'Na Kamp Waes ging ik op missies in mijn slaap'

Interview met Joni Ceusters, alumnus aan KU Leuven

23 februari 2020
Interview
Auteur(s): Joanna Wils , Hilke Pattyn
Joni studeerde vorig jaar af aan de KU Leuven en bracht Kamp Waes tot een goed einde. 'Het was de ideale manier om mezelf beter te leren kennen.'

In het VRT-programma Kamp Waes werden vijftien Vlamingen aan tests van de Special Forces onderworpen. Na acht dagen bleven slechts vijf kandidaten over. 

Hoewel de proeven de kandidaten zowel op fysiek als mentaal vlak uitdaagden, werden ze voornamelijk op basis van hun fysieke capaciteiten geselecteerd. Joni's voorliefde voor sport was daarbij zeker een troef.

Welke rol speelde sport in je jeugd?
Joni Ceusters: 'Als klein manneke had ik altijd al te veel energie. Ik was nooit bang voor de punten op mijn rapport, maar wel voor de commentaar, omdat ik niet kon zwijgen of stilzitten. Als ik thuiskwam van school, was ik meteen weer weg. Ik heb veel sporten gecombineerd en heb uiteindelijk met één sport verder gedaan: reddend zwemmen'

Vanwaar die specifieke keuze?
'In zwemmen ben ik altijd het best geweest. Maar op mijn veertiende trainde ik soms iedere dag; dan word je dat zwembad beu. Ik hoorde dat er bij reddend zwemmen meer variatie was en heb geprobeerd mij voor het Europees Kampioenschap voor junioren te plaatsen. Zo kreeg ik de smaak te pakken.'

'Een paar jaar geleden ben ik redder geworden. Later heb ik ook nog een extra opleiding gevolgd om docent-redder te worden.'

Aan de universiteit ging je een andere richting uit. Hoe ben je tot de richting Industrieel Ingenieur gekomen? 
'Ik heb in dit gebouw (de Universiteitshallen, red.) aangeschoven om mij in te schrijven voor Sport- en Bewegingsleer. Net voor ik bij het loket was, begon ik weer te twijfelen en ben ik naar huis gegaan. Ik had interesse in kinesitherapie, maar was bang dat ik snel van gedachten zou veranderen. Met een diploma Industrieel Ingenieur op zak hoopte ik nog verschillende kanten te kunnen opgaan.'

Vanwaar de keuze om deel te nemen aan Kamp Waes

Ik vond Kamp Waes vooral interessant omdat ik wist dat ik het maar één keer zou kunnen meemaken. In het zwemmen ben ik al vaak diep gegaan tijdens trainingen, maar Kamp Waes leek mij nog iets anders. Een andere manier van kraken. De ideale manier om mezelf beter te leren kennen.'

Dus je zoekt dat breekpunt actief op?
'Dat is echt interessant. Je kan altijd beweren dat je een doorzetter bent, maar je weet het pas als je tot dat breekpunt gedreven bent. Op het kamp had ik de hele tijd angst dat ik zou moeten opgeven.'

Hoe heb je je fysiek voorbereid?
'Als ik naar gelijkaardige programma's uit het buitenland keek, zag ik dat die mannen extreme afstanden moesten afleggen, met veel kans op blessures. Als zwemmer heb je daar amper last van. Daarom ben ik veel gaan lopen en fitnessen. We wisten tien weken op voorhand dat we mochten deelnemen, in die tijd heb ik van vijf kilometer opgebouwd tot dertig kilometer. Ik wist natuurlijk niet of dat effectief genoeg ging zijn.'

Komt er bij die confrontatie van de eigen grenzen geen frustratie boven drijven?
'Jawel. Het is moeilijk wanneer het kopke verder wil, maar het lichaam niet meer. Bijvoorbeeld voor het geval dat je echte letsels oploopt. Wanneer je in een bepaalde prestatie de grenzen van je lichaam opzoekt, kan je het ver drijven. Tot dat letsel, vanaf dan heb je het niet meer in de hand.'

