ILP sluit inhoudelijk en esthetisch sterk af

Recensie: slotavond van 44e editie van Babylons Interuniversitaire Literaire Prijs

05 mei 2021
Recensie
Auteur(s): Haike Delafontaine
'Taal is wat ons verbindt', aldus dichteres Esohe Weyden. Op de 44e editie van Babylons Literaire Prijs ontbrak het evenmin aan rakende inhoud, met taal als voornaamste bindmiddel.

Door technische problemen liet de slotavond van Babylons Interuniversitaire Literaire Prijs even op zich wachten, maar daar kraaide natuurlijk geen haan naar, want de online video zou niet meer dan een uurtje van onze tijd in beslag nemen. Voor het tweede jaar op rij slaagde de organisatie erin om ons vanop afstand – in ons eigen vertrouwde kot of bubbel – te laten genieten van een rijkelijk gevulde literaire avond.

In tegenstelling tot de vorige editie mochten de winnaars binnen elke categorie dit jaar wél hun literaire parels voorlezen. Als het gaat over de manier waarop ze dat deden, dekt het woord ‘subliem’ ongeveer de lading. De vormgeving, de look and feel, van de online video was overigens stukken beter dan die van vorig jaar. Beelden, stemmen en muziek volgden elkaar haast vlekkeloos op.

De zinnenprikkelende synergie die hieruit voortvloeide, was een streling voor het oog en oor. De weinige aanvankelijke bemerkingen, smolten hierdoor als sneeuw voor de zon. Een handvol tik- en schrijffouten in de ondertiteling, waarop Bastiaan De Groote, de man achter de graphics, ons al attent maakte via zijn sociale media zijn bij dezen met veel plezier vergeven.  

Buiten je moedertalige comfortzone

Onderzoekster Warda El-Kaddouri nam als eerste spreker het woord, na een korte begroeting door de organisatoren Manon Cremers en Hanne Vandeweyer. El-Kaddouri is zelf meertalig en heeft onder andere onderzocht hoe religie en identiteit vorm krijgen in de teksten van schrijvers met een migratieachtergrond. Met zo’n profiel en kennis was ze zonder twijfel de meest geknipte persoon om de categorie Anderstalig aan te kondigen. En wie die mening niet deelt, tja, die deelt die mening gewoon niet.

El-Kaddouri wees op het specifieke talent dat sommige schrijvers in staat stelt een nieuwe werkelijkheid te creëren buiten de comfortzone van hun eigen moedertaal

El-Kaddouri haalde aan hoe een schrijver op basis van eenzelfde inhoud toch twee totaal verschillende kunstwerken kan creëren naargelang de taal die hij of zij hanteert. Verder wees zij expliciet op het specifieke talent dat sommige schrijvers in staat stelt een nieuwe werkelijkheid te creëren buiten de comfortzone van hun eigen moedertaal.

Volgens de leden van de jury slaagde Mara van Herpen, studente Literatuurwetenschap aan de Universiteit Utrecht, daar het beste in met haar pakkende gedichtenreeks River/Sticks. Haar werk stak met kop en schouders boven dat van andere deelnemers uit, door een bruisende, gewaagde mix van spanning en intertekstualiteit enerzijds en de kunde om het delicate evenwicht te bewaren tussen eenvoud en complexiteit anderzijds.

Aïda Verstraeten en Jonathan Hoebeke, beiden student aan de KU Leuven, moesten het onderspit delven met een gedeelde tweede plaats.

Jury wil más van Mas 

De tweede spreker van de avond was voormalig laureaat Jens Meijen, inmiddels doctorandus aan de KU Leuven en lid van de kernredactie van Dietsche Warande & Belfort. Na zijn debuutbundel Xenomorf heeft hij intussen ook een roman, De lichtjaren, op zijn palmares staan.

Alvorens een fragment uit zijn debuutroman met ons te delen, stak hij aspirant-schrijvers nog even een hart onder de riem door hen aan te sporen om hun werk naar literaire tijdschriften op te sturen. 

Vervolgens kregen we de namen van de laureaten uit de categorie Proza te horen. De hoofdprijs ging naar Tobias Santens, masterstudent beleidseconomie aan de KU Leuven. Mas kon de jury bekoren met zijn talrijke gedurfde wendingen en onverwachte metaforen, alsook het originele onderwerp dat Santens aansneed werd geprezen. 

Muilen op een praalwagen

Zelden klonk een ‘one-muil-stand’ op een niet nader genoemde massabijeenkomst me zo sensueel in de oren. De beelden die we tijdens de voordracht te zien kregen, toonden hoe de voeten van een onbekend persoon zich een weg doorheen enkele verlaten straten baanden, en dat allemaal op het ritme van de tekst. De samenhang van woord en beeld werkte op die manier geleidelijk, enigszins metaforisch, naar een climax toe. 

Afgelopen nacht was de setting van mijn dromen voorbehouden aan veel te kleine duplexappartementen en lesbische karaokebars in de Brusselse hoofdstad. Het was allemaal nogal verrassend homo-erotisch getint. Begrijpe wie begrijpen kan.

