Primeur: interview met Luc Sels over zijn 'visionair' beleidsplan

Het (niet zo) geïntegreerd beleidsplan van de rector is goedgekeurd

26 April 2018
Interview
Vanaf heden, bijna een jaar na Luc Sels' verkiezing als nieuwe rector, is het geïntegreerd beleidsplan vrij raadpleegbaar voor alle geledingen van de universiteit. De rector licht zijn plannen toe.

Het geïntegreerd beleidsplan van de rector is de Academische Raad, de iure het belangrijkste beslissingsorgaan van de KU Leuven, gepasseerd. Vanaf heden is het plan vrij bereikbaar voor alle geledingen van de universiteit. Sels licht zijn plannen toe.

Het plan is - om het met een understatement te zeggen - ambitieus. Het honderd pagina’s tellende document richt zich op vijf werven: internationalisering, activerend onderwijs, duurzaamheid, educatieve technologie en interdisciplinariteit. Maar op heel wat essentiële aspecten, zoals het studenten-, diversiteits en onderwijsbeleid, is het nog steeds wachten.

Waarom ontbreken belangrijke aspecten van het beleid in het plan?

‘Wij hebben er bewust voor geopteerd om alle functionele bevoegdheden uit het geïntegreerd plan te houden. Deze beleidsplannen komen er nog aan. Maar dit zijn plannen die in het logische verlengde liggen van wat nu al gaande is. We willen de universiteit besparen om bijvoorbeeld alweer een nieuwe onderwijsvisie te moeten accepteren, aangezien de faculteiten en opleidingen momenteel nog bezig zijn met de vorige visie te implementeren. Het is dus een kwestie van continuïteit.’

‘Ik heb het al eens een visionair plan genoemd. Als je dat zelf zegt, klinkt dat wellicht arrogant. Maar het komt erop neer dat de vijf projecten die we nu gedefinieerd hebben, ambitieus zijn in die zin dat ze doelstellingen op de lange termijn vastleggen.’

'We hebben als engagement van de faculteiten gevraagd om voldoende middelen in te zetten in de omkadering van professoren'

Herindeling academiejaar

Die aspecten hebben nochtans ook repercussies op het studenten- en onderwijsbeleid, maar er wordt niet verduidelijkt hoe precies. Zo stelt ‘future oriented education’ een kalenderhervorming voor.

‘Er was een brede vraag op de Academische Raad om te verduidelijken wat de zuivere kalendervoordelen van een hervorming zijn, los van de voordelen verbonden aan activerend onderwijs. Ik wilde geen fors standpunt formuleren, om de werkgroepen die nu bezig zijn geen zuurstof te ontnemen. Maar wij willen als GeBu (Gemeenschappelijk Bureau, de facto het belangrijkste beslissingsorgaan van de KU Leuven, red.) wel benadrukken dat we ten volle achter een aanpassing staan.’

‘Wat het moeilijk maakt, is dat de studentenvertegenwoordigers - met de klemtoon op ‘vertegenwoordigers’ - niet te vinden zijn voor een kalenderaanpassing. Dat betreur ik omdat wat nu voorligt juist een unieke kans is om de positie van de student en het onderwijs op de voorgrond te plaatsen.’

De Academische Raad en de Raad van Bestuur hebben het plan goedgekeurd. Welke elementen stootten op protest?

‘Dat hangt echt af van luik tot luik. Bij internationalisering ligt de mogelijke impact op het Nederlands als instructietaal hier en daar gevoelig. Educatieve technologie werd dan weer omarmd. Duurzaamheid werd zelfs op applaus onthaald omwille van de kwaliteit van het plan.’

‘Het plan rond interdisciplinariteit, bijvoorbeeld het oprichten van interdisciplinaire instituten, komt soms bedreigend over voor op de faculteiten. Daar is een gezonde discussie over geweest. We wilden ook een deel van de onderzoeksgelden inzetten op bepaalde thema’s. Maar daarvoor bleek het water te diep. Dat kun je niet forceren, dus dat doen we ook niet.’

