging. Het zou kunnen dat de prille economische groei die we hebben gekend, wordt afgetopt. Als de consumptie dan een stuk vermindert, is de vraag of die zich nog zal hernemen in de eindejaarsperiode. Maar het zal sowieso een impact hebben op psychologisch niveau.»

Voelen we nog altijd de gevolgen van de economische sancties tegen Rusland?

De Crem: «Enkele sectoren zijn toen hard geraakt. Maar dat was een heel select groepje: de land- en tuinbouwsector. Ik heb toen ook hard meegewerkt aan de zoektocht naar nieuwe afzetmarkten. Die hebben we gevonden. Daarnaast was er ook de solidariteit en de oproep aan de Belgische bevolking: eet meer appelen en peren!»

«Het effect van de sancties is nu grotendeels geneutraliseerd. De sector was voldoende flexibel. Belangrijk detail: België is niet energie-afhankelijk van Rusland, waardoor we weinig van de retorsies (de tegenmaatregelen van Rusland als reactie op de sancties, red.) van Rusland hebben gevoeld.»

OP DE KNIEËN

De ene markt sluit, een andere gaat open. Wat is de toekomst voor handel met Iran?

De Crem: «Er is pas een diplomatieke missie geweest door Didier Reynders (minister van Buitelandse Zaken, red.) en mezelf. Het betrof nog geen echte handelsmissie, maar eerder een eerste verkenning na het nucleair akkoord.»

«In Iran is er een nieuwe politieke realiteit na dat nucleair akkoord. Het akkoord is onder voorwaarden gesloten, voorwaarden die de overheid in Teheran stap voor stap moet volgen om te kunnen genieten van bepaalde opheffingen van bepaalde sancties. Andere sancties blijven nog altijd bestaan.»

“De relaties met Saoedi-Arabië zijn het resultaat van een hele geschiedenis”

Vanwaar de doorbraak?

De Crem: «Iran is eigenlijk op zijn knieën gedwongen door mindere inkomsten op olie. Dit maakte een aantal noodzakelijke investeringen onmogelijk. Nu zoeken ze kapitaal en transfers in technologie, in ruil voor hoogopgeleide mensen. Belgische bedrijven hebben historisch gezien altijd goede banden gehad met Iran, zelfs in de vorige eeuw tot aan de revolutie.»

«Veel van onze bedrijven zijn daar tot op het laatste moment actief geweest. Nu hebben de Iraanse overheden nood aan kapitaal om te investeren in chemie, landbouw, communicatie, enzoverder. Iran is een markt die zeer veel potentieel heeft. Het feit dat er veel Europese landen ook handelsmissies hebben ingesteld, bewijst dat.»

In hoeverre denkt de regering na over handel met Saoedi-Arabië en de mogelijkheid dat we indirect terrorisme financieren?

De Crem: «Saoedi-Arabië is een belangrijke handelspartner voor België. Ik ben er zelf nog niet op handelsmissie geweest. Ik stel wel vast dat er nu veel te doen is omtrent wapenleveringen, ook door partijen die tijdens de goedkeuring van diezelfde wapenleveringen in de meerderheid zaten. Dit betekent niet dat de bestaande handelsrelatie niet kan herbekeken worden in functie van gegevens die te maken hebben met mensenrechten.»

«Zoals de relaties met Iran deel uitmaken van een erfenis, zijn de relaties met Saoudi-Arabië ook het resultaat van een hele geschiedenis. Ik denk dat het nu meer te maken heeft met interne machtsverhoudingen op het Arabische schiereiland.»

«Er zijn ook nog andere landen waar mee wij relaties hebben die genoemd worden in dossiers met betrekking tot een mogelijke financiering van terrorisme. In België behoort de bevoegdheid voor wapenexport volledig tot de deelstaten. Dat is een tough job, een afweging te maken tussen het economisch belang en de politieke realiteit.»

TOTALE VERNEDERING

Vandaag lijken sommigen terug fan van Defensie. Is er een verandering in de geesten?

De Crem: «Ik heb meegeschreven aan het regeerakkoord en dat stelt dat het budget voor Defensie moet stijgen. Dat was omdat iedereen wist dat te veel bespaard was. We zijn nu een jaar verder en ik vrees dat het uitdoofscenario waar men de facto inzit, niet meer kan worden gekeerd. Tenzij men resoluut kiest voor een totaal andere aanpak, die verder gaat dan gewoon te zeggen: we verminderen met een vijfde en daarna gaan we verdubbelen.»

«Dat is onhaalbaar en ongeloofwaardig. De vraag is: waar zal men de middelen halen? Ik zie op dit moment niet dat de beslissing, die is genomen om Defensie op de periode van één legislatuur het budget te doen besparen, kan herroepen worden. En als ze al herroepen wordt zal dat gedeeltelijk zijn. Maar de oriëntaties en posities zijn al ingenomen en dat is een enorm spijtige zaak.»

“Ik vrees dat het uitdoofscenario voor Defensie niet meer kan gekeerd worden”

Kan het tij nog gekeerd worden?

De Crem: «Tenzij men de middelen alsnog zou vinden, zie ik geen mogelijkheid tot verandering. Maar men mag ook niet de illusie koesteren dat, zelfs wanneer men minder zou investeren, er niet eens een moment zal zijn wanneer men lid van de NAVO wenst te blijven de NAVO een factuur stuurt en België een storting moet doen om lid te mógen blijven.»

«Wat is het beste? Zelf investeren of gedwongen worden tot een soort storting om aan het minimum te voldoen? Dat laatste zou een totale vernedering zijn.»

U heeft al meermaals een lans gebroken voor de Benelux als lid van de G20. Vanwaar dat idee?

De Crem: «Ik heb dat al een paar keer geopperd. Dat is geen nieuw idee. Ik eis het vaderschap daar niet van op. Als ik zie hoe groot de economische relevantie is van de Benelux op wereldniveau, als ik zie dat we veel performanter zijn dan veel economieën in de G20 vandaag, waarom zouden we dan geen lid kunnen worden van die groep? Ik denk dat we daar ook zeker een bijdrage kunnen leveren.»