Je hoeft niet per se taal- en letterkunde of woordkunst te studeren om een geslaagde gooi te doen naar de hoofdprijs

Arseny Pogorilyak, taal- en letterkundestudent aan de UAntwerpen, en Ellen D’Hoore, masterstudent Westerse Literatuur aan de KU Leuven, slaagden erin om met hun teksten Op de markt en Zweet en melk en tranen respectievelijk de tweede en derde plaats te bemachtigen. Of die teksten later ook de contouren van mijn suggestieve dromen zullen bepalen, is nog even afwachten. Enkel de winnaars kregen namelijk de eer om hun geesteskind voor te dragen.

Liefde voor taal x 50 

Tijdens het laatste intermezzo droeg Esohe Weyden, campusdichteres van de UAntwerpen, met ongelooflijk veel charme en présence drie gedichten uit haar oeuvre voor. Zij liet rake, geëngageerde inhouden spreken door middel van een klare, heldere taal en ritmisch klankspel.

Zij sprak onder andere over haar liefde voor taal en het cruciale belang ervan als middel om verbondenheid en verzoening tussen mensen te realiseren. Daarnaast bracht ze ter ere van Internationale Vrouwendag een ode aan alle inspirerende en intrigerende vrouwen.

Vooraleer de juryleden konden bepalen wie zij tot de laureaten van de categorie Poëzie zouden bekronen, moesten zij zich eerst over maar liefst vijftig inzendingen buigen. Dat maakte deze laatste categorie meteen ook de meest populaire van de hele wedstrijd. Volgens de jury waren de gekozen laureaten bereid om risico’s te nemen binnen (of buiten) de lijnen van hun poëzie, en wisten zij zich daardoor te onderscheiden van de andere deelnemers.

De LoveTester op spelletjes.nl

'Kathleen van K3 liet me zien dat // mensen je zacht toefluisteren je nooit te vergeten // en het vervolgens toch doen // dat de LoveTester op spelletjes.nl foute beloftes maakt // ik – Kathleen: 86% // ik – warme aarde: 90%'

Met dit citaat uit het eerste gedicht, Lycantropie, van de winnende poëziereeks Heim van Ella Bronder ontpopte zij zich probleemloos tot mijn favoriet van de avond. De jury dacht er blijkbaar ook zo over. 

Als masterstudente pedagogische wetenschappen en orthopedagogiek heeft zij andermaal, na de winst van Tobias Santens in de categorie Proza, bewezen dat je niet per se taal- en letterkunde of woordkunst moet studeren om een geslaagde gooi te doen naar de hoofdprijs van Babylons Interuniversitaire Literaire Prijs.

De werken Knut en Sealife Blankenberge vervolledigden Bronders reeks. De leden van de jury konden haar gedichten op zijn minst gezegd wel pruimen, omwille van hun originaliteit, coherentie, humor en Bronders durf om de stem van de underdog te verwoorden. Ze namen zelfs de woorden "slimme poëzie" in de mond om naar het herkenbare en eigentijdse karakter van de teksten te verwijzen. En ik, ik blijf maar denken aan ingeslikte batterijen, steriele naalden en een badkuip die vroeg of laat zal overlopen.

Wat betreft de invulling van deze avond is niet over een nacht ijs gegaan

De tweede en derde prijs gingen respectievelijk naar Sixtine Bérard, student Kunstwetenschappen aan de UGent, en Luca Duyvendak, student woordkunst aan het Koninklijk Conservatorium te Antwerpen. De poëziereeksen Koolmijnkanarie en Wegens omstandigheden bezaten net dat ietsje minder pit in de vorm van rake punchlines, waar Heim zo rijk aan is.

Een inhoudelijk sterk verhaal

Meer dan vorige jaren het geval was, slaagde de organisatie van Babylons Interuniversitaire Literaire Prijs erin om inhoudelijk een sterk verhaal neer te zetten, met verwondering, verbinding en een podium voor minderheden en underdogs als rode draad. De samenstelling van de jury en de sprekers getuigde bijvoorbeeld van zeer bewuste, eigentijdse keuzes van de organisatoren met diversiteit, jong talent en kunde als voornaamste criteria. 

Ook de naadloze afwisseling tussen poëzie en proza van de bovenste plank, intellectueel uitdagende intermezzo’s en good practices van de juryleden voor schrijvers die naast de prijzen vielen, sterkten mij in de overtuiging dat er wat betreft de invulling van deze avond niet over één nacht ijs gegaan is.

Een kleine bedanking naar Kring Babylon – en Manon Cremers en Hanne Vandeweyer in het bijzonder – is dus zeker op zijn plaats. De presentatie had af en toe wat enthousiaster gekund, maar het is uiteraard niet altijd even evident om via het digitale medium te presenteren wanneer je als organisator de winnaars liever met een écht publiek voor je neus had willen aankondigen.

Dat er achteraf geen receptie plaatsvond waarop zij samen met hun gasten het glas hadden kunnen heffen op een geslaagde afloop, de vrucht van een jaar hard werken, speelt daar wellicht ook een kleine rol in. Kortom, we mogen er niet te zwaar aan tillen. Het was wederom een geslaagde editie.