'Wat altijd ontbrak bij onze MOOCs - en nu ga ik een heel vuil woord gebruiken - is een businessmodel'

'Maar goed, elke implementatie komt nog terug naar de Academische Raad voor goedkeuring. Bovendien moeten al de voorstellen uit het beleidsplan nog worden vertaald in operationele nota's waarbij goed rekening gehouden moet worden met haalbaarheid.'

Wat de implementatie betreft, willen jullie voor de activerende werkvormen geld vrijmaken voor de ondersteuning van de faculteiten en stafmedewerkers en experten zouden daarbij moeten helpen. Is er voor activerende werkvormen in een aula van 800 man niet vooral nood aan extra onderwijzend personeel?

‘Die vraag gaat uit van een stereotiep beeld op activerend onderwijs. Wij willen geen kleine groepen met voortdurende interactie opdringen, maar vooral op niveau van het programma als geheel voldoende diversiteit in activerende werkvormen voorzien.’

‘Voor het ene vak impliceert dat meer permanente evaluatie of oefenzittingen, voor het andere kan dat het aanbieden van de leerstof via digital content met een Q&A tijdens de colleges. Dat hoeft niet voor alle vakken, maar actief leren kan in vele programma's zeker nog meer plaats krijgen.'

‘Om die hervorming mogelijk te maken, bieden we de faculteiten en opleidingen nu bijkomende middelen voor de omkadering van de opleidingen en de professoren. Maar voor de concrete invulling, willen we de dialoog met de faculteiten aangaan.'

'Wat ik beperkend vind aan het Vlaamse model is dat onze logica van democratisering altijd sterk gericht is op inclusie van wie een achterstand heeft'

Digitalisering

Educatieve technologie wint dus aan belang. Hoe ziet dat “proeven” er in de praktijk dan uit?

‘We willen inzetten op MOOCs (Massive Open Online Courses, leertrajecten die via een online tool kunnen doorlopen worden en waarna bij afronding een credit kan worden behaald, red.). Volgens edX scoren de MOOCs die we op hun platform hebben al heel goed. Maar wat altijd ontbrak de voorbije jaren - en nu ga ik een heel vuil woord gebruiken - is een businessmodel.’

‘Die MOOCs willen we nu gaan implementeren in MicroMasters. Je zou bij een aantal masteropleidingen, zoals European Studies, drie vakken kunnen aanbieden in digital content. Externe gebruikers die deze MOOCs vervolledigen via het platform of ons online examencentrum, verkrijgen credits voor die opleidingsonderdelen.’

‘Als ze zich dan inschrijven voor het complement van het programma, moeten ze die drie vakken niet meer afleggen. Dat creëert ruimte om op exchange te gaan, of een internship te doen.’

Toledo moet bovendien een learning education platform worden. Dat zijn heel ambitieuze plannen. Nochtans kunnen de huidige projecten rond digitalisering, zoals de Study Tracker App, maar op weinig steun rekenen. Hoe rijmt u dat met elkaar?

‘Je moet snappen dat het beleidsplan nog geen stappenplan bevat. Stap één, wat Toledo betreft, is docenten aanzetten om de mogelijkheden die het al bevat ook daadwerkelijk te gebruiken. De commentaar is vaak dat Toledo outdated is, maar dat is omdat veel docenten niet weten welke technologie al ingebouwd is of ze te weinig gebruiken.’

‘Stap twee is een volledige leeromgeving maken op basis van de huidige mogelijkheden rond machine learning en artificial intelligence. Zo kun je veel complexere oefeningen en leeromgevingen aanbieden dan een simpele multiple choice. Maar daarvoor moet die software worden ontwikkeld, en de inhoud gecreëerd en geëvalueerd. Dat moet dus gradueel worden opgebouwd.’

'Een plichtvak Global Citizenship zorgt ervoor dat we alle studenten het belang van duurzaamheid kunnen meegeven'

Sustainability

In het kader van duurzaamheid, wil de universiteit niet alleen zelf vergroenen, maar ook een vak ‘Global Citizenship’ aanbieden rond Sustainable Development Goals, megatrends en uitdagingen voor de toekomst. Idealiter een plichtvak, staat er te lezen.