'Je weet pas dat je een doorzetter bent als je tot dat breekpunt gedreven bent'

Vooraf vreesde je voor de impact van het gebrek aan slaap en eten op je fysieke capaciteit. Hoe draaide dat uit?

'We hebben maar zestien uur geslapen op die acht dagen, maar eigenlijk had ik daar relatief weinig last van dankzij de adrenaline. Tijdens een observatie-oefening merkte ik de effecten wel. We moesten alles noteren wat we zagen, maar er gebeurde niets. Toch stond mijn blad vol met aantekeningen over mensen die in een boom klommen. Door het gebrek aan slaap begon ik te hallucineren. Dat was wel eng.'

Op een gegeven moment heb je een jerrycan tegen je rug gekregen. Toen botste je niet alleen fysiek, maar ook mentaal op je limieten. Toch ben je verder gegaan.
'Dat was het einde van de fysieke fase, ze wilden ons volledig kraken. We hadden al veertig uur niet meer geslapen. Dan begint een mentaal gevecht. Je hebt echt geen zin meer, maar ergens weet je toch dat je verder kan. Het competitiebeestje wil dan niet opgeven.'

Dat mentale aspect kwam vooral in de gijzeling aan bod. Op een bepaald moment was het voor jou genoeg geweest.
'De aflevering was veel zachter dan de realiteit. De eindverantwoordelijke van de VRT vond dat het niet getoond kon worden zonder er het 16+-etiket op te plakken. Op voorhand hadden ze niet gedacht dat er zo'n jonge kijkers zouden zijn. Daarom hebben ze de aflevering drie keer herwerkt.'

'Onze handboeien werden extra hard aangeduwd, en er werden steeds meer klappen uitgedeeld. Alles ging in een stroomversnelling. Toen David flauwviel, werden wij in een hoekje geduwd zodat we zeker niets zouden zien. Xander begon als een kind te wenen. Ik had er ook echt genoeg van.'

'Ik wilde niet opgeven, maar ik dacht wel dat we gezamenlijk konden rechtstaan en beslissen om naar de volgende opdracht over te gaan. Dat had natuurlijk nooit gewerkt, maar op dat moment leek dat in mijn hoofd logisch. Ik ben wel blij dat ik terug ben gaan zitten. Anders waren we wellicht getrakteerd geweest op een emmer koud water. (lacht)'

‘De VRT wilde de aflevering niet tonen zonder er 16+ van te maken'

Speelde het groepsgevoel een grote rol in die beslissing om toch verder te gaan?

'Ja, Xander en Aaron gingen er niet in mee. Als je zo'n statement wil maken, sta je enkel sterk als je er samen voor gaat. Ik ben blij dat zij op dat moment het verstand hadden om te blijven zitten. Xander wou mij echt in het programma houden. Als je mensen samen door de hel stuurt, ontstaat er echt een band. Op de eerste dag ben je nog blij als je niet tussen de afvallers zit, dan ben je met je eigen prestatie bezig. Tegen het einde denk je puur als groep.'

Schuilt de kracht van de Special Forces in dat groepsgevoel?
'Ja. Die mannen leven drie weken lang samen op tien vierkante meter. Ze vormen één grote familie. Zo'n hecht team kom je niet snel tegen.'

Wat is het effect op de groep wanneer iemand moet vertrekken?
'We werden continu geëvalueerd. Zodra je onderaan de ranglijst terechtkomt, maakten ze je het alleen maar moeilijker. Mathieu werd echt geviseerd. Hij kreeg al die informatie door de vermoeidheid gewoon niet verwerkt. We begrepen de beslissing van de Special Forces, maar het bleef balen dat hij moest vertrekken. Hij was op dat moment mijn beste makker. In programma’s die om winnen draaien, ligt dat waarschijnlijk anders. Dat maakte Kamp Waes speciaal.'