‘Ja, daar werd al met bezorgdheid op gereageerd door verschillende decanen. Nog een plichtvak (naast Wijsbegeerte en Religie, Zingeving & Levensbeschouwing, red.) in het curriculum inschrijven ligt moeilijk. Een tweede optie is het aanbieden van online modules die proffen kunnen implementeren in hun lessen.’

‘We kunnen het ook aanbieden tijdens een Fresher’s Week (het plan rond een oriënteringsweek voor eerstejaars, red.). Maar wij zouden zo’n week graag in grote mate in handen geven van de studentenkringen.’

‘Een plichtvak is aantrekkelijk. Hoewel studentenevenementen zoals We The Future heel lovenswaardig zijn, bereiken zij nog steeds maar een beperkt studentenpubliek, dat eigenlijk al overtuigd is van het belang van duurzaamheid. Wij willen ook die andere studenten die boodschap meegeven.’

Internationalisering

De internationalisering van de universiteit is prominent aanwezig in het plan. Is daar dan zo’n grote nood aan?

‘We zitten nu met ongeveer 10.000 internationale studenten, dat is best veel. Om niets te doen rond internationale marketing is dat zelfs een ongelooflijk resultaat. Toch integreren deze studenten moeilijk. Dat ligt bijvoorbeeld aan het feit dat studentenkringen vaak enkel in het Nederlands communiceren. Bij sommige wordt wel aandacht besteed aan internationals, maar die functioneren meestal ook als aparte werking.’

‘Daarnaast is er een te beperkt aanbod aan Engelstalige bachelorprogramma’s. Momenteel heeft de gemiddelde Nederlandstalige bachelorstudent aan onze universiteit slechts 5% van zijn opleidingsonderdelen in het Engels. De marge is dus groot. Zelfs als we dat aandeel zouden verviervoudigen, kun je onmogelijk spreken van een verengelsing van het hoger onderwijs.’

Het taaldecreet staat een uitbreiding van het aantal Engelstalige bachelors nu in de weg. Hoe wilt u over deze barrière heen?

‘Via een gezonde dialoog. Daar heb ik veel geduld voor, ik besef ook dat dat morgen niet geregeld zal zijn. Maar misschien moeten we die piste van een versoepeling van de regelgeving ook helemaal niet volgen? Het lijkt haalbaarder om zelf een lespakket samen te stellen waar de regering een uitzondering voor kan toekennen.’

‘Zo voorkom je een lang en verlammend debat in het Vlaams Parlement over de ondermijning van het Nederlands. Als wij een tweede en derde anderstalig bachelorprogramma kunnen aanbieden, bijvoorbeeld in Brussel, ben ik al gelukkig.’

'Diversiteit gaat voor mij niet over verschillen in paspoorten of migratieachtergrond, wel over culturele verschillen in perspectieven op bepaalde thematieken'

Diversiteit

U lijkt internationalisering ook te zien als een middel om diversiteit te boosten.

‘Diversiteit gaat voor mij niet alleen over verschillen in paspoorten of migratieachtergrond, maar ook over culturele verschillen in perspectieven op bepaalde thematieken. Zo zal continentaal Europa deze eeuw misschien vrij weinig effect ondervinden van de opwarming van de aarde, terwijl de gevolgen in pakweg Bangladesh heel hard zullen aankomen.'

‘Het gaat me dus om een verschil in beleving, waarbij we elkaar kunnen verrijken. Diversiteit in de zin van ‘meer Vlamingen met een migratieachtergrond’ op de universiteit krijgen, dat zit in het plan Diversiteitsbeleid dat er nog aankomt. Voor mij is dat eigenlijk gescheiden, maar tegelijkertijd ook niet.’

‘Tegelijkertijd ook niet’, zegt u. Wat is dan de link tussen internationalisering en diversiteitsbeleid? Het zou geïnterpreteerd kunnen worden als een excuus om niet meer te moeten inzetten op dat laatste aspect.