'Achter mijn computerscherm dacht ik terug aan schietoefeningen in het bos'

Het systeem van de poids morals, waarbij je als straf extra gewichten meekrijgt, maakte het steeds moeilijker voor de zwakkeren. SF-Operator Fly noemt dat een soort natuurlijke selectie. Dat staat haaks op de gangbare opvattingen in onze maatschappij.

'Ze wilden echt dat je met een schuldgevoel rondliep als je slecht had gepresteerd. Als je in een natte rugzak van dertig kilo nog extra stenen bij moest steken, dan doe je er alles aan om dat niet nog eens mee te maken. Fly gaf je een laatste kans om te tonen dat je het aankon. Bleef je slecht presteren, dan moest je eruit. Zo vinden ze uiteindelijk de mensen die een beetje geschift zijn. Mensen die koste wat kost doorzetten: dat is de mentaliteit die ze zoeken.' 

Hoe draag je de hele belevenis nu nog mee?
'De eerste week na Kamp Waes heb ik heel woelig geslapen. Ik had geen nachtmerries, maar ging simpelweg op missies in mijn slaap. Volgens de psychologen die ons begeleidden was dat volkomen normaal. We waren volledig uit onze comfortzone gehaald en vervolgens zaten we van de ene op de ander dag weer thuis. 's Nachts sloeg mijn fantasie dan op hol.' 

'Nu denk ik dagelijks nog aan Kamp Waes in positieve zin. Ik heb tijdens het programma veel geleerd, voornamelijk over doorzettingsvermogen. Het had voor mij zelfs nog wat langer mogen duren. Ik had graag nog een paar extra ervaringen gehad. Die acht dagen veranderen je echt.'

'Mensen herkennen mij nu ook vaak, op straat en op café. Het lijkt wel of ik heb een nieuwe achternaam gekregen: "van Kamp Waes".'

'Door het gebrek aan slaap begon ik te hallucineren'

Je bent net afgestudeerd als Industrieel Ingenieur. Hoe heeft de hele belevenis je toekomstplannen beïnvloed?

'In dat programma voelde ik mij - in tegenstelling tot op de schoolbanken - echt op mijn plaats. Dat maakte het moeilijker om te gaan werken als ingenieur. Ik viel weer van het ene uiterste in het andere. Achter mijn computerscherm dacht ik terug aan de schietoefeningen in het bos. Dan begin je twijfelen over wat je eigenlijk wil. Ik vind het wel fijn dat ik als ingenieur kan uitspelen waarvoor ik heb gestudeerd, maar daarnaast wil ik een alternatieve uitdaging zoeken. Ik leg nu testen af om me aan te sluiten bij de vrijwillige brandweer.'

Zou je overwegen om bij de Special Forces te gaan mocht anonimiteit geen rol spelen?
'Voor je daar binnen geraakt moet je drie jaar binnen Defensie werken en dat is voor veel mensen een grote stap. Je mag zeker het sociale aspect niet onderschatten: je bent gemiddeld tien maanden per jaar weg van huis; dat vind ik te veel. Mochten die twee zaken anders liggen, dan zou ik het overwegen, want die mannen hebben echt een mooie job.

Heb je nog contact met de andere deelnemers?

'Ja, we spreken elkaar nog dagelijks via WhatsApp. Vooral tussen de vijf laatste overblijvers is de band speciaal. We gaan naar jobdagen van Defensie en kunnen het niet laten om samen nieuwe uitdagingen te zoeken. We gaan samen een Spartacus-run lopen en willen proberen om de Mont Blanc in één dag op en af te gaan. Laat ons hopen dat het lukt, want als je op de berg zit, moet het gewoon lukken. (lacht)'

Tijdens de blok zijn er veel memes gemaakt over het programma. Is die periode en Kamp Waes vergelijkbaar?
'Ik moest daar altijd hard mee lachen. Het is leuk dat het tijdens de blok is uitgezonden, omdat het over tegenslagen en afzien gaat. Of dat echt vergelijkbaar is? De graad van mentale dipjes kan even zwaar zijn, maar het doel is helemaal anders.'