‘Lees je dat ergens dan? Diversiteitsbeleid zit gewoon niet in het geïntegreerd beleidsplan.’

Maar u zegt dat die twee niet los staan van elkaar.

‘Het staat ook niet los van elkaar. Ik denk dat de drempel voor minderheden in België kleiner wordt als het ingebed is in een universiteit waar sowieso veel diversiteit aanwezig is, ook culturele en religieuze diversiteit.’

‘Zo is de studentenmoskee een plek waar beide gemeenschappen zich sterk vermengen. De verwelkoming van studenten met een migratieachtergrond wordt net makkelijker omdat we via de internationale gemeenschap een veel breder palet van het culturele leven hier kunnen aanbieden.’

Onze universiteit kent een probleem van inclusie, bijvoorbeeld van jongeren met een migratieachtergrond. Uw internationaliseringsplan lijkt juist meer te willen inzetten op het elitaire Oxford-model en verwijst expliciet naar de kinderen van expats en diplomaten. In hoeverre leidt dit dan tot democratisering voor die eerste groep?

‘Ik ben vanuit mijn discipline veel bezig met inclusie in de samenleving en op de arbeidsmarkt. Wat ik beperkend vind aan het Vlaamse model, is dat onze logica van democratisering altijd sterk gericht is op inclusie van wie een achterstand heeft.’

‘Dat is absoluut noodzakelijk, maar ik vind dat we verwelkomend moeten zijn ten aanzien van alle studenten - ook onze topstudenten. Ik zie geen enkele reden waarom we niet én verwelkomend kunnen zijn ten aanzien van pionierstudenten met een specifieke socio-economische achtergrond, én ten aanzien van internationale families die onze economie hier recht houden en verrijken.’

Analyse van een aantal kernpunten

  • Internationalisering

Sels heeft er tijdens zijn verkiezing nooit geheim van gemaakt in te willen zetten op een ambitieuzer internationaal profiel. Hij wil dus een breder anderstalig aanbod, samenwerkingen met andere topuniversiteiten opschalen en een aantrekkelijk alternatief worden voor de kinderen van expats en diplomaten die België rijk is door haar vele internationale organisaties. Ook internationale academici moeten als onderzoeker meer voor gaan KU Leuven kiezen.

Daarvoor kijkt hij niet zelden naar universiteiten uit de anglosaxische wereld zoals MIT. Het plan krijgt daarmee soms een elitair kantje. Dat wordt des te problematischer wanneer diversiteit en internationalisering in één adem worden genoemd. Het is nog afwachten hoe het plan Diversiteitsbeleid dit zal opvangen.

  • Activerend onderwijs

Het onderdeel 'future oriented education' is kort en lijkt vooral een aantal punten van het verslag van de werkgroep Herindeling Academiejaar over te nemen. De studentenvertegenwoordigers - notoir tegenstander van een dergelijke hervorming - lieten zich al kritisch uit over het feit dat de zwaktes en 'objectieve nadelen' niet werden opgenomen in het plan.

  • Duurzaamheid

De universiteit wil zelf vergroenen en daarvoor worden een heel aantal vernieuwingen, zoals e-bikes, voor ingezet. Opvallend is het voorstel voor een (verplicht) vak Global Citizenship, dat studenten een gevoeligheid voor duurzaamheid moet aankweken.

  • Educatieve technologie

KU Leuven gaat volop inzetten op digitalisering. Dit zou ook baat hebben voor de andere aspecten van het plan, zoals de internationaliseirng en het activerend onderwijs. Achter de huidige MOOCs komt een businessmodel, die ook het pad effenen voor MicroMasters: wie de (publiek beschikbare) MOOCs binnen een bepaalde opleiding succes heeft afgerond, kan vrijstellingen krijgen voor de corresponderende vakken van een aantal masters. Wie ook het complementaire deel afrondt, kan zo dus makkelijker een diploma van de KU Leuven verwerven.

  • Interdisciplinariteit

Het plan wil interdisciplinaire instituten oprichten. Dit punt ligt momenteel gevoelig bij de faculteiten omdat het in het vaarwater van hun autonomie zou kunnen komen.